W.F. Hermans eist schadevergoeding voor boekjes Bob Polak

AMSTERDAM, 13 OKT. De schrijver W.F. Hermans eiste vanochtend in een rechtszaak 50.000 gulden schadevergoeding van Bob Polak, de samensteller van de boekjes Lebensraum en Pang, die onder Hermans naam verschenen. De in Brussel wonende schrijver verwijt Polak in Pang zonder toestemming fragmenten uit zijn werk te hebben overgenomen en deze te hebben verminkt tot een "waardeloos, rommelig en door toevoegingen ook nog inaccuraat en leugenachtig werkje.'

Voor de Amsterdamse rechtbank stelde de advocaat van Hermans, mr.S.A. Klos, vanmorgen dat de immateriële schade die door de boekjes is veroorzaakt 30.000 gulden bedraagt. Hermans zou zich de publikatie erg hebben aangetrokken. Daarnaast wil Hermans drieduizend gulden als honorarium voor de geciteerde zinnen en een forse vergoeding voor de kosten van zijn advocaat.

Het boekje Pang is, net als Lebensraum, in de handel gebracht tijdens de kleine uitgeversbeurs in Paradiso. Daarnaast zijn er nog enkele exemplaren via de Amsterdamse Athenaeum Boekhandel verkocht. De totale oplage zou 250 bedragen. Op de omslag wordt Willem Frederik Hermans als auteur genoemd. De uitgever zou Onno Verbeek uit Eibergen zijn. De inhoud bestaat uit een collage van romanfragmenten, foto-onderschriften, autobiografische teksten en brieven van de W.F. Hermans, aangevuld met woordne en zinnen van de hand van WFH-Verzamelkrantredacteur Polak.

Uit een vanmorgen tijdens de zitting verspreide verklaring van Polak blijkt dat hij met het boekje een literair doel heeft gehad. Hij wilde een debat op gang brengen over de oorlogsjaren van de door hem bewonderde W.F. Hermans. Uit het boekje zou kunnen blijken dat Hermans paranimf was bij een universitaire promotie na het invoeren van de loyaliteitsverklaring, hij zou een toneelstuk hebben aangeboden aan een lid van de Kultuurkamer, cafés hebben bezocht die voor joden verboden waren, en kunstavondjes hebben bezocht bij een van nazi-sympathieën beschuldigde acteur.

Polak beroept zich op de vrijheid van meningsuiting. Hij meent dat de door hem gehanteerde vorm een erkende literaire stijlfiguur is en vindt dat een zo bekende schrijver als W.F. Hermans door zijn statuur en onderwerpkeuze een zekere mate van discussie uitlokt.

De vele kosten die Hermans heeft gemaakt om de zaak aanhangig te maken noemt hij overdreven. Uit perspublikaties zou al snel duidelijk zijn dat hij de maker van de boekjes was. Bovendien heeft Polak al in februari tegen Hermans het auteursschap toegegeven en aangeboden zich van verdere activiteiten in deze richting te onthouden. Hij noemt de hoogte van de schadeclaim excessief hoog. De rechtbank doet 26 november uitspraak.