Gewonnen duel tegen Engelsen vol sensatie, spanning en arbitrale fouten; Oranje dwingt met veel vechtlust geluk af

ROTTERDAM, 14 OKT. Verwarring overheerst temidden van zoveel opluchting, vreugde en wij-gevoel. Zoveel mensen om je heen getooid met balorige oranje petjes en oranje sjalen na de 2-0 overwinning van het Nederlands elftal op Engeland. Dan wordt gauw vergeten welk een chaos en agressie zich tot vlak voor de wedstrijd voor de hekken van de Kuip voordeed. Zo beangstigend als de massaliteit van volkomen uitzinnige, mogelijk doorgaans ingetogen mensen buiten het stadion kan zijn. Zo bevrijdend is dan binnen het stadion de aangename sfeer van samen blij zijn.

Dan word je niet alleen geroerd door het feestgedruis van de Nederlanders. Maar ook door de manier waarop de Engelse verdediger Tony Adams, gevolgd door zijn clubgenoten van Arsenal Ian Wright en David Seaman, naar het vak van de Engelse fans lopen om hen te bedanken voor hun aanmoedigingen. Een aangrijpende scène als je weet dat veel andere Engelse fans zich al ver voor de wedstrijd te buiten zijn gegaan aan verschrikkelijke vernielzucht. Hoe hecht de band is tussen voetbal en zijn aanhangers, begrijpen alleen Engelsen zoals Tony Adams, Londenaar en aanvoerder van Arsenal.

Zo verdriet te zien delen met de aanhang, maakt je nog meer een objectieve deelgenoot aan deze wedstrijd. Het Nederlands elftal te zien winnen, doet je voelen bij een zegevierend volk te behoren. Gelukkig maar, dat Nederland niet is uitgeschakeld voor deelneming aan het wereldkampioenschap, dat de kans groot is (een gelijk spel op 17 november in Polen volstaat) dat Nederland naar Amerika gaat. Dan blijft voetbal in Nederland leven. Maar als universele voetballiefhebber ben je ook begaan met het lot van zo'n gepassioneerde voetbalnatie als Engeland. Die moet ook kunnen leven.

Veel mensen in de voetbalwereld zullen opgelucht zijn dat het Engelse elftal zijn kansen op deelneming aan het wereldkampioenschap vrijwel heeft verspeeld. Vooral na het opgelaaide geweld van de supporters (voetbaltoeristen zeggen de Engelsen - dat is wat anders) heeft de organisatie van het WK en de wereldvoetbalfederatie (FIFA) weinig baat bij een invasie van Engelse voetbalfans.

Wie de Engelse bondscoach Graham Taylor na afloop kritiek hoorde spuien op de Duitse scheidsrechter Assenmacher, op het scheidsrechtersbeleid in het bijzonder, hoorde een getergd man. Een man die zich bestolen voelt, die zich natuurlijk ook bedreigd voelt door zijn kritische volgers van de pers.

Naar voetbalnormen dwong het Nederlands elftal de overwinning af, vooral het geluk. Een voetbalwedstrijd is niet altijd rechtvaardig, maar evenmin altijd onrechtvaardig. Dat hoort bij een voetbalwedstrijd. Wie zich inzet, ervoor vecht, gelooft in doelpunten en gelooft in winnen, heeft recht op geluk. Wat de Nederlandse voetballers gisteren aan dadendrang lieten zien, was al tijden niet vertoond. Maar de geluksfactor speelde een grote rol, nog groter dan bij de 2-2 in april op Wembley tegen Engeland.

