Sterke contrasten in puur bewegingsstuk van Roebana

Holland Dance Festival: Suites (dansen voor de koningin). Choreografie: Harijono Roebana en Andrea Leine; muziek: Ludwig van Beethoven; decor: Eric Barends; kostuums: José en Gertie Teunissen; licht: Peter Romkema. Gezien: 14/10 Den Haag, Korzo Theater. Aldaar: t/m 16/10. Daarna: t/m dec. in Nederland en België.

Het Korzo Theater opende gisteravond zijn reeks voorstellingen in het kader van het Holland Dance Festival met de première van Suites (dansen voor de koningin) van de dansers/choreografen Harijono Roebana en Andrea Leine.

Dat duo werkt al vier jaar samen, waarin het choreografisch aandeel van Leine steeds belangrijker werd. Zo stond de complexe produktie Waldo - door het Amsterdams Fonds voor de Kunst onderscheiden met de Aanmoedigingsprijs voor Choreografie 1991 - nog op Roebana's naam. Bij het ontwapenende dansstuk A shadow of a louder crash in 1992 werd Leine al bevorderd tot co-choreograaf. Deze keer tekenen beide partners voor het eindresultaat.

Suites (dansen voor de koningin) is een puur bewegingsstuk met een markante, heldere struktuur gezet op Beethovens Rasumovsky-strijkkwartetten. Om het muzikale betoog van de componist te doorbreken, zijn er pauzes ingevoerd. Meer vervreemdend is echter de stem van een Japanse "Benchi', de verteller bij stomme films. Diens op de geluidsband ingelaste met 'n lach en 'n traan-commentaar geeft een ironische lading aan de voorstelling.

Terugkerend element in de choreografie is het kontrast. Het dansidioom is rechtlijnig, strak en puntig of juist stroperig soepel. De koortsachtige bewegingsexplosies van de ene danser staan haaks op de martelende, moeizame wandeling van de ander. De vijf dansers - behalve Roebana en Leine nog de pittige Nori Postmus, de extroverte Carlos Vieira Marques en de meer ingetogen Jean Louis Barning - schakelen daarbij moeiteloos over van tempo, ritme of richting. Andrea Leine is echter de enige die ervan lijkt te genieten.

Kenmerkend zijn tevens de gedetaillerde isolaties van de verschillende ledematen. Dan toont Roebana, vooral in zijn solo's, verwantschap met Amerikaanse choreografen als Dana Reitz em Steve Paxton. Die bewegingscombinaties verhouden zich tot het overige dansmateriaal als de grillige krullen van de rococo tot de moderne zakelijkheid van Bauhaus en de Stijl.

Soms verwijst Roebana in een pose direkt naar de beeldende kunst. Ook de muts die hij draagt en de stok die hij hanteert, lijken te zijn ontleend aan Watteau's schilderijen. Dat kontrasteert weer met de moderne kleding van José en Gertie Teunissen en het door Eric Barends ontworpen decor van rasterwerk en ruiten dat door Peter Romkema werd belicht in blauwe tinten.

    • Caroline Willems