Recessie op drukke beurs FIAC voelbaar

FIAC, Grand Palais Parijs. T/m zo 17/10, dag 12-20u, do tot 23u. Entree: FF 50, catalogus FF 200.

PARIJS, 11 OKT. Onder overweldigende publieke belangstelling vierde de deftige dame onder de kunstbeurzen, de Parijse FIAC, dit jaar haar twintigste verjaardag. Vrijdag ging de beurs in het Grand Palais aan de Seine open. Toch is er niet veel reden om feest te vieren. Viel de verkoop sinds 1989 al fors terug, in het Grand Palais hebben ditmaal ruim dertig galeries minder dan vorig jaar hun tenten opgeslagen. Onder de 168 deelnemers ontbreken bovendien diverse grote namen: Michael Werner (Keulen), Konrad Fischer (Düsseldorf), Holly Solomon (VS) en Galerie Maeght (Parijs) bleven dit jaar thuis.

Het Franse dagblad Le Monde meldde donderdag dat de directeur van de Banque de la Cité, die de zaken van ruim vijfhonderd Parijse galeries behartigt, voor driehonderdmiljoen francs (ongeveer honderd miljoen gulden) aan leningen heeft uitstaan aan deze klanten. Galeriehouders zelf melden overigens dat de markt langzaam aantrekt. De opening was in elk geval zeer druk bezocht; de bezoekersaantallen van de FIAC zijn vorig jaar gestegen tot een record van honderdvijftigduizend.

Voor de ingang werden kolossale sculpturen van onder anderen Niki de Saint Phalle en Pouce de César feeëriek uitgelicht. De Keulse galerie Gmurzynska, deelnemer van het eerste uur, richtte bij wijze van cadeu aan de jarige een opmerkelijke expositie in met ruim vijfentwintig werken van Alexander Rodchenko. Deze stukken hingen in 1925 op de wereldtentoonstelling in Parijs en zijn eenmalig afgestaan door de in Rusland wonende familie van de avantgardistische schilder. Bij Gmurzynska gaan de zaken kennelijk uitstekend, er is geen enkel werk van Rodchenko te koop.

Op de opening werd van beroemde kunstenaars meteen al verkocht: onder meer Een blauwe spons van Yves Klein bij Annely Juda en een drieluik van Francis Bacon bij Waddington, beide uit Londen. Veel belangstelling trok ook galerie Beaubourg met levensgrote erotische sculpturen van Pierre Klossowski, zoals een vrouw die wordt omhelsd door een bronstig hert. Daar stak de stand van handelaar Anthony Meier (San Fransisco) sober bij af; slechts één groot alumimium beeld van Bruce Nauman hing aan het plafond, maar het moet dan ook zeshonderdvijftigduizend dollar opbrengen. Bij de Newyorkse Luhring Augustine wordt een uit hout gesneden hond van Jeff Koons (drie edities) aangeboden voor honderdvijfentwintigduizend dollar. En Galerie de France (Parijs) toont mooie recente installaties van Rebecca Horn.

Maar zoals gewoonlijk overheersen de klassieke modernen aan de Seine: prachtige tekeningen van Matisse, doeken van Picasso, Léger, Picabia en beelden van Giacometti, Tinguely en Miró. Een van de weinige jongere galeries is Pailhas uit Parijs; hier worden de kunstenaars van de galerie (onder wie de Nederlanders Joep van Lieshout en Fortuyn/O'Brien) via de nieuwste verkoopmethode aan het publiek voorgesteld: op videoschermen flitsen hun werken aan het oog van de bezoeker voorbij. Als die trend zich doorzet, is er straks geen kunstbeurs meer nodig om kunst aan de man te brengen.

    • Renée Steenbergen