Veel "fun' maar weinig les op Amerikaanse scholen

Amerikaanse leerlingen scoren internationaal laag in wiskunde, maar toch geven ze zichzelf voor dat vak een hoog cijfer. Op Amerikaanse scholen wordt veel gefeliciteerd en geprezen, maar eisen worden nauwelijks gesteld. Over de crisis in de scholen en het lezen van de wikkel van een Mars.

WASHINGTON, 16 OKT. Hearst, de openbare modelbasisschool van Washington, beroemt zich op kleine klassen en veel onderwijzers, maar het onderwijs in taal en rekenen heeft er een lage prioriteit. Bij presentaties op ouderavonden hebben leraren het over "zelfwaardering' van het kind, "sociale vaardigheden', veel klasse-uitstapjes, nieuwe computers en zelfs huiswerk, maar nauwelijks over lezen en schrijven. Ouders, die iets te weten willen komen over lezen of schrijven moeten waden door theoretische uiteenzettingen over “het responsieve klaslokaal”.

Deze nieuwe methode tekent de wanhoop van veel openbare scholen in de VS om leerlingen in steeds moeilijker omstandigheden iets aan hun verstand te peuteren. “Het is duidelijk dat kinderen nu in groter gevaar zijn dan in enige tijd in de geschiedenis van onze natie”, wordt in een folder aan de ouders meegedeeld. “Gezinnen en instituten vechten om basiswelzijn aan onze jonge mensen te verschaffen.” Dat is zeker het geval in de door geweld geplaagde arme binnensteden, zoals die van Washington, waar kinderen nauwelijks een thuis hebben. Nieuws over onderwijs betreft meestal lage testresultaten. Volgens een vorig jaar uitgekomen onderzoek is bijna de helft van de volwassen Amerikanen functioneel analfabeet. Ze zijn niet in staat om een gebruiksaanwijzing te lezen. Voor veel onderwijsdeskundigen is dat geen aanleiding om meer aandacht aan lezen en schrijven te besteden, maar om nog meer "fun' in het lesprogramma te brengen om de kinderen te verleiden.

In Amerika bestaat grote angst voor algemene maatstaven in het onderwijs en elke nieuwe uitdaging resulteert in nog verdere verlaging van de normen. “In hun haast om academische verantwoording af te leggen hebben scholen te veel prioriteit gegeven aan academische inhoud zonder een context voor deze verantwoording”, aldus de folder over het "sociale curriculum'.

Het Amerikaanse onderwijs heeft altijd meer nadruk gelegd op "context' dan op de eigenlijke vakken. Sociale vaardigheden, zoals spreken voor de klas, kennis maken, converseren krijgen veel aandacht. Scholen werden in de eerste plaats opgericht om het ratjetoe van immigranten om te vormen tot geciviliseerde Amerikanen. Nu moeten scholen orde brengen in de sociale jungle van de Amerikaanse steden en voorsteden.

Omdat ouders steeds minder tijd hebben voor hun kinderen, ligt de nadruk van het onderwijs nu op zelfwaardering van het kind. Die versterking van het zelfvertrouwen komt ook tot uitdrukking in internationale, vergelijkende testcijfers. Amerikanen scoren onder de rijke landen het laagst in wiskunde maar het hoogst op de uitspraak: “Ik ben goed in wiskunde.”

Openbare scholen in Washington en omgeving hebben een nieuwe lesmethode voor lezen en schrijven geïntroduceerd, die weinig nadruk legt op correct spellen. Met zijn gebrekkige kennis mag het kind zelf de letters kiezen die het wil. Kinderen moeten vooral veel worden geprezen, ook als de prestatie er niet naar is.

“Wat staat daar?”, vraagt de onderwijzers, terwijl ze een chocoladereep in de lucht houdt.

“Daar staat Mars”, antwoordt een kind met ruime snoepervaring.

“Zie je wel, lezen is toch niet zo moeilijk”, reageert de responsieve onderwijzeres enthousiast.

In een door vervallen huizen, gebruikte naalden, graffiti en zwaar bewapende tieners omgeven school in het centrum van Philadelphia beginnen de kinderen de morgen met het lied “I am a promise. I am a great big bundle of po-ten-ti-al-ity”. De meesten treffen bij thuiskomst geen ouders aan. Veel van hen zijn alleenstaande moeders en werken buitenshuis, sommigen zijn de hele dag "high' van lokaal verkregen crack.

Gebrek aan ouderlijke aandacht is niet alleen een probleem in arme wijken maar ook in de voorsteden, waar vader en moeder het druk hebben met hun werk. Kleuterschoolkinderen krijgen al huiswerk op dat veel te moeilijk is voor hen. Zo willen de leraren de ouders dwingen om hun kind voor te lezen in plaats van hen voor de televisie te zetten. Soms lijkt het wel of de ouders het onderwijs moeten geven, terwijl het spelen blijft gereserveerd voor schooltijd. “U bent de belangrijkste leraar”, luidt een zin in een brochure van Hearst. Dat er in hele of gebroken gezinnen weinig van onderwijs terecht komt, spreekt voor zichzelf.

