Het rommelt in politiek Leiderdorp

De Zuidhollandse gemeente Leiderdorp is de afgelopen maanden geconfronteerd met een aantal affaires waarbij ambtenaren werden aangehouden en wethouders verdacht zijn gemaakt. De postume publikatie van een aantal uitspraken van oud-burgemeester Bruggeman, die Leiderdorp "onbestuurbaar' zou hebben genoemd, heeft nog meer olie op het vuur gegooid.

Niet bekend

Oud-burgemeester Bruggeman, die overleed aan de gevolgen van een beroerte, had zich vlak voor zijn dood verschillende malen beklaagd over de sfeer op het stadhuis en overwoog twee keer op te stappen. Het Leidsch Dagblad publiceerde in augustus fragmenten uit een "vertrouwelijk stuk' waarin Bruggeman twee weken voor zijn dood uitsprak dat Leiderdorp “onbestuurbaar” was door het gebrekkige functioneren van een aantal ambtenaren; zij zouden te veel hun eigen gang zijn gegaan en ambtelijke stukken voor hem hebben achterhouden.

C. van Laar, Statenlid voor GroenLinks in Zuid-Holland, wist al eerder van Bruggemans klachten. Zij kende hem uit de tijd dat zij voor "Leefbaar Leiderdorp' werkte, een stichting die de belangen van de burgers behartigt. “Ambtenaren beschermden elkaar; "je doet niets verkeerd als iedereen het doet', was het idee.” Ook tegen haar had Bruggeman twee keer gezegd te willen aftreden.

De klachten over het ambtelijk apparaat werden afgelopen zomer gevoed door een aantal affaires die werden aangekaart door de stichting. “Bij deze gemeente is niemand te vertrouwen”, zegt oprichtster R. Dekkers. Zij dook in de jaren tachtig de Leiderdorpse archieven in nadat zij vergeefs bij de dienst ruimtelijke ordening had aangeklopt voor een vergunning voor de uitbreiding van haar keuken. Zij ontdekte dat openbare stukken alleen met de grootste moeite werden afgestaan. Bouwvergunningen werden volgens haar “willekeurig” afgegeven en ambtenaren “speelden bevriende aannemers bouwopdrachten toe”. Haar nieuwe keuken kwam er niet.

De ambtenaar van ruimtelijke ordening die haar destijds dwarszat, werd eind september van dit jaar na haar aangifte aangehouden door de politie, op verdenking van fraude. Dekkers had ontdekt dat de ambtenaar twaalf jaar geleden een stuk bouwgrond van 139 vierkante meter had gekocht. Niet veel later was deze "kavel 74' volgens de stukken 189 vierkante meter groot, zonder dat hij het verschil had bijbetaald.

Ook zijn wethouder J. Veldstra (D66) kwam vorige maand onder vuur te liggen. Opnieuw werd de kwestie aangekaart door de stichting Leefbaar Leiderdorp. Veldstra zou ervan op de hoogte zijn geweest dat stukken bouwgrond vorig jaar voor de helft van de vastgestelde prijs waren verkocht. Op één van de kavels woont de wethouder inmiddels zelf. Een accountantsbureau zoekt de zaak uit, maar voor de oppositieparijen PvdA en GroenLinks staat vast dat de wethouder moet aftreden. “Het zal de gemeente een kleine 2 miljoen gulden hebben gekost”, stelt C. Bos van GroenLinks vast. In een raadsvergadering vroeg hij zich onlangs hardop af of de aannemers soms “cadeautjes” hadden gegeven.

Voordat de lucht boven het stadhuis opklaarde volgde begin deze maand een nieuwe affaire, toen vier ambtenaren van burgerzaken door justitie aan de tand werden gevoeld over de verdwijning van legesgelden. Met de uitspraken van oud-burgemeester Bruggeman en het gedwongen vertrek in april van gemeentesecretaris Willems (wegens dysfunctioneren) in het achterhoofd lijken de affaires “geen incidenten” meer te zijn, zegt raadslid Bos. “Er heerst in Leiderdorp een cultuur waarin ambtenaren hun eigen gang kunnen gaan”, zegt raadslid Bos.

Volgens PvdA-fractievoorzitter V. Molkenboer zijn de problemen in Leiderdorp terug te voeren op de snelle groei van de gemeente en de uitbreiding van de taken door de decentralisatie van de overheid. “Wethouders steunen daardoor zodanig op hun ambtenaren, dat ze geen onafhankelijke koers meer kunnen varen. Dat een ambtenaar te veel invloed heeft ligt niet aan de ambtenaar, maar aan de politiek. En raadsleden hebben naast hun gewone baan geen tijd om alles te controleren.”

De reorganisatie van de gemeentelijke diensten, begonnen in 1988, heeft veel ambtenaren van positie doen verwisselen. “Maar Leiderdorp blijft een kleine gemeente”, zegt Molkenboer. “Je hebt hier nu eenmaal geen keien van bestuurders. Dat betekent niet dat iedereen slecht is, maar we hebben een professioneler type bestuurder nodig. Mensen zeggen hier hun baan niet op voor het wethouderschap.” Interim-burgemeester De Bruin erkent dat “een gemeente als Leiderdorp” zeker door de betere overheidsdienaar wordt gezien als “springplank” naar het echte werk.

Ondertussen heeft de groei van Leiderdorp het politieke klimaat “harder en zakelijker” gemaakt, stelt Molkenboer. Sinds de laatste verkiezingen is er voor het eerst sprake van echte oppositie, waardoor het “lieflijke, landelijke” is verdwenen. “Er kwamen plotseling moties van wantrouwen. Vroeger was iedereen het met elkaar eens.”

Mede daardoor zijn volgens de oppositie bij de affaires waarmee het stadhuis nu wordt geconfronteerd sluiers van geheimzinnigheid opgetrokken. De raad wordt niet meer, zoals vroeger, op de hoogte gehouden van de discussies binnen B en W, en moet wachten tot de rapporten openbaar worden of tot het college een standpunt heeft geformuleerd. “Je kunt beter open zijn”, zegt Molkenboer. “Als je geheimzinnig doet en wekenlang niets laat horen gaan mensen zich afvragen wat voor een zootje het is. Maar men is bang voor een negatieve reactie.”

Hoewel de recente ontdekkingen van de stichting Leefbaar Leiderdorp - begonnen om de uitbouw van een keuken in 1980 - veel verwarring hebben veroorzaakt in de gemeente en op het stadhuis, bestrijdt interim-burgemeester De Bruin de in het stadje levende gedachte dat het een “puinhoop” is. “Ik betreur het ten zeerste dat er zo over wordt gedacht. Wie werkt maakt fouten.” In Leiderdorp en in de plaatselijke pers bestaat volgens hem de neiging te vroeg de beschuldigende vinger uit te steken. “Je moet eerst uitzoeken wat er is gebeurd. En er is nog niemand veroordeeld.”