Susanti, heilig in Indonesië, anoniem in 's-Hertogenbosch

DEN BOSCH, 9 OKT. Toen Oranje Europees voetbalkampioen werd, stond Nederland op zijn kop. Vergelijkbare taferelen speelden zich vorige zomer af in Indonesië, toen badminstonspeelster Susi Susanti in Barcelona goud won. Eén dag later evenaarde haar verloofde Allan Budi Kusuma deze prestatie en daarna kende de vreugde van de 180 miljoen Indonesiërs geen grenzen meer.

De "Godfather' van het Indonesische badminton, vice-president Sirigar, spreekt over “de mooiste dagen van mijn leven”. “Stelt u zich eens voor. Tijdens de finales in Barcelona zat iedereen aan de televisie gekluisterd. Het openbare leven lag compleet stil. Maar het was dan ook iets heel bijzonders. In 1952 maakten wij in Helsinki ons olympische debuut. En pas na 40 jaar - via Susi - wonnen we onze eerste gouden medaille. U kunt zich voorstellen, dat er een compleet volksfeest losbarstte.”

Susanti en Kusuma werden na afloop van de Olympische Spelen uitgebreid gefêteerd. Ze werden met hoge politieke ambtsdragers rondgereden in Jakarta en Bandung en ontvingen hoge onderscheidingen. Van sponsors kregen ze een douceurtje in de vorm van één miljoen dollar. Hoewel Susi Susanti deze week bij de Dutch Open in Den Bosch wat omzichtig doet over de hoogte van het geldbedrag, heeft Sirigar er niet de minste moeite mee om zakelijk mee te delen, dat het bedrag keurig over de beide geliefden verdeeld werd: “Ieder kreeg een half miljoen dollar op de bankrekening.”

Was de olympische triomf van Kusuma nog enigszins verrassend - er waren immers nog enkele andere belangrijke gegadigden -, de gouden plak van Susanti kwam exact overeen met de planning. Op 21-jarige leeftijd was ze immers in de kracht van haar sportleven. Bij de All-England-toernooien van 1990 en 1991 had ze al nadrukkelijk bewezen internationaal de beste te zijn.

Susanti en Kusuma zijn "produkten' van een goed geolied sportsysteem. Indonesië kent weliswaar relatief weinig georganiseerde badmintonners (450.000), maar daarnaast zijn er naar schatting drie miljoen liefhebbers die dagelijks met veel genoegen tegen een shuttle meppen. Sirigar: “Dat aantal is natuurlijk een ideale voedingsbodem voor een verdere ontwikkeling van de talenten.”

De Indonesische bond telt in totaal 35 specifieke badmintoncentra, die zijn verdeeld over de 27 provincies. In die centra worden dagelijks urenlange oefensessies afgewerkt, waardoor de patronen zo ingesleten raken, dat ze bij wijze van spreken met de ogen dicht kunnen worden uitgevoerd. Via zes "trappen' hopen de talentvolle spelers uiteindelijk terecht te komen in het walhalla van de badmintonsport: het Nationaal Sportcentrum in Jakarta. Daar trainen de A- en B-selectie. De elitegroep, die bestaat uit 50 spelers, heeft dagelijks vijf uur baantraining. Daarnaast is er nog volop ruimte voor medische en psychologische begeleiding. Susanti: “Via een vast rooster praten we met onze sportpsycholoog over alles wat ons bezighoudt. Dat werkt heel goed, want sporten op het allerhoogste niveau werkt nu eenmaal spanning in de hand.”

Veel tijd voor andere zaken heeft het keurkorps niet. In wisselende groepen worden internationale toernooien aangedaan. De vaak forse geldprijzen mogen de toppers op een kleinigheid na zelf behouden. Tien procent moet aan de bond worden afgedragen. Aangezien Susanti vrijwel ieder evenement waar ze van de partij is winnend afsluit, mag ze zich op 22-jarige leeftijd al ruimschoots miljonaire noemen.

Met de nationale B-selectie wordt anders omgegaan. Voor de circa 35 jeugdige spelers is een uitgekiend trainings- en studieprogramma opgesteld. Het hele sportsysteem kost de Indonesische badmintonbond ongeveer vier miljoen gulden per jaar. Naast steun van de overheid staat het bedrijfsleven in de rij om de topsporters financieel te ondersteunen.

Voor Susi Susanti is er na "Barcelona' veel veranderd. Ze was al een bekende sportvrouw, maar inmiddels is ze zo ongeveer heilig verklaard. En voorlopig komt er nog geen einde aan haar carrière. Ze heeft zich voorgenomen door te gaan tot de Olympische Spelen van 1996. Ze is dan overigens pas 25 jaar. “En misschien dat ik me daarna nog wel ga specialiseren als dubbelspeelster.” Ze heeft nog maar één echte ambitie: “ik wil dolgraag met het Indonesische team ten minste één keer de Uber-Cup (wereldbeker) veroveren. Toch zal dat moeilijk zijn, want China is in de breedte nog steeds een stuk sterker.”

Met de olympische kampioene maakt Indonesië goede sier in het buitenland. Vorige week was zij in Duitsland, waar Susanti uitgebreid te zien was in de bekende talkshow op het ZDF: Das Aktuelle Sportstudio. Susanti en Kusuma zijn inmiddels in Duitsland bekende persoonlijkheden, want ze vertonen voor veel geld hun kunsten ook in de Bundesliga.

Wekt Kusuma nog enigszins de indruk ook buiten de baan iets te vertellen te hebben, bij Susanti is het toch vooral haar racket dat spreekt. Haar beeltenis is met haar toestemming wel één keertje gebruikt voor een anti-rookreclame, maar daarmee zijn haar buiten-badminton-activiteiten wel zo ongeveer beschreven. Op zich was dit trouwens een opmerkelijke actie, want het laatste decennium waren het vooral de tabaksfirma's, die voor de miljoenenbudgetten in het de badminton zorgden.

Terwijl Susanti in Jakarta niet rustig op straat kan lopen zonder voortdurend te worden aangeklampt, is Den Bosch voor haar een rustgevende omgeving. Een journalist die deze week voor "een leuk verhaal' naar de Bossche Maaspoort kwam, hoorde tot zijn verbazing dat er zowaar olympische kampioenen aanwezig waren. En tot zijn niet geringe vreugde stond hij naast Susi Susanti. “Susanti? Nooit van gehoord!”

    • Ted van der Meer