Voor Polen is NAVO belangrijker dan EG

Ondanks bedenkingen van de Russische president Jeltsin tegen uitbreiding van de NAVO in oostelijke richting laten Tsjechië, Slowakije, Polen en Hongarije zich niet afbrengen van hun grote wens. “Zonder uitbreiding is de NAVO ten dode opge- schreven”, zegt de Poolse defensiespecialist Jerzy Milewsky in dit tweede deel van een serie over de NAVO en het Oosten.

WARSCHAU, 21 OKT. Toen begin deze maand bekend was geworden dat de Russische president Jeltsin een brief aan NAVO-leiders had geschreven waarin hij zijn bedenkingen uitsprak tegen een eventueel lidmaatschap van Oosteuropese landen van de NAVO, was het alsof er plotseling een ijzige windvlaag uit het oosten binnenwoei, een vlaag die herinnerde aan de tijden van weleer, de tijden van de "beperkte soevereiniteit'.

De Tsjechische premier, Václav Klaus, zei het gevoel te hebben dat “Rusland op het ogenblik vooral moet zorgen het eigen huis op orde te krijgen” en dat het “voor die kant niet het juiste moment is voor buitenlands-politieke activiteit”. Een Poolse diplomaat liet weten dat “buitenlandse mogendheden zich niet moeten bemoeien met het vermogen van de Poolse regering om buitenlandse politiek te bedrijven”.

Maar de snelste, felste en minst diplomatieke reactie op Jeltsins brief kwam eigenlijk van Aleksander Kwasniewski, de leider van de SLD, de opvolger van de communistische partij. Niet dat de SLD zich in de verkiezingscampagne nu zo'n fervent voorstander van een Pools NAVO-lidmaatschap had betoond, maar Kwasniewski, die een belangrijke rol zal spelen in het komende Poolse kabinet, was gewoon kwaad. “Er is niets ergers in de politiek”, zo zei hij al op 1 oktober in een radio-interview, “dan een gebrek aan consistentie. Je kunt niet in Warschau het ene zeggen, en dan in Moskou iets geheel anders.”

Met die uitspraak leek de Pool zijn geloofsbrieven aan te bieden aan iedereen die bedenkingen mocht hebben tegen het feit dat de SLD, vroegere communisten immers, regeringsverantwoordelijkheid gaat dragen.

Het standpunt van Kwasniewski was vooral belangrijk om de geloofwaardigheid van de SLD als coalitiepartner te onderstrepen tegenover president Walesa, de man die in veiligheidsaangelegenheden het laatste woord in Polen heeft. Jerzy Milewski, secretaris van het Poolse Nationale defensiecomité en hoofd van het bureau voor nationale veiligheid (en in die hoedanigheid een van de naaste adviseurs van de president), gelooft dat de komst van links in de regering geen gevolgen zal hebben voor de Poolse buitenlandse en veiligheidspolitiek. Hij denkt dat de veranderingen in het algemeen “minder ingrijpend” zullen zijn dan hier en daar wordt gevreesd.

Wat betreft een toekomstig NAVO-lidmaatschap blijft het Poolse standpunt dat dat niet alleen belangrijk is voor de betrokken Midden- en Oosteuropese landen, maar cruciaal voor de veiligheid van heel Europa en voor het voortbestaan van de NAVO zelf. “We zien de NAVO niet als een liefdadigheidsinstelling die ons een veiligheidsparaplu schenkt zonder dat daar iets tegenover staat”, zegt Milewski. “Als wij lid worden leveren we een bijdrage die de veiligheid van de hele NAVO verhoogt.”

Milewski vreest dat als de NAVO niet zou worden uitgebreid met de Midden- en Oosteuropese landen, de verdragsorganisatie ten dode is opgeschreven. “De bestaansreden van de NAVO, de dreiging uit het Oosten, is weggevallen. De publieke steun wordt daarom steeds minder. Het zou zeer gevaarlijk en tragisch zijn als de NAVO zou verdwijnen, en ze zal verdwijnen als ze niet heel Europa gaat omvatten. De NAVO van vandaag moet meer instinct voor zelfbehoud krijgen en dat versterken, zo zien wij dat. Stap voor stap moeten alle landen, ook Bulgarije, de Baltische staten en later ook de Oekraïne, lid worden”, vindt Milewski.

Een aantal NAVO-leden lijkt overigens wel begrip te hebben voor het argument dat de Russen zich geïsoleerd zouden voelen als voormalige Warschaupactlanden lid worden van de NAVO. Maar dat is een onzinnig argument, vindt Milewski. “Het NAVO-gebied eindigt bij de Rio Grande, maar voelt Mexico zich bedreigd door de NAVO? Of Zweden, of Zwitserland? Het maakt niet uit waar je land ligt, als je maar vreedzame betrekkingen met je buren wilt hebben. Alleen als je bedoelingen agressief zijn, krijg je moeilijkheden.”

Milewski is ervan overtuigd dat de NAVO niet kan blijven zoals ze is. “Ze was gericht op het tegenhouden van een Sovjet-aanval en op het eventueel voeren van een wereldoorlog. De tijd van confrontatie tussen de grote blokken is voorbij en de NAVO moet nu een rol spelen van stabilisator van de situatie. Er is geen aanvallende partij meer, maar nu het Sovjet-imperium in elkaar is gestort blijft het nog wel nodig te voorkomen dat het wordt herbouwd. De Oosteuropese landen moeten niet in de steek worden gelaten en een makkelijk doelwit vormen voor krachten die het Sovjet-imperium weer willen opbouwen.”

