Zanger van Mokumse levenslied is overleden

AMSTERDAM, 9 OKT. De zanger van het Amsterdamse levenslied Manke Nelis (Cornelis Pieters) is gisteren in het VU Ziekenhuis in Amsterdam overleden. Hij werd 73 jaar.

Tot drie jaar geleden was Manke Nelis nog iedere avond te zien en te horen in het café The Shorts of Londen aan het Rembrandtplein in Amsterdam. Om gezondsheidsredenen moest hij zijn optredens staken. Na een paar zware operaties maakte Manke Nelis in 1991 nog een keer zijn rentree in de Jaap Edenhal in Amsterdam.

Als kind werd Cornelis Pieters al "Manke Nelis' genoemd. Zijn voeten groeiden naar binnen en voor zijn tiende jaar werd hij dertien maal geopereerd. In 1956 verloor de zanger, destijds bekend onder de naam Carlo Pietro, zijn rechterbeen bij een motorongeluk in Frankrijk. Een eigen kroeg, "De Blauwe Druif' werd geen succes, omdat Manke Nelis zelf tot zijn beste klanten behoorde. Levercirrose, hartklachten niets bleef Manke Nelis bespaard. In 1988 overleefde hij een busongeluk in San Diego, toen hij met een groot aantal Nederlandse artiesten een tournee door Amerika maakte. Drie landgenoten kwamen daarbij om het leven.

Landelijke bekendheid verwierf hij in 1987 met het nummer “Kleine Jodeljongen”. Andere succesnummers waren “Laat de boel maar waaien” en “Tante Saar”. Ook schuwde hij het scabreuse lied niet.

Bekende artiesten met wie Manke Nelis samenwerkte waren André Hazes, Johnny Jordaan en Tante Leen. Met zijn zwager, de vorig jaar overleden accordeonist Johnny Meijer vormde hij jarenlang een duo. Ook heeft hij gewerkt met de Skymasters en stond hij begin jaren vijftig elf dagen lang in de Palladium in Londen. Manke Nelis heeft nooit zang- of muzieklessen gevolgd.