Havist teveel uit op plezier

HAVO-leerlingen schoppen te veel plezier en weten te weinig van de maatschappij, blijkt uit onderzoek van de HBO-Raad. De raad ziet vier nieuwe types leerling voor zich.

Feitjes kent een HAVO-leerling genoeg. Maar het ontbreekt hem aan referentiekader om de feitjes te plaatsen en aan studievaardigheid. Dat concludeert de HBO-Raad deze week na bijna twee jaar onderzoek naar de vraag hoe de nieuwe inrichting van de bovenbouw van het voortgezet onderwijs, de zogeheten Tweede Fase, er voor het HAVO zou moeten uitzien. ""Havisten lezen veel te weinig kranten'', vat drs. J.J. Nijeboer samen. Hij is als wetenschappelijk medewerker van de HBO-raad bij het onderzoek betrokken. ""Een leerling verpleegkunde moet toch weten hoe het plan-Simons in elkaar steekt?'' En dat weten ze dus niet. De hogescholen bepleiten daarom dat scholen hun lesprgramma's minder breed maken en in de ruimte die zo ontstaat meer aandacht besteden aan ""het productief omgaan met de lesstof''. Ook zou de persoonlijke ontplooiing moeten worden onderstreept.

De HBO-Raad komt tot zijn conclusie na een onderzoek van het bureau Licor van de Rijkuniversiteit Leiden. Volgens dat onderzoek zijn havisten te veel gericht op plezier. Ze hebben een hoge fun-morality, zoals het in het rapport heet. Bovendien zijn ze eigenlijk wat te jong om een studie met vrucht te volgen, stelt Licor, en als ze zijn afgestudeerd zijn ze te jong voor een beroep met verantwoordelijkheid.

Toch bepleit de raad geen verzwaring van het HAVO, zoals minister van onderwijs Ritzen wil. Begin dit jaar kreeg zijn toenmalige staatssecretaris van onderwijs, J. Wallage brede steun van de Tweede Kamer voor zijn plan het HAVO om te vormen tot een èchte vooropleiding van het hoger beroepsonderwijs. Kamer en regering proberen met deze aanpak de zogenoemde diploma-inflatie te bestrijden: de tendens dat leerlingen opleidingen kiezen boven hun niveau.

De HBO-Raad vindt dat van de HAVO-leerling niet méér inzet moet worden gevraagd, maar een andere. Ze vindt dat de "doorstroomprofielen' op school, die binnenkort de vrije keuze in de examenpakketten moeten beperken, allemaal een flinke gamma-component moeten hebben. ""De profielen zoals die nu zijn voorgesteld hebben een te hoog Willie Wortel-gehalte'', zegt Nijeboer. ""Het zijn te veel bèta-gerichte kennisvakken. Er moet meer ruimte komen voor persoonlijke vorming en communicatieve vaardigheden.''

Net als de universiteiten pleit de raad voor een cultuur-maatschappelijk vak dat voor alle leerlingen verplicht is. Het huidige vak maatschappijleer, dat slechts vierhonderd havisten jaarlijks als examenvak kiezen, schiet volgens de raad tekort. Daarom stellen de hogescholen een nieuw vak voor: een combinatie van politicologie en sociologie. Behalve dit nieuwe maatschappijgerichte vak, moeten volgens de raad de creatieve vakken een belangrijker plaats innemen in de hoogste klassen. ""Een vak als tekenen draagt bij aan je ruimtelijk inzicht en aan je persoonlijke ontwikkeling'', zegt Nijeboer. Verder zou het HAVO meer aandacht moeten besteden aan taalvaardigheid, filosofie, cultuurgeschiedenis studievaardigheden.

De voorstellen van de HBO-raad verschillen overigens niet veel van de doorstroomprofielen die het ministerie wil. In de Profielnota Tweede Fase van het ministerie worden vier profielen voorgesteld: natuur en techniek, natuur en gezondheidszorg, economie en maatschappij en cultuur en maatschappij. Anders dan de universiteiten - die het liefst een globale stroomlijning in een alfa- en een bèta-richting zouden zien - is de HBO-Raad tevreden met het aantal van vier profielen.

Wel stelt de HBO-Raad voor twee profielen te iets veranderen. In plaats van economie en maatschappij zou samenleving en financiën moeten komen, een profiel dat voorbereidt op een HEAO-studie of op lerarenopleidingen. En in plaats van natuur en gezondheidszorg stellen de hogescholen een profiel gezondheid en milieu voor, die opleidt voor gezondheidszorg en voor de agrarische sector. Met vier profielen zouden de 250 HBO-opleidingen gedekt zijn. En de verschillende persoonlijkheden van de havisten.

Bij ieder profiel heeft de HBO-Raad een type leerling gevonden. Bij natuur en techniek hoort het type "prestatiegericht en theoretisch geschoold'. Bij samenleving en financiën past "vaardigheid in het toepassen van theorie in maatschappelijke studies'. Cultuur en techniek vraagt "maatschappelijke gerichtheid en een opgebouwde persoonlijkheid'. En het profiel milieu en gezondheid gehoeft het type "kennisgericht met een basis voor vaardigheid in maatschappelijk functioneren'.

Nu zij tot deze conclusie zijn gekomen, gaan hogescholen met hun bevinding de hort op. Overal in het land zullen conferenties worden georganiseerd om met HAVO-scholen de resultaten te bespreken. Een betere afstemming op het HBO moet een eind maken aan de uitval van havisten, want op dit moment is het aantal dat het eerste studiejaar niet haalt hoog. Dit voorjaar komt de HBO-Raad met een definitief voorstel voor de inrichting van de tweede fase.

    • Birgit Donker