Het NAVO-lidmaatschap heeft voor een land als Polen volgens Milewski zelfs een hogere prioriteit dan het lidmaatschap van de Europese Gemeenschap. “Lidmaatschap van de NAVO zou niet alleen ons eigen gevoel van veiligheid verhogen, maar het zou ook buitenlandse investeerders een gerust gevoel geven: het zou een soort garantie zijn, waardoor het aantrekken van investeringen en daardoor de ontwikkeling van de economie dus gemakkelijker zouden worden.” Bovendien, zo betoogt Milewski, is het eenvoudiger om te voldoen aan de voorwaarden van het NAVO-lidmaatschap, dan aan die van de EG. “Voor de NAVO hoeft alleen te worden voldaan aan politieke en militaire voorwaarden, het voldoen aan de economische voorwaarden van EG-lidmaatschap kost veel meer tijd.”

Milewski betreurt het dan ook dat de NAVO de voorwaarden waaraan een nieuw lid zou moeten voldoen nog steeds niet precies heeft gedefinieerd. “Daar wachten we al op sinds we in ons vorig jaar gepubliceerde rapport over de Poolse veiligheidspolitiek de noodzaak om lid van de NAVO te worden als "strategisch doel van Polen voor de jaren '90' hebben toegelicht.”

Intussen werkt Polen er zelf hard aan de oude Warschaupact-structuren te vervangen door een defensie-organisatie zoals die bij de NAVO bestaat. Prof. Antoni Kaminski, een van de directeuren van de afdeling strategische studies van het Poolse ministerie van defensie: “Er is een hele reeks hervormingen doorgevoerd, zowel in het leger als in het ministerie van defensie. Eén van de doelen is om de strijdkrachten onder controle te brengen van de civiele instellingen, zoals het parlement. In dit instituut bijvoorbeeld bestaat bijna de helft van het personeel uit burgers, de anderen zijn militair.”

Veel Poolse officieren, vooral natuurlijk de jongere, worden naar NAVO-cursussen gestuurd, aan het NAVO-defensiecollege in Rome, of naar de SHAPE-school in Oberammergau. Dat gebeurt in het kader van de Noordatlantische Samenwerkingsraad (NASR), het samenwerkingsverband dat enkele jaren geleden is opgericht om de vroegere communistische landen vertrouwd te maken met de NAVO-filosofie.

“Het is een weg,”, zegt Kaminski, “om stap voor stap de relaties te versterken.” Daarnaast zijn er veel bilaterale contacten: tussen Polen en de Duitse deelstaten Pommeren en Brandenburg, er staan gezamenlijke oefeningen op het programma met Duitsland, Denemarken, de Benelux-landen. Verder zijn tweeduizend Poolse militairen betrokken bij verschillende vredestichtende activiteiten in NASR- of VN-verband.

De veranderingen in het leger verlopen overigens langzamer dan gewenst doordat de defensiebegroting voor het grootste deel is bestemd voor de betaling van salarissen en pensioenen. “We moeten veel uitrusting en wapensystemen veranderen en dat kost enorm veel geld”, zegt Kaminski. “Tegelijkertijd willen we naar een beroepsleger, wat ook geld kost. De bedoeling is om de defensiebegroting te verhogen van twee naar drie procent, dus met vijftig procent. Maar dat zal alleen kunnen als de Poolse economie een aangehouden groei van ongeveer vier procent van het BNP per jaar kan handhaven.”

De Westerse defensie-instellingen bevinden zich, zo geloven de Poolse gesprekspartners, in een overgangsperiode. De relatie tusse de NAVO en de WEU is hun bijvoorbeeld onduidelijk. Polen is erin geïnteresseerd om van beide lid te worden, als deel van de “herintegratie in Europa”. Kaminski: “Binnen dit decennium moeten we in staat zijn om het niveau van betrokkenheid bij de NAVO te verhogen en een nauwe relatie te krijgen.” Van de in januari volgend jaar te houden NAVO-top verwachten de Polen dan ook dat er “serieuze aandacht” zal worden geschonken aan ten minste de “integratie van de Visegrád-landen” (Polen, Tsjechië, Slowakije en Hongarije).

Binnen die groep bestaat nu al een “behoorlijke hoeveelheid samenwerking” om hun gemeenschappelijk streven naar NAVO-lidmaatschap op elkaar af te stemmen. “We coördineren onze politieke standpunten, onze politiek op het gebied van uitrusting en bevoorrading, er zijn regelmatige ontmoetingen van de ministers van defensie, uitwisseling van informatie”, vertelt Kaminski. “De mensen van het militaire district Kraków hebben goede contacten met hun collega's aan de Slowaakse kant van de grens en hetzelfde geldt voor die van het Silezische district met de Tsjechen.”

Maar zou de NAVO met de Visegrád-landen niet een potentieel lastig duo, Slowakije en Hongarije, in haar gelederen krijgen, landen die voortdurend met elkaar in conflict zijn over de sterke Hongaarse minderheid in Slowakije en anderzijds over de milieugevolgen van de bouw van de Gabcikovo-dam in de Donau? Kaminski is daar niet zo bang voor: “Het merkwaardige is dat dat soort conflicten bij militairen helemaal geen rol speelt. Bij ontmoetingen tussen militairen van die landen is van spanning helemaal niets te merken. Om broederschap onder de mensen te vinden kun je kennelijk beter terecht bij militairen dan bij diplomaten.”

    • Frits Schaling