Koninklijke Subsidie 1993; Expositie biedt gezapig beeld schilderkunst

Tentoonstelling Koninklijke Subsidie voor Vrije Schilderkunst 1993 in het Paleis op de Dam. T/m 24 okt. Dagelijks 12.30-17.00u.

AMSTERDAM, 16 OKT. De Koninklijke Subsidie voor Vrije Schilderkunst is gistermiddag uitgereikt aan Richard Brouwer, Pierre Cops, Rens Janssen, Michael Raedecker, Wouter van Riessen en H.W. Werther. In het Paleis op de Dam ontvingen deze kunstenaars de subsidie uit handen van koningin Beatrix.

Het bedrag (5000 gulden) is bestemd voor schilders tot 35 jaar. Het aantal inzendingen bedroeg dit jaar 675, ongeveer evenveel als in 1992. Voor de tentoonstelling werden 31 schilderijen geselecteerd; de zes winnaars zijn elk met twee werken vertegenwoordigd. Deze laatste twaalf schilderijen zullen in november in het Nederlands Instituut in Rome worden geëxposeerd.

De lijst van winnaars sinds 1947 die in het juryrapport is afgedrukt, biedt interessante lectuur. Behalve bekende namen zoals Westerik, Sierhuis, Lataster en Hillenius zijn er ook schilders bij die al lang weer vergeten zijn. Een aantal gerenommeerde kunstenaars, zoals Appel, Armando, Scholte en Birza ontbreekt. Eind jaren zeventig was het prestige van de Koninklijke Subsidie als aanmoedigingsprijs sterk gedaald. Jonge kunstenaars vonden de prijs "oubollig'.

Een andere jury waarin behalve kunstenaars nu ook conservatoren zitting kregen, bracht daarin verandering. De herwaardering van de schilderkunst die weer spirit kreeg, droeg verder bij aan het nieuwe elan. In de jaren tachtig schoot het aantal inzendingen pijlsnel omhoog van bijna tweehonderd tot meer dan achthonderd. De catalogus over de periode 1980-1987 geeft redelijk getrouwe afspiegeling van die tijd. Van de 47 laureaten uit die periode is inmiddels ruim twintig procent nationaal, een enkele zelfs internationaal, "doorgebroken'.

Het is de kracht en de zwakte van de Koninklijke Subsidie dat jaarlijks bijna alle variaties van abstract tot figuratief, weliswaar met wisselende accenten, aan bod komen. Ook nu weer: terwijl Van Riessen popperige menselijke figuren schildert, onderzoekt Brouwer op lange, smalle doeken kleur en verfopbreng. En ook het ruig geschilderde, onwerkelijke landschap ontbreekt dit keer niet. Vergeleken met deze landschappen van Janssen zijn de uit decoratieve patronen samengestelde 'stillevens' van Cops, intrigerender.

Schilderkunst behelst al lang niet meer uitsluitend verf op doek. Werther maakt in vlak reliëf spanningsloze uitstallingen van juwelen. Raedecker heeft met zijn subtiele borduursels meer effect. In een smetteloos wit geschilderde buitenwijk wordt een woning belaagd door een zwerm vieze bromvliegen.

Het juryrapport stelt tevreden vast dat vier van de bekroonde kunstenaars vorig jaar al tot de exposanten behoorden. Het is de vraag of dit een compliment is voor de jury, zoals de koningin in haar toespraak zei. Terwijl vorig jaar in het rapport nog melding werd gemaakt van "lange discussies" en "felle pleidooien" roepen tekst en tentoonstelling nu een beeld op van gezapigheid en compromis. Ook al is de tijd van het 'wilde schilderen' dan zogenaamd voorbij, het werk van Charlotte Schleiffert overtuigt mij meer dan dat van sommige winnaars. Bij een aantal abstracte, grijzige en blauwe doeken van andere exposanten bekroop mij het gevoel naar gebakken lucht te kijken.

Na de opleving van de jaren tachtig is de Koninklijke Subsidie in rustiger vaarwater terecht gekomen. De tentoonstelling biedt weinig echte verrassingen. Niet alleen de werkwijze van de jury, maar ook het aanbod is daar wellicht debet aan.

Het is in ieder geval opmerkelijk dat, zoals nu bekend werd gemaakt, vorig jaar het oordeel van het publiek voor het eerst overeenstemde met dat van de jury. De folkloristische, decoratieve doeken van een van de winnaars, Sarianne Breuker, kregen ook de publieksprijs.

    • Din Pieters