Opening van het Holland Dance Festival in Den Haag; Absurd en vernuftig ballet Naharin

Gezelschap: Nederlands Dans Theater. Première: Perpetuum, choreografie: Ohad Naharin, muziek: Johann Straus Jr., decor: Arik Levy, costuums: Rakefet Levy, licht: Bambi. Reprise: Forgotten Land, Kylian/Britten. Gezien 14/10, AT&T Danstheater, Den Haag. Daar nog te zien 15,16, 28, 29 en 30/10 en 5/11. Verder 19/10 Utrecht, 20 Enschede, 21 Arnhem, 22 en 23 Rotterdam, 26 Maastricht, 2/11 Groningen, 3, 4 en 6 Amsterdam.

Het Nederlands Dans Theater beet gisteravond de spits af van het vierde Holland Dance Festival dat tot en met 24 oktober in Den Haag plaatsvindt. Het gezelschap had daartoe een programma samengesteld bestaande uit een reprise van het in 1981 gemaakte Forgotten Land van Jiri Kylián en het vorig jaar voor het Ballet van het Grand Théatre de Genève gecreeërde Perpetuum van Ohad Naharin, die daarmee zijn tiende bijdrage aan het repertoire van NDT leverde.

Naharin koos als componist Johann Strauss, een naam die je niet vaak in de eigentijdse programma's van dansgezelschapen zult aantreffen. Wie verwacht getracteerd te worden op zwierige, smeuïge Weense dans-romantiek komt bedrogen uit, want Naharin plaatst de muziek in een volstrekt nieuwe context. Hij gaat uit van de structuur ervan en niet van de clichébeelden die er door de jaren heen aan zijn gaan kleven.

Het programmaboekje vermeldt dat Perpetuum bij de premiere in 1992 opviel vanwege het danstechnisch vernuft, gekoppeld aan een humoristische, absoluut waanzinnige aanpak. Inderdaad zit het werk boordevol absurditeiten, geraffineerd complexe bewegingen en gekke vondsten. De costumering heeft wel verwijzingen naar de balzaal van het negentiende-eeuwse Wenen met zijn lange, opgesmukte japonnen en betreste uniformen, maar de elegante chic heeft ontwerper Rakefet Levy er volledig afgehaald. Er staat een wat verloederd, slonzig gezelschap op het toneel. Geen keurige dames, maar pittige sloeries met uitgezakte kapsels. Geen stijve, opgeprikte heren maar hossende mannen die er niet voor terugdeinzen zich in hun ondergoed te vertonen.

Naharin gebruikt inventieve, grote en stevige bewegingen met heel subtiele accenten die verraden dat er meer gaande is dan louter dansplezier: onzekerheid, een trachten tot diepere relaties te komen, een zoeken naar blijvende waarden, het meegevoerd worden in een niet te stuiten maalstroom.

Strauss' muziek komt niet alleen uit de orkestbak maar ook uit een klein speeldoosje en een krassende grammofoon. Er zijn prachtige toneelbeelden: een man die tegen de achterwand hangt en zo horizontale houdingen kan aannemen, een groep zingende mannen, gekleefd aan die wand, waaraan tenslotte hun costuums lichaamloos achterblijven, een lawine platenhoezen en platen die over het toneel vliegen en rollen, een enorm bed dat uit de achterwand klapt en waarop een paar een disharmonieus liefdesspel speelt.

Perpetuum is een in alle opzichten fantasierijk werk dat soms een bepaalde beklemming oproept, maar ook regelmatig gegniffel in het publiek opwekte. De voortreffelijke vertolking lokte meerdere open doekjes uit. Dat deden ze ook in Kyliáns Forgotten Land, waarin opnieuw werd bewezen wat een groot choreograaf hij is en hoe zijn rijke bewegingsidioom in de loop der jaren veranderd is zonder ook maar iets van zijn specifieke eigenheid te verliezen.