Verbod Turkse kranten in Koerdisch gebied

ANKARA, 18 OKT. Op last van de Koerdische Arbeiders Partij (PKK) moeten de landelijke Turkse dagbladen - met uitzondering van de pro-Koerdische Özgür Gündem (Vrije Agenda) - het semi-staatspersbureau Anatolië en het staats-televisie en radiostation TRT vanaf morgen hun regionale bureau's in Diyarbakir, het hart van het Koerdische Zuidoosten van Turkije, voorlopig sluiten. Zoals het er nu naar uitziet geven de kranten gehoor aan de ban van de PKK.

Guerrillastrijders van de Koerdische bevrijdingsorganisatie brachten in het weekeinde heimelijk een groep journalisten naar een trainingskamp van de PKK ten noorden van Diyarbakir over, waar hen te verstaan werd gegeven dat ze “handlangers zijn van het gevestigde gezag in Turkije, in plaats van onafhankelijk over de situatie in Koerdische Zuidoosten te berichten”. De PKK heeft tot nader orde tevens de verspreiding van de landelijke dagbladen in het Oosten en Zuidoosten, waar al negen jaar een guerrillaoorlog woedt tussen de PKK en het Turkse leger, verboden.

In de laatste twee jaar zijn zeker 14 pro-Koerdische journalisten in Zuidoost-Turkije vermoord. Aangenomen wordt dat de aanslagen het werk zijn van plaatselijke Hezbollah-activisten, die worden gesteund, dan wel gedoogd door de regionale veiligheidstroepen. Een deel van de vermoorde journalisten werkte voor Özgür Gündem, de enige krant in Turkije die dagelijks bericht over de gewelddadigdheden die de Turkse veiligheidstroepen onder de Koerdische bevolking aanrichten.

De Turkse autoritieten zien Özgur Gündem daarentegen als een spreekbuis van de PKK en de krant wordt voortdurend met sluiting bedreigd. “De indruk bestaat”, aldus Ertugrul Pirinccioglu“ bureau-chef van de liberale Milliyet (nationaliteit) in Diyarbakir, “dat de PKK de ban zal opheffen zou gauw de druk op Özgür Gündem verdwijnt.”

De gouverneur van het Koerdische Zuidoosten, Unal Erkan, en de Turkse minister van binnenlandse zaken, Mehmet Gazioglu, hebben de journalisten gevraagd hun werk, onder bescherming van de staat, voort te zetten. “Maar het is onmogelijk om in dergelijke omstandigheden als journalist te opereren”, aldus Pirinccioglu.