Circus Hellas

WRAAK IS VOOR Andreas Papandreou klassiek zoet. Al bijna dertig jaar vecht de bejaarde nieuwe premier van Griekenland een persoonlijke vete uit met zijn leeftijdgenoot Konstantin Mitsotakis. De wederzijdse haat dateert uit 1965. Onder leiding van Mitsotakis trad toen een groepje apostates (renegaten) uit de Centrum Unie van vader Georgos Papandreou. Deze breuk was het begin van een politieke crisis die twee jaar later in een militaire staatsgreep zou uitmonden.

Europa en vooral Nederland was indertijd, mede uit gymnasiumsentiment, solidair met de Grieken die zich democraat noemden. Maar toen de kolonels in 1974 het veld ruimden, bleek er weinig veranderd te zijn. Papandreou en Mitsotakis begonnen gewoon weer opnieuw. De Griekse politiek bleef gefixeerd op de aloude patroons in Athene die hun macht in het land niet wensten te baseren op ideeën of maatschappelijke coalities maar op geld en baantjes voor hun cliënten. Nieuwe gezichten werden consequent uitgerangeerd, nog voordat ze konden bewijzen dat ze Griekenland waarlijk wilden moderniseren. Deze politieke cultuur kon zich handhaven dankzij de vrijgevigheid van de Europese Gemeenschap die dacht dat ze Griekenland via haar rijk gevulde fondsen op een ander pad zou kunnen brengen.

Dat was naïef, zo bewijst de verkiezingsoverwinning die Papandreou gisteren heeft geboekt. De ongekroonde leider van de Panhelleense socialistische beweging (PASOK) mag dan in de kaart zijn gespeeld door een groepje hypernationalisten dat eerder dit jaar Mitsotakis de rug heeft toegekeerd, zijn zege is ook het resultaat van de aloude patronagepolitiek die het land nog altijd beheerst. De beweging van Papandreou (let wel, de PASOK is bewust geen partij) zal het kiezersvolk dus eerst moeten belonen nu het de vendetta jegens Mitsotakis weer eens heeft gehonoreerd. Binnen het parlement zal Papandreou de chicanes bovendien tot nieuwe hoogte moeten opvoeren om aan de 180 stemmen te komen die hij nodig heeft om tot president te worden verkozen. Want het presidentschap is ook zo'n verstokte ambitie van Papandreou, al was het maar omdat die functie nu wordt bekleed door zijn nog oudere vijand Karamanlis.

DIT CIRCUS ZOU met enige distantie kunnen worden bekeken, ware het niet dat Griekenland lid is van de EG. Met andere woorden: de kans is groot dat Europa nu wederom voor de hypotheek van Papandreou zal moeten opdraaien. Dat nu moet Europa niet doen. Het is vermoedelijk te veel gevraagd, maar de EG dient haar tanden te laten zien. Niet alleen om te voorkomen dat de Gemeenschap haar eigen Suriname creëert, doch ook om Papandreou tot een keuze te dwingen: een keuze tegen de economisch-politieke cultuur waarin hij zelf groot is geworden, kortom, een keuze tegen zichzelf. Over het vertrek van Mitsotakis behoeft niet te worden getreurd. Maar als de Grieken echt deel willen zijn van Europa zullen zij een volgende keer ook afscheid moeten nemen van die andere echo uit het verleden.