Blinde darm weghalen via laparoscopie is net zo zwaar als operatie

De chirurgie heeft de afgelopen paar jaar dankzij de endoscoop een stormachtige ontwikkeling doorgemaakt.

Vroeger was voor het verwijderen van bijvoorbeeld de galblaas een snee van wel 15 tot 20 centimeter lang nodig. Nu volstaan vier kleine gaatjes van elk hooguit een centimeter. Door die gaatjes worden een endoscoop (een buis met een miniatuur televisiecamera) en instrumenten naar binnen gebracht. Bij de galblaas zijn de voordelen van zo'n endoscopische buikoperatie (laparoscopie) duidelijk: er is een kleinere wond, minder bloedverlies, er volgt sneller herstel en het resultaat is cosmetisch fraaier door een kleiner litteken. De traditionele open buikoperatie is hier dan ook praktisch geheel verdrongen. Sinds kort zijn er ook chirurgen die een ontstoken blinde darm met de laparoscopische techniek opereren. Het is nog maar de vraag of dat evenveel voordelen biedt als bij de galblaasoperatie, want de ouderwetse blinde darmoperatie is weinig belastend (een minimaal sneetje volstaat!) en complicaties komen er nauwelijks voor.

Tegenstanders van de laparoscopische chirurgie vinden dat deze techniek veel te lichtvaardig wordt toegepast. Bij laparoscopische operaties zouden gemakkelijk onnodige complicaties ontstaan. De techniek zou daarom pas mogen worden toegepast na een grondig onderzoek. Eén groep patiënten zou met de klassieke open chirurgie moeten worden behandeld en de andere groep met laparoscopische chirurgie. Daarna zouden de resultaten vergeleken moeten worden. Er zijn echter veel chirurgen die een dergelijk onderzoek onethisch vinden: de laparoscopische chirurgie is volgens hen zoveel beter dat het onaanvaardbaar is om patiënten op de ouderwetse manier te behandelen. Dat is natuurlijk een prima argument om geruisloos steeds meer open operaties door de laparoscopische techniek te vervangen.

Toch zijn er nog wel onderzoekers die zich eraan wagen de oude open en de nieuwe laparoscopische operatietechniek te vergelijken. Onderzoekers van de Chinese University of Hong Kong behandelden 140 patiënten met een ontstoken blinde darm zijn óf op de traditionele manier óf met de laparoscoop geopereerd (The Lancet, 11 sept). Welke operatie de patiënten kregen werd door het lot bepaald. De operaties werden gedaan door chirurgen in opleiding die werden bijgestaan door een ervaren arts. Er werd doelbewust niet gekozen voor meer ervaren artsen; een nieuwe techniek is tenslotte pas goed als alle chirurgen hem uit kunnen voeren. Het moet natuurlijk niet zo zijn dat alleen virtuozen ermee overweg kunnen.

In beide gevallen bleken even veel (of liever gezegd even weinig) complicaties voor te komen: in iedere groep hadden 7 patiënten extra-behandeling nodig. In 20% van de gevallen moest de laparoscopische operatie echter alsnog worden omgezet in een open operatie, omdat de blinde darm met de laparoscoop niet te vinden was of omdat de omgeving te zeer ontstoken was om goed te kunnen kijken. Verder duurde de laparoscopische operatie gemiddeld ongeveer een half uur langer (70 minuten tegen 45 minuten). De patiënten herstelden even snel: in 3 tot 4 dagen. Na drie weken was bij beide groepen driekwart van de mensen weer aan het werk. De resultaten van beide operaties zijn dus vergelijkbaar, maar de kosten van een laparoscopische ingreep lagen duidelijk hoger door de langere duur van de operatie en de duurdere apparatuur.

Een argument voor een laparoscopische operatie zou nog kunnen zijn dat bij een verkeerde diagnose - de blinde darm blijkt dan geheel normaal - de operatie beperkt kan blijven tot een klein sneetje. Vooral bij vrouwen gebeurt het nogal eens dat afwijkingen aan de baarmoeder of de eileiders verward worden met een blinde darmontsteking. Een blinde darmoperatie is echter - ook op de ouderwetse manier - maar een kleine ingreep en dan maakt het nauwelijks meer uit of de blinde darm al dan niet verwijderd wordt; de patiënt staat immers toch al onder narcose.

    • Bart Meijer van Putten