Kamer wil een onderzoek naar openbaar ministerie

DEN HAAG, 19 OKT. Een meerderheid van PvdA en CDA in de Tweede Kamer wil een extern onderzoek instellen naar het functioneren van het openbaar ministerie.

Het onderzoek moet onder meer duidelijk maken of de criminaliteitsbestrijding door het OM effect heeft, en hoe de coördinatie met andere justitiële diensten zoals politie en rechterlijke macht kan worden verbeterd.

De PvdA heeft dat vanmiddag, gesteund door het CDA, voorgesteld tijdens de behandeling van de begroting van Justitie. De VVD sprak bij monde van het Kamerlid B. Korthals van “een affront jegens de minister van justitie. Het verzoek van PvdA en CDA getuigt van weinig vertrouwen in het apparaat van Hirsch Ballin.” De VVD en D66 steunen het verzoek echter wel.

Ook PvdA-woordvoerster E. Kalsbeek sprak van een “heavy aanpak”. Ze wees er echter op dat ondanks de grotere hoeveelheid geld waarover het openbaar ministerie beschikt, het achterstallig werk niet minder wordt en vormfouten blijven voorkomen. “Dat is niet alleen een gevolg van de grotere criminaliteit maar ook van een administratief systeem dat niet op orde is”, aldus Kalsbeek. De onderzoekscommissie zou uit externe deskundigen met groot maatschappelijk aanzien moeten bestaan, zoals de commissie-Kroes die het ministerie van landbouw doorlichtte.

Kalsbeek klaagde er vanmiddag verder over dat er op dit moment “teveel in het strafrecht wordt gedumpt. In Den Haag mag je je hondje niet uitlaten zonder een schepje mee te nemen. Maar wie controleert dat? De Haagse gemeenteraad heeft weliswaar een mooie daad gesteld, maar geeft de politie de schuld als de controle achterwege blijft.” De druk op de politie wordt door dit soort politieke daadkracht te groot, aldus Kalsbeek.

De VVD vindt dat minister Hirsch Ballin “teveel per nota en experiment” regeert. De cijfers uit het laatste jaarverslag van het openbaar ministerie duiden op een stijging van het aantal geweldsmisdrijven en een daling van het aantal ophelderingen. De minister loopt dan ook achter de feiten aan, aldus het Kamerlid Korthals.

Ook wees hij erop dat de rechterlijke macht onderbezet is. Daardoor loopt de uitvoering van de aangepaste Vreemdelingenwet gevaar. Bovendien had Korthals, net als PvdA en D66, kritiek op het feit dat de prioriteiten bij de criminaliteitsbestrijding verkeerd worden gesteld. Zo wil de politie meer bekeuringen gaan uitdelen voor snelheidsovertredingen om extra geld te verdienen. De politie is dan niet voor belangrijkere taken beschikbaar.

D66-woordvoerder G.J. Wolffensperger zei dat de minister de oplossingen voor de stijgende criminaliteit teveel in nieuwe wetgeving en regels zoekt en te weinig aandacht heeft voor het functioneren van zijn eigen apparaat. Daarom geeft het geen pas anderen, zoals D66, ervan te beschuldigen het criminaliteitsprobleem te onderschatten, aldus Wolffensperger. De minister moet zich “bovendien iets minder bezighouden met zaken die buiten zijn directe bereik liggen zoals het herstel van het normbesef en de standpunten van politieke partijen, en iets meer met de zaken die wel onder zijn directe verantwoordelijkheid vallen”, aldus Wolffensperger.

Het CDA heeft, samen met de PvdA, minister Hirsch Ballin gevraagd af te zien van de bezuiniging van twee en een halve ton op een vervolg op het project Dading. Bij dat project worden in Amsterdam "first-offenders' buiten het strafrecht gehouden en bij de slachtofferhulp betrokken. Koffeman vroeg de minister verder de verkoop van soft drugs aan buitenlanders strafbaar te stellen. Koffieshops die zich hier niet aan houden zouden moeten worden gesloten.

Groen Links wil dat Hirsch Ballin zijn veiligheidsbeleid meer afstemt op andere ministeries zoals dat van volkshuisvesting. Als hij niet voor zo'n afstemming voelt, moet het parlement een “preventieve parlementaire enquête” instellen naar de vraag hoe die samenwerking alsnog tot stand kan worden gebracht, aldus woordvoerster I. Brouwer.