De brasserie van Anouk Aimee

Wie in Nantes gezien wil worden, begeve zich naar brasserie La Cigale, een van de fraaiste voorbeelden van Art Nouveau-etablissementen in Frankrijk. Er is ook veel te zien in La Cigale (de krekel), een begrip in deze discrete havenstad, zoals de restaurants Bofinger of La Coupole dat in Parijs zijn.

La Cigale is een monument uit een tijdperk toen de zeldzame deugd van de vrolijkheid in Frankrijk in ere was. Tegelijkertijd is de springlevende brasserie de smaakvolle huiskamer voor de uitgaande wereld in Nantes.

Zoals in vele Franse steden kende het welvarende Nantes talrijke etablissementen die aan het eind van de vorige eeuw in de "Modern Style' (men is hier dicht bij Engeland) werden opgetrokken. De bombardementen in de Tweede Wereldoorlog hebben in Nantes vrijwel alle sporen aan de "Belle Époque' uitgewist. Alleen brasserie La Cigale die op 1 april 1895 op nummer 4 van de Place Graslin werd geopend en toen al werd begroet als een getuigenis van goede smaak "de hoofdstad van een groot land waardig', herinnert nog aan deze periode.

Sinds 1964 is de brasserie dan ook officieel historisch monument: de architectuur, de mozaïeken, de tegels, de lampen, het textiel op de muren, de pastorale schilderingen, de felle kleuren, kortom de gehele inrichting is tot in de kleinste details een indrukwekkend Art Nouveau-monument van lokale kunstenaars. Maar wat La Cigale vooral zo aantrekkelijk maakt is dat het nog steeds een "gewone' brasserie is waar men smakelijk gerechten van de cuisine bourgeoise traditionelle kan genieten tegen verrassend schappelijke prijzen.

La Cigale ligt tegenover het theater Graslin aan het gelijknamige plein en serveert, net als vroeger, tijdens het toneelseizoen soupers na afloop van de voorstellingen. In het begin van de eeuw ging een Nantais van goede afkomst altijd alleen naar La Cigale, getuigde de schrijfster Geneviève Dormann, want er waren louter "actrices en allerlei soorten gourgandines (prostituées), danseuses, cocottes en theatreuses'. Op de bar stond een pendule die met welluidende slagen aangaf wanneer de artiesten voor de volgende scène op moesten komen.

In de zestiger jaren ging het bijna mis met La Cigale. De in Nantes geboren filmer Jacques Demy maakte nog in 1961 de film "Lola', met Anouk Aimee in de hoofdrol als de ster van het cabaret Eldorado. Drie jaar na Demy's eerbetoon aan de brasserie veranderde een nieuwe eigenaar het établissement in een zelfbedieningsrestaurant. De magnifieke houten bar werd met formicaplaten aan het gezicht onttrokken. Met de aanwijzing tot historisch monument voorkwam André Malraux, schrijver en tevens De Gaulle's minister van Cultuur, verdere verloedering.

In 1982 besloten de huidige twee eigenaren "de krekel weer te laten zingen'. Met financiële steun van onder meer het Ministerie van Cultuur werd La Cigale zorgvuldig gerestaureerd. De bar keerde terug, het decor uit 1900 werd gerenoveerd en de "charme ontwaakte opnieuw' aldus de auteurs van een gedenkboek dat in 1991 het licht zag. Daarin is een foto opgenomen van de familie Démy aan de eettafel, een scène uit een andere film, "Jacquot de Nantes' van Agnès Varda (1990). Dertig jaar na de opnames voor "Lola' is dit een eerbewijs aan de krekels in tutu op de muren die al een kleine eeuw voor de bezoekers dansen.

    • Jan Gerritsen