Ajax voetbalt noodgedwongen tegen natuur in

AMSTERDAM, 21 OKT. Schutteren, stuntelen, struikelen en zwoegen hoort niet bij Ajacieden. Het zijn uitingen van wanhoop die hogeschoolvoetballers misstaan. Die daarom afkeuring, ergernis en zelfs plaatsvervangende schaamte bij hun aanhangers oproepen. Zo zwak te spelen, zo anti-Ajax, en toch nog te winnen van een modale club als Besiktas Istanbul dan vraagt zelfs om respect. Het zou kunnen betekenen dat de Ajacieden van nu zowaar een overwinning kunnen afdwingen waarop ze nauwelijks recht hebben.

Dat is de verdienste van de Ajacieden die gisteravond het veld betraden en met 2-1 wonnen van Besiktas. Op de manier van Feyenoord voetballen én winnen, dat zal weinig Ajax-aanhangers aanspreken. Maar in een overwinningsroes rest slechts de herinnering aan het goede. In tijden van nood, als de vorm - en dus het zelfvertrouwen - om onverklaarbare reden bij zowat alle spelers verdwenen is, blijken de Ajacieden van nu zich over deze tegenslag heen te kunnen zetten. Dan ontbreekt het hun zelfs niet aan geluk. Want het scheelde niet veel of Ajax had een ontluisterend resultaat moeten ondergaan tegen Besiktas.

Trainer Louis van Gaal had zich er de afgelopen dagen, na de nederlaag tegen FC Twente in de competitie, al over opgewonden. Hij had zichzelf in een lichte vorm van paniek al afgevraagd hoe je Ajacieden ervan kunt doordringen dat er meer van voetballers gevraagd wordt wanneer ze willen winnen. Dat Ajacieden de schoonheid van het voetbal prefereren boven de lelijkheid, dat ze de zin van systemen en automatismen doorgronden en dat ze weinig weerstand hebben - sommigen zelfs na al die jaren onderworpen te zijn aan de Ajax-discipline, dat is bekend.

Van Gaal moest daags na het échec tegen Twente schoorvoetend toegeven dat het Ajax ontbreekt aan persoonlijkheden. Spelers die voorgaan in de strijd. Spelers die durven te werken zonder daarbij het schaamrood om hun kaken te krijgen. Spelers die vloeken en tieren op hun medespelers, wanneer deze fouten maken. Spelers die op emotie voetballen, die gif in hun lijf hebben. Spelers die na afloop in de kleedkamer elkaar eens flink de waarheid zeggen. Van Gaal gaf toe dat hij eigenlijk de enige is die zijn mond "open doet'.

Er zijn diverse methoden om sportmensen te prikkelen, om ze te provoceren, om conflictsituaties uit te lokken. Maar Van Gaal lijkt in navolging van Cruijff en Beenhakker bijna zover om te constateren dat het bijna geen zin meer heeft. Je kunt de zwakke mentaliteit van deze generatie als oorzaak aanwenden, maar dat zou een zwaktebod zijn. Van Gaal houdt het er maar op dat in de zo geroemde Ajax-opleiding met al die trainers, docenten en computerbestanden te weinig aandacht is besteed aan het kweken van weerstand. Het oude verhaal: jeugdelftallen die elke week fluitend met 10-0 winnen.

De manier waarop Rijkaard zondag tegen Twente om een gele kaart vroeg, wordt in voetbalkringen onprofessioneel genoemd. Zoals hij tegen de scheidsrechter liep te mekkeren. Maar het gaf wel aan dat Rijkaard emotie toonde. Weliswaar frustratie, maar dat hij gif in zijn lijf heeft. Zo voetbalde Rijkaard gisteravond ook tegen Besiktas. Zo onverschillig als hij buiten de strijd lijkt, zo fel, vechtlustig is hij erbinnen. Hij gaf de anderen het goede voorbeeld. En hij scoorde de belangrijke gelijkmaker.

