VPRO opent seizoen van nieuwe films zeer luchtig

Wild West, Ned.3, zondag, 22.30-23.51u.

De VPRO belooft dit seizoen elke zondagavond een niet eerder in de Nederlandse bioscopen of filmhuizen vertoonde recente speelfilm uit te zenden. Deze intensivering van de al langer lopende "Cinema Primeur'-reeks wordt in de VPRO-gids door programmeur Harry Hosman voorzien van de omineuze toelichting dat bij de selectie niet alleen is gelet op cinematografische kwaliteit en diversiteit: “De films bevatten vaak een actuele reflectie op politieke en sociale ontwikkelingen in het land van herkomst”.

Met die bril op naar overschietende films kijken blijkt telkens weer een hachelijke onderneming. Je loopt dan immers kans niet alleen mooie winkeldochters aan de haak te slaan, maar ook politiek-sociaal verantwoorde, waar geen lol aan te beleven valt. Voor alle zekerheid opent de serie dus maar met een vrolijk werkje, zo luchtig en lichtvoetig dat het gebrek aan maatschappelijke reflectie bijna pijnlijk wordt.

Wild West is een enkele maanden geleden in Engeland uitgekomen debuutfilm van David Attwood, geschreven door de eveneens debuterende Harwant Bains. Kennelijk wilden Attwood en Bains ten koste van alles de schijn vermijden van klagerigheid of zelfs maar van de morbide humor, die bijvoorbeeld Stephen Frears in My Beautiful Laundrette gebruikte om iets te vertellen over allochtone Britten. De wederwaardigheden van een uit drie Pakistaanse broers bestaande country & western-band, the Honky Tonk Cowboys, doen inderdaad vermoeden dat het in Southall, West-Londen wild toegaat. Alledaags racisme, geweld, werkloosheid en de heimwee van een vorige generatie worden in Wild West in een bijrol gedrongen. De hoofdzaak is het plezier in het muziek maken, het in een open oude Cadillac rondrijden en het van de ene visuele grap in de andere stappen.

Natuurlijk geeft de titel al aan dat Attwood en Bains voor de aardigheid een uitbundige western wilden maken op een onverwachte locatie met weinig voor de hand liggende protagonisten. Het is wel een western geworden van het type dat eerder Roy Rogers in de hoofdrol heeft dan John Wayne.

De basisgrap is snel versleten, eigenlijk al wanneer de cowboy onder de begintitels op zijn fiets de hoofdstraat in rijdt. Maar vervolgens wordt de geestig bedoelde trouvaille tot op het bot afgekloven, met songs van country-sterren Nanci Griffith en Steve Earle die de gemoedstoestand van de hoofdpersonen becommentariëren en een opnamesessie, waarbij de zangers volgens de ergste clip-clichés hun hand op de koptelefoon houden.

We begrijpen het: niet alle Pakistani's in Londen zijn zielig, er mag gelachen worden om klein en groot leed, want er zijn al genoeg tragedies gemaakt over de desillusies van het beloofde land. Maar de onbenulligheid van Wild West gaat ver over de schreef, te meer daar Attwood het talent mist om een even aanstekelijke film over Pakistaanse cowboys in Londen te maken als Alan Parker over een Ierse soulband (The Commitments).

De bandbreedte en kwantiteit van het huidige Nederlandse bioscoopaanbod in aanmerking nemend, is het vaak niet helemaal ten onrechte, wanneer een speelfilm onuitgebracht blijft.

    • Hans Beerekamp