RINNOOY KAN

Het voorbeeld waarmee de heer Rinnooy Kan zijn verhandeling over de Nederlandse milieunormen opent (NRC Handelsblad van 19 oktober) is malicieus en misleidend.

In zijn pleidooi om het milieubeleid weg te halen bij de politiek en over te dragen aan "externe deskundigen', haalt de VNO-voorzitter de "smog' aan om te laten zien dat "het met de milieuhygiënische normstelling soms droevig is gesteld'. Toen Commissarissen van de Koningin in 1989 voorstelden tijdens smogperiodes het autoverkeer stil te leggen, waren VNO en NCW er als de kippen bij om uit te leggen dat dit slecht zou zijn voor de economie. Rinnooy Kan verkneukelt zich er nu over dat de ondernemers achteraf gelijk kregen van de minister. In zijn logica ontbreekt echter een essentiële schakel.

Smog ontstaat op windstille zonnige dagen door een fotochemische reactie van luchtvervuiling met zonlicht. Op dat moment is bewegen in de buitenlucht uit den boze, en mensen met aandoeningen aan de luchtwegen kunnen maar beter binnenblijven. Stilzetten van het autoverkeer helpt niet meer, omdat het proces van smogvorming nog enkele dagen doorgaat.

De enige remedie die een regering hiertegen heeft is vooruitzien. De overheid zou door strakke normstelling de luchtvervuiling moeten laten dalen tot beneden het schadelijke niveau. Met als logische consequentie dat het autoverkeer veel harder moet worden aangepakt, juist op de niet-zonnige, niet-windstille dagen. Iedereen die consequent zijn auto-met-chauffeur verruilt voor de fiets of het openbaar vervoer, draagt daartoe zijn steentje bij. Dat inzicht is op de achterbank van de VNO-leasewagen echter nog niet doorgedrongen.

    • Harrie Lindelauff