Een raket minder

1993 IS NIET 1962. Dat verklaart de stilte na de recente Britse beslissing om af te zien van door vliegtuigen tegen gronddoelen te lanceren kernraketten. Een nieuw type raket had in samenwerking met de Fransen ontwikkeld en geproduceerd moeten worden en die raket had moeten passen in Frankrijks nucleaire strategie. Door middel van internationale coöperatie moet de Franse strategie bovendien een Europese dimensie krijgen.

In 1962 besloot Groot-Brittannië zijn nucleaire strijdmacht te koppelen aan de Amerikaanse. Financiële nood was toen evenals nu de reden om eigen onafhankelijke kernprogramma's af te gelasten. Voor straf torpedeerde generaal de Gaulle in het jaar daarop Brittannië's toelating tot de Europese Gemeenschap. De Britten hadden zich in zijn ogen slechte Europeanen getoond.

Het Verenigd Koninkrijk bevindt zich intussen al jaren lang binnen de EG. Aan de eigenzinnige rol van de Britten daar wenst Frankrijk zo weinig mogelijk aanstoot te nemen. Groot-Brittannië is naast Frankrijk de enige kernmacht in het verenigd Europa, en op termijn streeft Parijs naar nucleaire samenwerking binnen een herleefde entente cordiale als fundament van een gemeenschappelijke nucleaire verdediging. Die is niet geheel van de baan: de bewegingen van de nucleaire onderzeevloten van beide landen komen nog steeds voor coördinatie in aanmerking. Alleen, er is geen zicht meer op een puur Britse bijdrage. De Britse onderzeeërs zijn immers uitgerust met Amerikaanse raketten - uitvloeisel van het besluit van 1962.

FRANKRIJK MOET de teleurstelling incasseren juist nu datgene waarvoor het altijd bevreesd is geweest, zich aandient: verwijdering tussen de Verenigde Staten en Europa en groei van een nieuw zelfbewustzijn in Duitsland. Frankrijk gaat sinds 1958 uit van de premisse dat het land de beschikking moet hebben over een onafhankelijke kernmacht, wil zijn positie verzekerd zijn. De val van de Muur en de verdwijning van de Sovjet-Unie hebben daarin geen verandering gebracht. Wel is er in de loop der jaren enige bereidheid ontstaan om Frankrijks kernmacht een Europese rol te geven, overigens zonder de Franse beslissingsmacht daarover met andere staten te delen.

De Franse verdediging is als vanouds gebaseerd op vergelding: een aanval op Frankrijk wordt beantwoord met een nucleaire wraakoefening. Maar er is een zogenoemde pre-strategische of voorbereidende fase voorzien waarin van Franse kant een beperkt nucleair salvo wordt afgegeven. Deze "armement nucléaire aéroporté à vocation préstrategique' had de samenwerking met het Verenigd Koninkrijk moeten bevorderen.

IN EEN TIJD waarin het Sovjet-gevaar is geweken en waarin Europa andere zorgen heeft, doen dit soort overwegingen anachronistisch aan. Het Britse besluit brengt ze nog eens in de algemene aandacht. En het wordt langzamerhand tijd dat de rest van Europa er aandacht aan schenkt. Tenslotte was de nieuwe bewapening een Europese taak toegedacht. Nu het nog onduidelijk is welke conclusies Frankrijk trekt uit de Britse beslissing, kunnen de partners op het vervolg wellicht enige invloed oefenen.