Schwerpunkt Buchmesse gedurende een dag in teken van vrouwen en kinderen; Een kus, griffels, penselen en discussie

FRANKFURT, 9 OKT. “Mag ik u kussen?” “O, eerst even mijn bril afzetten.” In de feestzaal van het hotel Hessisscher Hof ontspon zich gisteren een onverwachte dialoog. De kus ging uit van Paul Biegel, dit jaar de winnaar van de gouden griffel met zijn kinderboek Nachtverhaal. De bril ging af bij Hella Haasse, de 'grand Dutch lady of Literature'. Haar was dit keer gevraagd gevraagd de griffels en penselen uit te reiken.

Voor het eerst in de geschiedenis had deze plechtigheid plaats buiten de Nederlandse grenzen. Vanwege het Schwerpunkt op de Frankfurter Buchmesse had de CPNB alle winnaars en juryleden gisteren in alle vroegte in een bus geladen en naar Duitsland gereden. Samen met enkele buitenlandse uitgevers en journalisten kregen ze daar een lunch aangebonden en wat kleine voorstellinkjes.

De schrijver-tekenaar Max Velthuijs kreeg dit jaar, net als vorig jaar, zowel een zilveren als een gouden bekroning, nu voor de tekeningen en de tekst van zijn boek Kikker in de kou. In zijn dankwoord zei hij dat al deze bekroningen ook hun schaduwkanten hadden. Onbekommerd aan tafel gaan zitten en opnieuw beginnen is er niet meer bij. “Verwacht van het volgende boek dus maar niet te veel. Dat wordt een heel gewoon boekje.”

Het Nederlandse en Vlaamse programma stond de hele dag in het teken van het kinderboek. In de spiegeltent op het Messeplein lazen Nederlandse kinderboekenschrijvers voor uit eigen werk. Er werd over kinderboeken gedebatteerd en 's middags stond er een discussie op het programma over de vraag waarom Nederlandse en Vlaamse kinderboeken het de laatste tijd zo goed doen in het buitenland.

's Avonds was het de beurt aan de vrouwen, als soort. Zes Nederlandse en Vlaamse schrijfsters lazen in het Bürgerhaus Bornheim voor uit de Duitse vertalingen van hun boeken. Een panel onder leiding van Gerda Meijerink praate over "ironie en diepere betekenis'. En er waren muzikale en humoristische intermezzos van vrouwen. Het werd een goed bezochte en zeer geanimeerde avond.

In de pauze was er gelegenheid de boeken van de voorlezende schrijfsters te kopen. Als ze tenminste nog voorradig waren. Van Yvonne Kroonenberg had de boekenstand vijf boeken meegenomen maar haar optreden was zo'n succes dat er makkkelijk een veelvoud hiervan verkocht had kunnen worden. Voor een gierende zaal las ze een hilarisch verhaal ('alles is echt gebeurd') over het uitproberen van een verrassingspakket vibrators.

Tegen half tien verscheen plotseling minister Hirsch Ballin in de zaal. Hij kwam niet voor de vibrators maar voor de Curaçaose vrouwengroep A variety of Strength. De minister heeft de Antillen destijds toegezegd dat er tijdens het Nederlands Vlaamse Schwerpunkt aandacht zou worden besteed aan de Antilliaanse cultuur en hij is nu in Frankfurt om het resultaat van zijn nagekomen beloftes te bekijken.

In de discussie werd onder meer de vraag behandeld waarom de Nederlanders meer gevoel voor ironie dan de Duitsers hebben. Had dat met het schuldgevoel van de Duitsers te maken? Is er onschuld nodig voor ironie? De Duitse schrijfster Eva Demski die aan het panel was toegevoegd vroeg zich af of de vraag terecht was. Ze had zich net verschrikkelijk aan de zelfingenomen en weinig ironische toon geërgerd die Harry Mulisch en Cees Nooteboom in een interview aansloegen. “Alsof ze de Nobelprijs al aan het verdelen waren.”

    • Reinjan Mulder