Experimenten andere honorering specialist in ziekenhuizen; Basisloon specialist "fnuikend' voor zorg

In een aantal ziekenhuizen wordt geëxperimenteerd met een andere honorering van specialisten. Laatste artikel in een serie van twee.

ROTTERDAM, 20 OKT. “De specialisten bij die lokale experimenten hebben het weer helemaal voor elkaar. Zij zien kans de voordelen van het vrije beroep mooi te combineren met die van het dienstverband. Zij blijven volkomen vrij en weten zich toch zeker van een behoorlijk inkomen.” In de wandelgangen van de ziekenhuizen die niet met een "basisloon' voor specialisten experimenteren, laten de "collega's' duidelijk weten wat zij vinden van de proefnemingen.

“Dat is absoluut niet waar. Integendeel zelfs. De specialisten moeten zich eens goed realiseren wat het voor hen betekent voordat ze met de plannen van de ziekenhuizen en verzekeraars in zee gaan. Voor de specialisten zie ik niets in die experimenten, want die combineren alleen maar de nadelen van het vrije beroep en die van het dienstverband.”

De vroegere economisch-directeur van de Landelijke Specialisten Vereniging, H.H.M. Willems, windt zich zichtbaar op over het onrecht dat de specialist wordt aangedaan. “De vrijheid levert de specialist in maar hij draait wel op voor het de risico's verbonden aan de groeiende vraag naar zorg. In feite komt hij in dienstverband te werken, maar dan zonder een behoorlijke regeling van zijn rechtspositie, zonder pensioen, zonder een veertig-urige werkweek.”

Willems, tegenwoordig directeur van een eigen adviesbureau, heeft de specialisten in verscheidene regio's ook aangeraden niet zonder meer akkoord te gaan met de voorstellen die nu op tafel liggen. “Je kunt dan nog beter gewoon in loondienst gaan werken”, zegt hij, waar hij dan meteen aan toevoegt daar een groot tegenstander van te zijn. “Het zou fnuikend zijn voor de kwaliteit van onze gezondheidszorg.”

“In het keurslijf van een dienstverband gaat de kracht en het initiatief verloren”, zegt Willems. “Het is niet zo dat artsen in dienstverband per definitie slecht zijn, maar ze werken niet als een vrije beroepsbeoefenaar. Ze missen de prikkel om dat stapje extra te doen dat de ander wel zet omdat die zijn eigen baas is.”

Willems vindt dat de specialisten misschien nog wel aan de lokale pogingen zouden kunnen meedoen, maar dan zouden ze er voor moeten zorgen dat in het ziekenhuizen al hun neuzen in dezelfde richting staan. Het beste kan dat worden bereikt door de gehele medische staf in één grote maatschap per ziekenhuis onder te brengen. De onderlinge tegenstellingen en tegengestelde belangen smelten daarin op den duur vanzelf weg. De onderhandelingspositie wordt sterker en ze kunnen niet meer tegen elkaar worden uitgespeeld, aldus Willems.

Hij is niet de enige die bezwaar heeft tegen de lokale experimenten. Algemeen secretaris J.W. Thissen van de Amsterdamse Specialisten Vereniging, die de specialisten in Purmerend en Zaandam adviseerde, heeft een lange lijst met kritische kanttekeningen bij het initiatief dat ziektekostenverzekeraar PWZ voor deze twee ziekenhuizen heeft ontwikkeld. Voor een deel komen ze overeen met de bezwaren van Willems. Maar Thissen voegt er onder meer aan toe niet te verwachten dat het experiment voor de specialisten "einde oefening' zal zijn. Hij gaat ervan uit dat het inkomen van de specialisten onder druk blijft staan. “De huidige hoogte van het inkomen van veel specialisten is maatschappelijk en politiek zeker niet aanvaard. Denkbaar is, dat nadat specialisten hun honoreringssysteem hebben aangepast, de aanval op de hoogte van het inkomen pas echt zal beginnen. Verweer daartegen is dan nauwelijks meer mogelijk. Met wantrouwen begin je niks. En elk conflict werkt contra-produktief, helpt je geen stap verder.”

Adjunct-directeur zorg bij Univé, M. Snijders, zegt het “heel veel waard” te vinden om de vertrouwensrelatie die in de afgelopen jaren is opgebouwd met de specialisten en het ziekenhuis in Alkmaar, waar een soortgelijk experiment loopt, te behouden en te verbeteren. “Alleen als de partijen elkaar over en weer vertrouwen en je je tot het uiterste inzet om dat vertrouwen niet te beschamen, hebje kans om een goede en werkbare oplossing te vinden voor de problemen met de medisch specialistische zorg waar we op landelijk niveau niet kunnen uitkomen.” Over het Alkmaarse experiment waar hij als partij bij betrokken is wil Snijders niets loslaten (“Daarover is afgesproken pas iets te zeggen als alles helemaal rond is”), wel over de randvoorwaarden die daarvoor van belang zijn.

Volgens Snijders is het heel goed mogelijk om lokaal te experimenteren met modellen die een kwalitatieve goede gezondheidszorg tegen zo laag mogelijke kosten mogelijk maken. Maar daarvoor is het wel nodig, zo meent hij, dat 'Den Haag' voldoende ruimte schept. Snijders: “Niet door precies voor te schrijven aan welke voorwaarden moet worden voldaan. Of door te zeggen, we regelen verder niets maar jullie kunnen wel van de mazen in de wet gebruik maken. Dat kunnen we inderdaad en in de praktijk doen we het ook vaak, maar dat is geen oplossing. Wat Den Haag moet doen is een helder en duidelijk experimenteerartikel in de wet opnemen en verder onnodige belemmeringen wegnemen. In elk geval moet voor de experimenten de contra-produktieve richtlijnen die op dit moment nog volop gelden buiten werking worden gesteld.”

    • Quirien van Koolwijk