Lubbers eet in het geheim met leiders van Aruba

DEN HAAG, 15 OKT. Vanavond is minister-president Lubbers gastheer tijdens een bijzonder werkdiner in het Catshuis in Den Haag, zijn officiële ambtswoning. Als voorzitter van de Koninkrijksministerraad zit Lubbers aan tafel met de Arubaanse minister-president Oduber, diens tegenvoeter, oppositieleider en oud-premier Eman en met minister Hirsch Ballin (koninkrijkszaken).

Bij de sessies van de Toekomstconferentie over vernieuwing van de staatkundige relaties binnen het koninkrijk komen wel vaker vertegenwoordigers van regeringen en opposities bijeen, maar hier betreft het een curieuze samenkomst met twee kemphanen waaraan geen enkele ruchtbaarheid is gegeven. Pottenkijkers wil Lubbers er ook niet bij hebben. Zelfs zijn trouwe ambtelijk raadadviseur voor koninkrijkszaken, Merckelbach, verschijnt niet aan de dis in het Catshuis. Volgens de Rijksvoorlichtingsdienst gaat het om een “vertrouwelijk en informeel” overleg.

Belangrijke onderwerpen van gesprek met de Arubaanse politici zijn de rol die Aruba met zijn status aparte speelt bij de afronding van de Toekomstconferentie en de moeilijke financiële situatie van het eiland.

Als een premier en een oppositieleider aan tafel worden genodigd, is er meestal meer aan de hand dan kwesties die tussen regeringen onderling kunnen worden behandeld. Kennelijk bestaat bij Lubbers, die dit jaar al enkele malen is opgetreden als voorzitter van de Toekomstconferentie, de behoefte om te verkennen of de Arubaanse politieke tegenstellingen zijn te overbruggen als het gaat om kwesties van nationaal belang. Hoewel Lubbers als weinig anderen weet dat Oduber en Eman de afgelopen zes jaar elkaars vijanden zijn geworden, acht hij het nu tijd geworden voor een poging tot pacificatie.

Wat Aruba betreft is daar alle aanleiding voor, en ook Nederland en de Nederlandse Antillen kunnen er voordeel bij hebben. Aruba wil graag deel van het koninkrijk blijven uitmaken, maar heeft daarvoor medewerking van de andere rijksdelen nodig, want nog steeds vermeldt het Konijkrijksstatuut dat het eiland per 1 januari 1996 volledig onafhankelijk wordt. Die bepaling moet worden geschrapt. Dat kan alleen met goedkeuring van de regeringen en parlementen van de drie rijksdelen. Nederland stelt eisen aan de twee andere rijksdelen voor wat betreft de deugdelijkheid van bestuur en het op orde brengen van de overheidsfinanciën.