Bij handel in derivaten; Banken moeten aan strengere eisen voldoen

ROTTERDAM, 20 OKT. De Bank voor Internationale Betalingen (BIB) wil strenge kapitaalseisen stellen aan banken die handelen in zogenoemde financiële derivaten (opties, termijncontracten en renteruilcontracten).

Daarmee hoopt de organisatie de onrust weg te nemen die onder de centrale banken en het Internationale Monetaire Fonds (IMF) is ontstaan over de “explosieve groei” van de derivaten. Op die markt gaan in de hele wereld honderden miljarden dollars in om.

De gedetailleerde plannen staan in een omvangrijk vertrouwelijk rapport van de BIB, dat eerder dit jaar ter consultatie aan alle commerciële banken in de industriële wereld is toegestuurd. Die hebben tot december de tijd om te reageren.

De Duitse centrale bank, de Bundesbank, concludeert vandaag in haar maandelijkse bericht dat de handel in derivaten heeft gezorgd voor een dusdanige vervlechting van de internationale financiële markten dat het gevaar van een omvangrijke financiële crisis groter is geworden. De Bundesbank dringt aan op scherpere regels. Twee maanden geleden liet ook het IMF een waarschuwing uitgaan over de zeer snelle ontwikkeling van de derivatenmarkt.

Derivaten is een verzamelnaam voor opties, termijncontracten en renteruilcontracten (-swaps), waarvan de koers verandert met de hoogte van de rente en de waarde van effecten en valuta's. Ondernemingen en beleggers dekken zich met financiële derivaten in tegen ongewenste koersschommelingen of renteveranderingen. De rol van de banken is vergelijkbaar met die van een verzekeraar. Zij nemen de risico's voor een prijs over, en dekken zich vervolgens in op de kapitaalmarkt.

Derivaten als opties en termijncontracten ontlenen hun populariteit aan een hefboomwerking: met een kleine investering kan een koersverandering van een omvangrijk pakket effecten of valuta's worden geneutraliseerd. Die hefboom kan ook voor speculatieve doeleinden worden gebruikt: zonder de enorme bedragen die met de handel in valuta-opties, ruil- en termijncontracten worden verplaatst, zou volgens experts de valutacrisis in het Europese Monetaire Stelsel deze zomer bijvoorbeeld niet hebben kunnen plaatsvinden.

Volgens de jongste internationale gegevens was per half 1992 de onderliggende waarde van valuta's, effecten en leningen waarop opties, termijncontracten of renteswaps zijn afgesloten gestegen tot wereldwijd rond de 10 biljoen (ofwel 10.000 miljard) dollar, een bedrag dat gelijk staat aan ruim de helft van de omvang van de wereldeconomie. De markt, die tien jaar geleden nog in de kinderschoenen stond, groeit zeer snel. Volgens gegevens van de Bundesbank stond alleen al bij Duitse banken halverwege dit jaar een totaalbedrag uit met een onderliggende waarde van bijna 3000 miljard dollar.

De BIB is de internationale organisatie van centrale banken, die toezicht houden op de bankwereld.

Pag.18: Commerciële bank kan veel risceren met handel

Het bezwaar van de toezichthouders is dat de commerciële banken grote financiële risico's kunnen lopen bij de handel in derivaten, wanneer bijvoorbeeld politieke gebeurtenissen tot paniek op de financiële markten leiden.

De commerciële banken, verenigd in de zogenoemde Groep van 30, zijn voor zelfregulering. ING-bestuurder G. Tammes zei onlangs niet te geloven dat de derivatenhandel tot een financiële crisis kan leiden. “Dergelijke instrumenten hebben juist een vermindering van risico's veroorzaakt.” Hij denkt dat angst voor het onbekende de reden is voor de onrust die rond de derivaten is ontstaan. ABN Amro was vanmorgen nog niet in staat om te reageren. De Nederlandsche Bank zei vanmorgen dat er een vorm van toezicht moet komen, maar dat dit internationaal geregeld moet zijn. Nederlandse banken mogen geen achterstand oplopen omdat zij aan strengere eisen zouden moeten voldoen dan hun buitenlandse concurrenten.

De BIB eist in het rapport onder meer dat banken tot drie procent eigen kapitaal moeten aanhouden om risico's op valuta-opties en termijncontracten op te kunnen vangen. Ook moet de rapportage van de posities die banken innemen bij de handel in financiële derivaten worden verbeterd. Uit gesprekken met de bankwereld blijkt bijvoorbeeld dat er op de maandstaat die banken in Nederland aan De Nederlandsche Bank ter controle moeten overleggen, nog geen plaats is voor rapportage van de derivatenposities. De voorstellen zijn een verdere versterking van de Bazel-solvabiliteitsrichtlijn voor bankkredieten die in 1989 werd geformuleerd en begin dit jaar in werking trad.

De BIB is de internationale samenwerkingsorganisatie van alle centrale banken, die toezicht houden op de internationale commerciële bankwereld. In 1989 veroorzaakte een soortgelijke beslissing van het Bazel-comité over minimum-kapitaalseisen voor bankleningen een omvangrijke herstructurering in de internationale bankwereld. Die beslissing werd toen met name genomen als gevolg van de Mexicaanse schuldencrisis die vooral veel Amerikaanse banken in problemen heeft gebracht.

De maatregelen die de BIS nu voorstelt betekenen een aanscherping van de kapitaals- en rapportage-eisen die in het Bazel-akoord van 1988 zijn vastgelegd. De bank wil dat er een uniform monitor-systeem komt waarmee de posities die banken op de derivatenmarkt innemen worden geregistreerd. Het netting-systeem, waarmee banken tegengestelde krediet en marktrisico's in de eigen - en elkaars - boeken tegen elkaar weg mogen strepen, moet worden verfijnd en aangepast aan de ontwikkelingen in de derivatenmarkt. De speculatieve "open' posities die dan resteren in uitstaande schulden, aandelen en valuta's en daaraan gekoppelde derivaten, moeten via een complexe berekeningsmethode worden gedekt door eigen vermogen van de bank. Voor valuta-posities stelt de BIB bijvoorbeeld een een concrete minimum-kapitaalseis voor van tot drie procent van de waarde van de derivaten die met de valutaposities zijn gemoeid.

    • Michel Kerres
    • Maarten Schinkel