Het getuigt van opportunisme spelers te verwijten dat ze niet in vorm zijn. Maar vorm laat zich niet definiëren. Het heeft iets met gevoel te maken, met bioritme, met het Hollandse klimaat, met vallende bladeren, met privé-omstandigheden, met de altijd terugkerende vraag of het allemaal wel zin heeft. Met twijfels. Als je dan toch nog ongeschonden door zo'n gemoedstoestand heenkomt, toch nog gemakkelijk wint, dan kan bij de eerste de beste tegenslag de wereld zich tegen je keren. Dan moet er gevochten worden.

Zoiets plaagt de Ajax-selectie. Zoiets plaagt Van den Brom, die vol verwachting van Vitesse werd gekocht, Finidi en Litmanen, de sterren van het eerste competitie-uur. Zodra deze spelers zich niet meer staande kunnen houden, dan dalen volgzame types al gauw naar het niveau van amateurs. Zoveel ellende, zoveel misverstanden, dan mag Van Gaal heel tevreden zijn dat Ajax nog met 2-1 won van Besiktas. Nou, dat was hij ook. “De overwinning is een compliment waard. Je kunt een overwinning afdwingen, zoals Duitsers en Engelsen.” En Feyenoord, voegde hij er later aan toe.

Ajax miste Overmars, die pas dinsdagmorgen durfde te zeggen dat hij al een week last had van een blessure. “Daar zal hij van leren”, zei Van Gaal. Ajax miste Petersen, Oulida, Van Vossen, maar vooral Davids. Zo'n gifkikker die door roeien en ruiten gaat. Zo een als Vink, vorig jaar, die durfde zijn keeper uit te schelden als deze niet uit zijn doel kwam. Ajax miste Bergkamp. Maar dat is een oud verhaal.

Dat Besiktas zijn beste wedstrijd buitenshuis speelt, mocht als bekend worden verondersteld. Dan stellen de spelers van de Engelse trainer Milne zich massaal voor het strafschopgebied op om de aanvallen te smoren en dan zo snel mogelijk met drie, vier, soms vijf spitsen naar voren te rennen. Riza, Mehmet, Oktay, Sergen en vooral Feyyaz waren, gesteund door een uitstekende balvaardigheid, voortdurend de opvallend slecht wendbare Ajax-verdedigers te snel af.

Doodstil was het in het stadion, wanneer de talrijke Turkse aanhangers zwegen. Ja, toen Hajduk Split zich in het laatste half uur naar de slachtbank liet voeren, toen werd er wel gezongen dat Ajax de beste ter wereld was. Maar deze avond was het vaak lang stil. Zo geschrokken, zo beschaamd voelde heel Amsterdam zich toen Mehmet vlak voor rust zomaar alleen op doelman Van der Sar afging, hem fraai passeerde en scoorde. Zo opgelucht reageerde de aanhang bij 1-1 en tien minuten voor tijd bij 2-1. Toen durfden ze weer te zingen. Om weer geschokt te zwijgen toen Mehmet vijf minuten voor tijd weer op van der Sar afging, hem weer passeerde, maar ditmaal faalde.

Ajax vocht voor de overwinning en kreeg die. Met jonge spelers als Tuhuteru en Reuser (invallers in de tweede helft voor Van den Brom en Pettersson) bij het beslissende doelpunt in een hoofdrol. Zij kenden geen angst, zij mochten falen. Zij toonden nog beginnersgeest. Mede dank zij die frisse moed legde het systeem het niet af tegen het non-systeem. Over twee weken wacht Ajax de hel van het Inüon-stadion. Maar in die lawaaiige, chauvinistische omstandigheden heeft Besiktas doorgaans het meest te lijden. Dan is Ajax vaak op zijn best: ouderwets koel en Hollands nuchter. Dat hopen ze tenminste bij Ajax.