Oekraïne kan zich sluiting Tsjernobyl niet veroorloven

ROTTERDAM, 22 OKT. Het besluit van het parlement van Oekraïne om de drie resterende kernreactoren van Tsjernobyl in bedrijf te houden, en niet zoals was aangekondigd voor het eind van dit jaar te sluiten, is eerder logisch dan verbazingwekkend. Het is nu eenmaal zo dat ook in Oekraïne het licht uitgaat als daar in één keer alle kernreactoren gesloten worden. Het land heeft er 39 in gebruik en samen wekken die, in de winter, 30 à 40 procent van de benodigde elektriciteit op.

Ondanks het feit dat nu net de zogeheten RBMK-reactoren (de grafietgemodereerde, watergekoelde reactoren van het type Tsjernobyl) een ongunstige naam hebben gekregen, tonen Westerse deskundigen zich niet extra verontrust over het in bedrijf houden van juist deze reactoren. Het Westen dringt al geruime tijd aan op sluiting of vergaande modernisering van álle oude Sovjet-reactoren, de drukwaterreactoren (VVER's) incluis.

De genoemde RBMK's, die de voormalige Sovjet-Unie, na wat vingeroefeningen, in een omvangrijk programma vanaf het begin van de jaren zeventig in gebruik nam zijn nooit naar landen buiten de unie geëxporteerd en zelfs voornamelijk in de Russische Federatie zelf terechtgekomen (bij St. Petersburg, Smolensk en Koersk). Buiten Rusland vindt men ze alleen in Litouwen en in Oekraïne.

Het voornaamste tekort van de Sovjet-reactoren was, en is, dat ze niet, zoals de meeste Westerse reactoren, werden omhuld door een gasdichte betonnen koepel (de "containment') die bij een ongeluk gasvormige radioactieve splijtingsprodukten kan binnenhouden. Bovendien ontbreekt de stringente scheiding in veiligheidssystemen die in het Westen gebruikelijk is en blijft ook de brandbeveiliging ver achter.

Al te veel reden voor een plotselinge ongerustheid is er nu ook weer niet. Sinds het ongeluk van 26 april 1986 is er een intensieve uitwisseling geweest van nucleaire kennis tussen Russische en Westerse kernenergiedeskundigen en inmiddels zijn ook al diverse verbeteringen aangebracht. Men kan daarbij bedenken dat het ongeluk van 1986 niet voortvloeide uit een ontwerpfout van de RBMK-reactor maar het gevolg was van een riskant experiment, na het jaarljkse onderhoud, waarbij de geldende veiligheidsvoorschriften genegeerd werden.

Toch kan het verbazing wekken dat men de drie reactoren van Tsjernobyl in bedrijf houdt terwijl men daarvoor dagelijks langdurig in de omgeving van de gedeeltelijk gesmolten reactor vier moet zijn. De vier reactoren waren aangesloten op één gemeenschappelijke turbinehal (dezelfde waarin in oktober 1992 ook nog eens brand uitbrak) en de afstand tot reactor vier zal dus geregeld minimaal moeten zijn. Inderdaad kan het beton van de zware sarcofaag die in grote haast over de vernielde reactor is aangebracht de straling uit de gesmolten kern afdoende afschermen, maar dan moet die sarcofaag wel intact blijven. De laatste tijd neemt de angst toe dat dat niet het geval is. De hitte die de vernielde reactorkern nog afgeeft verwarmt het beton tot een waarde die de mechanische eigenschappen ervan beginnen aan te tasten en de vrees bestaat dat het dak van de sarcofaag vroeg of laat naar beneden komt.

Een verzoek van de regering van Oekraïne om voorstellen te doen voor een verbetering of vervanging van de sarcofaag leverde begin dit jaar een stroom aan voorstellen op waarvan een Frans voorstel (om een uit een soort Lego-blokken op te bouwen nieuwe sarcofaag over de oude te plaatsen) de hoogste ogen gooit. Uitvoering van het plan zal zeker vertraging oplopen door de geweldige kosten die er mee gemoeid zijn.

De aandacht die er nu opeens weer is voor de oude Sovjet-reactoren drukt het Westen met de neus op het feit dat de honderden Westerse miljoenen die voor verbetering van de reactoren zijn vrijgemaakt (vooral EG-steun, maar ook diverse bilaterale projecten) vooral in studieprojecten zijn gaan zitten. Een Nederlandse nucleaire deskundige wijst erop dat betrokkenheid van concerns als Siemens en Framatome bij concrete aanpassingen voorlopig afketste op onzekerheden over de aansprakelijkheid voor de gevolgen van mogelijk nieuwe ongelukken met de reactoren.