Ter bevordering van de "zelfwaardering' van zwarte leerlingen is Webb School in de arme Washingtonse binnenstad overgegaan op een zogenoemd Afrocentrisch schoolprogramma. Het is ontwikkeld door de voormalige onderwijzeres Abena Walker. Ze heeft een "Pan African University' opgericht en zichzelf vervolgens een Master's degree verleend. Het stadsbestuur heeft al honderdduizenden dollars aan haar en haar man doen toekomen voor het Afrocentrische schoolprogramma, dat dit jaar van start is gegaan. Er heeft zwak protest geklonken, maar blanke bestuursleden van het Washingtonse schooldistrict willen niet voor racistisch worden aangezien door de zwarte meerderheid in Washington en zwarte politici durven hun meningsverschil met andere zwarten niet in het openbaar uit te vechten. Nu leren de kindertjes van de Webbschool dat ze van zwarte prinsessen en koningen afstammen, dat Afrikanen de tijd, het vuur en wat al niet meer hebben ontdekt en dat de blanke Grieken al hun klassieke wijsheid van de "zwarte' Egyptenaren hebben gestolen en dat blank racisme de oorzaak is van alle kwaad.

Amerikaanse openbare scholen zijn vrij om hun lesprogramma naar eigen goeddunken in te richten. Dat is de filosofie van de lokaal bestuurde openbare school, die het onderwijsmonopolie heeft op de directe omgeving. Er zijn geen nationale normen of eindexamens. Wie naar een goede universiteit wil, moet hoog scoren in twee toetsen, die niet aan de scholen worden afgenomen maar waarvoor de leerlingen zich zelf moeten aanmelden. Voormalig president Bush is begonnen met het ontwikkelen van een nationaal soort eindexamen, waaraan alle leerlingen van middelbare scholen zouden moeten meedoen. Clinton heeft het voorstel gedeeltelijk overgenomen en deze week debatteerde het Congres over een wet met de ambitieuze naam “Goals 2000 Educate America Act”.

Enkele tientallen deelstaten hebben al een soort eindexamen voor de "high school' ingevoerd, waarbij leerlingen goed Engels moeten kunnen lezen en ook wat moeten kunnen rekenen. In Florida zakte aanvankelijk 90 procent van zwarte of latino studenten de eerste keer, maar omdat er iets van hen geëist werd, werkten velen net zo lang tot ze alsnog slaagden. Toch worden ze niet altijd voor de diploma's beloond omdat de werkgevers door wetgeving over positieve discriminatie voor minderheden verplicht zijn om diploma's te negeren. Ze durven een kandidaat-secretaresse nog niet om een typediploma te vragen, uit angst dat dan het percentage blanke secretaresses te hoog wordt.

Veel ouders, die het kunnen betalen, willen aan de openbare school in hun buurt ontsnappen door voor een ongesubsidieerde, particuliere school te kiezen, waar hogere eisen aan de leerlingen worden gesteld. Het goedkoopste, goede alternatief is de katholieke school, maar sinds kort behoort een doopbewijs tot de toelatingsvereisten. In verscheidene deelstaten bepleiten politici om de "gedwongen winkelnering' van de plaatselijke openbare school af te schaffen en ook ouders zonder geld de keuze te geven, zoals in Nederland. Andere politici willen aan ouders een subsidie geven die het hun mogelijk maakt te kiezen tussen een particuliere en een openbare school. Omdat particuliere scholen meestal veel efficiënter worden bestuurd dan openbare, zou het de armlastige deelstaatregeringen ook nog geld besparen, omdat zo veel openbare scholen zouden kunnen worden gesloten. Volgende maand stemmen Californiërs over een referendum dat voor ouders een dergelijke keuze mogelijk zou maken. De openbare scholen in Californië zijn kwalitatief slecht. De leraren aan openbare scholen lobbyen hard tegen het referendum, dat het monopolie van de lokale openbare school aantast. Toch bleek uit een onderzoek dat juist de leraren aan openbare scholen hun kinderen meestal naar particuliere scholen sturen.

Vorig jaar bezuinigde het stadsbestuur van Washington door de scholen extra dagen vrijaf te geven. De leerlingen kunnen dat slecht gebruiken, want het Amerikaanse schooljaar telt al slechts 180 dagen per jaar (Nederland 200). Tegen het einde van het jaar vond de voorzitter van het hoofdstedelijke schoolbestuur door de verlofdagen en een korte lerarenstaking de stemming zo slecht, dat hij er nog maar een paar vrije dagen extra tegenaan gooide, zodat de leerlingen bijna een week eerder naar huis gingen.

    • Maarten Huygen