Berichten uit het land

Het postmodernisme heeft De Grote Vertellingen failliet verklaard. Maar de mens kan niet leven zonder hoop.

Gelukkig staan op de puinhopen van de grote ontnuchtering nog voldoende strohalmen.

Ons land ligt er drassig bij. Het vertoont weinig reliëf, en degenen die de gebaande weg verlaten zakken weg tot aan hun enkels. Geen ambiance voor bevlogen gedachten, zou men zo zeggen. Maar toch stijgt vanuit de zompige delta meer ideologische geest op dan wij hadden durven hopen. Op aflevering 1 en 2 van Hoop & Zegen kwamen zo veel reacties binnen, dat we in aflevering 3 al een samenvatting geven. Op het stoppelveld van de neergemaaide idealen blijken nog heel wat strohalmen op te veren.

Aflevering 1 over dozijntjes, nakomertjes, bijkomertjes en nippertjes (22 september) en aflevering 2 over het beste der natuur (6 oktober) kwamen Hoop & Zegen op een ernstige berisping te staan. “Wat doen mensen in uw omgeving om er de moed in te houden? Dit soort vragen zijn gluurders items! Ironisch, sarcastisch belachelijk maken van inspanningen van anderen. Bah!” schrijft Te Bokkel uit Zutphen stampvoetend. En Christine Brandt uit Deventer ontkent ons uitgangspunt dat de Grote Vertellingen failliet zijn verklaard: “Zolang er snobisme bestaat onder het mensdom zullen de Grote Vertellingen die de realiteit verkondigen nóóit failliet worden verklaard; wat rommel je dan met "kleine' vertellingen die niets nieuws te melden hebben?”

Wij, hopers en gezegenden, waren er even stil van. Maar ja, welke verhalen zijn groot, en welke klein? Er kwamen mededelingen binnen over medemenselijkheid en "poëtisch' leven, over het milieu, maar ook over honden, zwemmen en machines. De ene vertelling leek ons groter dan de andere, maar of het gerommel is? Oordeelt u zelf.

“Ik ben erachter gekomen dat elk mens tijdens het leven een legpuzzel maakt, de één van tien, de ander van honderd, of duizenden stukjes; nooit is een handleiding bijgesloten. Soms is het fijn wanneer iemand over de schouder meekijkt en dat ene stukje blauw neerlegt waarmee de lucht kan worden afgemaakt”, schrijft een psychiater uit Vorden. Hij heeft zijn spreekkamer veranderd in een huiskamer, compleet met televisie, ijskast en chips, maar ook met veel zakdoeken. De patiënten lopen onverwacht binnen met appeltaart, gebakken vis of loempia's, en niemand schijnt er misselijk van te worden. Integendeel, dankzij het menselijk gebaar gaat het steeds beter met wat hij noemt: zijn "bonte stoet psychoten'.

Medemenselijkheid dus. Renée Citroen uit Aerdenhout verwoordt het heel simpel: “Ik hoor ergens bij!” en Charlotte van Praag uit Dordrecht verzucht: “Wat een opluchting om nog met iemand communicatie te kunnen hebben.” Wat mensen bindt. Dat is het ideaal waarvoor men kennelijk de mouwen wil opstropen. “Feitelijk is het gevoel voor het leven het enige wat ons allemaal verbindt”, meent Thomas van Berckel uit Maastricht, “het gevoel is zo sterk dat het verstand daartegen geen verweer heeft”. En Jacomina Makaske uit Vierhouten benoemt dit gevoel met het woord: respect. “Een waardevol stuk gereedschap dat vergeten op zolders en in schuren lag te roesten. Mensen, er is werk op de akker. Er zijn nog halmen die zaad dragen. Vergaar ze, zaai ze en bewerk de akker met respect. Een bloeiende aarde zij ons deel.” Gevoelens van verbondenheid doen het goed in ideologisch Nederland. En dat in tijden waarin individualisme het paradepaard is.

Voor een aantal inzenders ligt onmiddellijk in het verlengde van de medemenselijkheid het ideaal van de medehondelijkheid. “Via het "dozijntje' kom je langs het "bijkomertje', het "nakomertje', en het "nippertje" ineens op de hond”, schrijft Olga van Bochove vanuit Noordwijk aan Zee in een analyse waarin zij de hond karakteriseert als "strohalmpje' tegen verveling en gebrek aan gezelschap. “en als Bello tegenvalt kan hij altijd nog naar het asiel, maar als het nakomertje ontspoort, houd je ellende over. Vandaar.” Olga krijgt bijval van Ans Wijnstroot uit Zwolle, die over haar hondje het volgende kwijt wil. “Ware liefde en hoop voor de toekomst liggen besloten in dit stugge hondevachtje. Aanspraak en maatschappelijke betrokkenheid, liefde en genegenheid worden samengevat in een kort blafje.” Overigens lanceert zij het sensationele plan om een "extra extra small' type hond te fokken teneinde escalatie van het mestprobleem te voorkomen. Of dat nu wel zo hondvriendelijk is...

Haar collega hondenbezitster uit Noordwijk aan Zee laat haar Bello iedere ochtend een kwartiertje in de steek om een kosmische ervaring te ondergaan in het water: “Zwemmen geeft een kick. Ik zwem op de rug en kijk naar de lucht. Vaak vliegen meeuwen laag over en zeilen ze elegant boven zee. Tegelijkertijd vliegt op enkele honderden meters hoogte een Boeing die aanzet voor een landing op Schiphol. En elke keer als ik beide vogels zo zie vliegen, verwonder ik mij over beider techniek. Dat maakt zo'n ochtend meteen goed, en ik ben blij dat ik zwem.”

Heel Nederland om zeven uur de golven in? Wat moeten dan die pechvogels die niet in Noordwijk aan Zee wonen? Zwemmen in Rijn, Maas, IJssel of Botlek? Dan kun je nog beter met je grote hond een mestoverschot veroorzaken.

De meeste berichten uit het land wezen op een failliet van het individualisme. In dat verband heten de strohalmen: medemenselijkheid, hond en milieu. Maar er is méér. Daarover gaat een van de volgende responsafleveringen van Hoop & Zegen, met aandacht voor de natuur, levenskunst, creativiteit, en zo mogelijk voor idealen samenhangend met illusies, een vrekkenbestaan en in vitro fertilisatie. Blijf hopen.

Wat doen mensen in uw omgeving om er de moed in te houden? Aan welke eigentijdse strohalmen klampen zij zich vast in de strijd tegen de ideologische ontnuchtering? Stuur een korte beschrijving van max. 300 woorden naar:

HOOP & ZEGEN Postbus 24 1390 AA Abcoude

De beste inzendingen zullen in deze serie worden verwerkt.

    • Willem Pijffers