Duitsers opgelucht na uitspraak Hof over "Maastricht'

PAG.11 HOOFDARTIKEL

BONN, 13 OKT. Met een luide zucht van opluchting hebben de Duitse regering, de grote politieke partijen en het bedrijfsleven gereageerd op het groene licht dat het Constitutionele Hof in Karlsruhe gisteren gaf voor de definitieve ratificatie van het Verdrag van Maastricht. Direct gistermiddag al zette bondspresident Richard van Weizsäcker zijn handtekening onder de al vorig najaar parlementair aanvaarde goedkeuringswet en het ratificatieprotocol, het laatste van de twaalf EG-partners. Gisteravond heeft de Duitse regering dat protocol laten aanbieden in Rome, de plaats waar de Europese verdragen zijn gesloten.

Hoewel de acht rechters van de tweede senaat van het door vele honderden journalisten belegerde Hof in Karlsruhe gisteren de teugels van de Duitse regering voor het verdere Europese integratieproces onverwacht stevig aanhaalden, en de betekenis van de Maastrichtse verdragen tegelijkertijd relativeerden, overheersten in de officiële reacties grote tevredenheid en opluchting. Kanselier Helmut Kohl deed in elk geval niet alsof hij “een oorvijg” had gehad, zoals de vier Groene Europarlemtariërs meenden, die weliswaar hun klacht over een democratisch tekort in de Maastrichtse verdragen afgewezen zagen maar erop wezen dat het Hof de Duitse regering wel opdraagt meer voor de nu nog als “complementair” beoordeelde controlemogelijkheden van het Straatsburgse parlement te gaan doen.

Kohl, met president François Mitterrand dé grote aanjager van de verdere Europese integratie à la "Maastricht', reageerde schriftelijk op de uitspraak van het Hof en noemde die “een belangrijke wegwijzer voor het Europese integratieproces en zijn voortzetting”. Zijn ministers Klaus Kinkel (FDP, buitenlandse zaken) en Theo Waigel (CSU, financiën) waren sinds gistermiddag voor tientallen microfoons en camera's in de weer om duidelijk te maken dat het oordeel van "Karlsruhe' welbeschouwd eigenlijk precies weergaf wat zij in Brussel, Bonn en voor het Hof zelf al zo vaak hadden gezegd.

Pag.5: "Blauw oog voor Kohl'

Waigel beklemtoonde dat de betekenis van “Maastricht” natuurlijk niet was dat de D-mark zonder slag of stoot, min of meer “automatisch”, zou worden weggeven en dat de Bondsdag daarover natuurlijk nog vaak tussentijds zal worden gehoord. En Kinkel bleef zeggen dat de Maastrichtse verdragen natuurlijk óók niet betekenen dat Duitsland opgaat in een Europese bondsstaat. Dat laatste is waar, maar klonk toch vrij gedurfd nu de echo's van Kohls veelvuldige pleidooien voor een (federale) Europese bondsstaat ("de Verenigde staten van Europa') nog maar nauwelijks zijn verklonken.

Veel officiële vreugde dus in Bonn en ook bij het Duitse bedrijfsleven, dat er bij monde van het industrieel verbond BDI op wees dat het groene licht voor "Maastricht' nu moet worden gevolgd door een GATT-akkoord (“gemeenschappelijke oplossingen laten prevaleren boven nationale belangen”). En door een direct en gecoördineerd Europees gevecht tegen de economische recessie en de massale werkloosheid in de Gemeenschap.

Alles paletti (dikvoormekaar), pleegt de Duitser in zulke gevallen in de buurt van de kastelein of de kapper te zeggen. Het was als na verkiezingen, iedereen had gisteren gewonnen. Want ook de indieners van de klachten die het hof had afgewezen reageerden verheugd. De vroegere EG-topambtenaar Manfred Brunner, die had geklaagd over het zijns inziens ongrondwettige soevereiniteitsverlies dat de Bondsrepubliek met de verdragen van Maastricht had aanvaard, meende zelfs “voor 80 procent” te hebben gewonnen.

Brunner doelde daarmee onder meer, zei hij, op het oordeel van het hof dat die verdragen opzegbaar blijven, dat de Bondsdag steeds vooraf moet worden gekend in belangrijke stappen die de verdragen voorzien. En ook daarop dat het Constitutionele Hof zelf zegt dat het zal bljven toetsen of toekomstige Europese wet- en regelgeving niet strijdig is met grondwettelijke rechten. Voorts, dat het opgaan van de D-mark in één Europese munt geen onomkeerbaar en zeker geen automatisch proces is, maar dat de Duitse regering naar genoegen van de volksvertegenwoordiging zal moeten aantonen dat aan de strenge EMU-criteria is voldaan en dat de ecu in of na 1998 geen zwakkere uitgaaf van de mark is (of wordt). Ja, desnoods de D-mark weer zal moeten “terughalen”. Wat dat betreft zal ook de directie van de Bundesbank trouwens naar Karlsruhe hebben geknipoogd.

De Duitse regering is er “met een blauw oog” afgekomen, oordeelde de SPD'er Florian Gerster, die "minister voor Europa' in de deelstaat Rijnland-Palts is. Hij leek in de roos te schieten. Als de subsidiaire doelstelling van de EG is, net als die van de NAVO, om de Bondsrepubliek goed geïntegreerd te houden en als die doelstelling alleen maar aan betekenis heeft gewonnen sinds de Duitse eenwording en de implosie van het communisme beoosten de Elbe, was het gisteren inderdaad weer eens een historische en nog net goed afgelopen dag voor Duitsland en Europa. En voor Kohl, die nu uit Karlsruhe een nuchtere plaatsbepaling heeft gekregen. Daarvan zal hij soms enig ongemak overhouden, maar het oordeel van het hof maakt Bonn in Brussel óók wat minder chantabel, en dat is voor een onverdachte Europeaan als Kohl gezien de weerstanden in zijn eigen land nooit weg.

    • J.M. Bik