Goed, in de zin van hoge kwaliteit, speelde het Nederlands elftal niet. Waar was het verschil in techniek en individuele klasse, die de laatste twintig jaar tussen Nederlandse en Engelse voetballers bestond? Misschien Bryan Roy, Jan Wouters en sporadisch Dennis Bergkamp als positieve uitzonderingen. Onderscheid was er nauwelijks. Maar daarom was de wedstrijd als spektakel juist zo interessant. Spanning, sensatie, foutieve scheidsrechterlijke beslissingen, veel kansen, (Engelse) schoten op de paal, redding op de doellijn (van Erwin Koeman), veel fouten en een schitterend doelpunt van Ronald Koeman, die profiteerde van het slechte opstellen van doelman Seaman. Maar de manier waarop Koeman profiteerde getuigt van een zeldzame traptechniek, van grote kwaliteit.

Met dank aan scheidsrechter Assenmacher, zou Koeman moeten zeggen. Twee minuten voor zijn doelpunt ontsnapte hij aan een rode kaart toen hij de doorgebroken Engelsman Platt op de rand van het strafschopgebied met zijn handen neerlegde. De scheidsrechter overwoog een strafschop te geven, maar zag dat zijn grensrechter aangaf dat de overtreding buiten het strafschopgebied werd ingezet. Het bleef bij een vrije trap en een gele kaart. Wanneer zondag in een willekeurige eredivisiewedstrijd zo'n overtreding wordt gemaakt, trekt de scheidsrechter de rode kaart.

Het moet gezegd dat Koeman zijn overtreding nog "netjes' beging. Een onervaren, gespannen verdediger zou Platt hebben neergemaaid met als vurige reactie op zo'n vurige overtreding een rode kaart en mogelijk een strafschop. Maar dan nog. Op Wembley sloeg Wouters met zijn elleboog Gascoigne bij een voorsprong van de Engelsen uit de wedstrijd. Wouters mocht blijven, het leek te veel op een ongelukje. De FIFA liet bij monde van secretaris Blatter zijn afschuw blijken. Maar daar bleef het bij. Over Nederlands geluk gesproken.

Over Nederlands ongeluk gesproken. Het doelpunt dat Frank Rijkaard in de eerste helft maakte, werd door scheidsrechter Assenmacher afgekeurd wegens buitenspel, op advies van de grensrechter. Een arbitrale waarneming is menselijk, vergissen is dus mogelijk. Maar, om met Taylor te spreken, een topduel vraagt een topscheidsrechter. Het gaat hem om grote belangen.

Wanneer grote belangen op het spel staan, loopt het technische niveau terug. Maar dan nog kan voetbal boeiend zijn. Die spanning, agressie en afweer die er vanaf straalt. Zoals Engelsen meestal spelen. Daar hadden de Nederlanders aanvankelijk moeite mee, zelfs de trotse John de Wolf. En natuurlijk Dennis Bergkamp. Die zag je lijden, bang voor zijn edele voeten, bang om te schieten na weer een mislukt schot, bang om te excelleren. Wanneer komt die vorm weer terug? Hoe? Hij vocht net zolang tegen zichzelf totdat hij zichzelf had overwonnen. Zo scoorde hij 2-0, als de ultieme opluchting.

Dan geniet je van Bryan Roy, zoals hij op de training beloofd had. Van Marc Overmars. Dan geniet je van Jan Wouters, professional naar hart en geest. Die man zou nog jaren mee moeten kunnen, zoals hij bijna foutloos en geduldig speelt. Gelukkig valt er nog wat te genieten van Nederlandse voetballers. Ze zijn nog niet uitgeschakeld voor het wereldkampioenschap. Juist op tijd blijken ze bereid de ingesleten nonchalance van zich af te gooien.

Genot en angst vechten op zo'n avond om een plaats in je hart. Zoveel zindering en sensatie om je heen van hoog springende mensen. De wave heeft iets van om de beurt met je handen naar de hemel reiken. Maar buiten het stadion, na de wedstrijd, slaat het weer toe. Politie, honden, pantser- en overvalwagens. Dan slaat de uizinnigheid en de waanzinnigheid toe. Tussen het leven in het stadion en het gewone leven ligt een weg bezaaid met agressie.

    • Guus van Holland