Instinct tot zelfbehoud drijft de Britse Conservatieven

BLACKPOOL, 9 OKT. John Major heeft in Blackpool de beste rede gehouden waartoe hij tot nu toe in zijn carrière als leider van de partij in staat is gebleken. Hij betrad het podium in de wetenschap dat de kiezers hem lager achten dan welke premier van na de Tweede Wereldoorlog ook en in het besef dat zijn voorgangster, Margaret Thatcher hem een intellectueel lichtgewicht acht.

Tegen die achtergrond is het nog erger dat de Conservatieve Partij tot in het kabinet is gespleten: in een luidruchtige minderheid op rechts en een steeds feller reagerende meerderheid in het centrum en op links. De barst die begon over Engelands positie in Europa, is verwijd tot een kloof tussen wat ruwweg heet Thatcheristen en Majoristen. Maar Major kan de dissidente Thatcheristen niet tot de orde roepen, omdat hij elke stem in het Lagerhuis moet cultiveren, wil hij met zijn geringe meerderheid van zeventien niet weggestemd worden.

De partij heeft sinds mei 1992 zo onrustbarend verloren in tussentijdse verkiezingen, dat de partijleiding aan een waar offensief is begonnen om het weglekken van stemmen tot staan te brengen. Major, een aardige man, kreeg van zijn getrouwen in alle vriendschap de wacht aangezegd. Òf hij maakte een eind aan het gekibbel door te laten blijken dat hij de baas is, òf hij zou - net als Thatcher - moeten gaan. Als er één ding is waarin de Conservatieve Partij niet onderling is verdeeld, is het het collectieve instinct tot zelfbehoud. Als het behoud van je Lagerhuiszetel op het spel staat is het tijd om je leider te dumpen.

John Major koos voor zijn cruciale rede gisteren de tactiek die hem in de laatste verkiezingscampagne onverwachte populariteit bezorgde: de tactiek van het intieme gesprek, de rechtstreekse dialoog met de grass roots. Er was dit keer, niet als in de verkiezingscampagne een soap-box, maar het podium was expres verder dan gebruikelijk de zaal van de Wintergardens ingebouwd en de spiekschermpjes van de teleprompters waren weggehaald. Zo creëerde premier Major met succes de illusie van een belaagd politicus die over de hoofden van zijn collega's en de media heen zijn publiek rechtstreeks tot getuige roept om de juistheid van zijn strategie te bevestigen.

Wat de inhoud van zijn rede betrof, haakte Major onvermijdelijk in op het thema dat de partijleiding deze hele week heeft willen demonstreren: dat van de eenheid en de loyaliteit, zonder welke er geen blijvende overwinning in het verschiet ligt. Die demonstratie nam aanvankelijk belachelijke proporties aan door de voortijdige publikatie van het gedachtegoed dat Margaret Thatcher in haar memoires tentoonspreidt.

Er ontstonden daardoor deze week twee parallelle conferenties: één in de Wintergardens zelf, waar minister na minister harmonie en loyaliteit predikten, en één in de bars en vergaderzaaltjes daarbuiten. Daar konkelden de dissidenten en poneerden (ex-)kabinetscollega's hun persoonlijke visie in de hoop op een machtspositie later.

De premier was naar verluidt witheet over de uitlatingen van Thatcher, maar in feite blijkt zij hem een dienst te hebben bewezen. “De puist is nu tenminste doorgebroken”, zei Douglas Hurd gisteren. Hij bedoelde: onthullingen in de Sunday Times van morgen kunnen Majors pleidooi voor eenheid en loyaliteit nu niet meer overschaduwen. En: Thatcher heeft het bij het grote publiek nu eindelijk verkorven. Het ziet haar na deze week meer als een spelbederfster en geen haar beter dan Ted Heath, háár voorganger, die evenmin kon uitstaan dat “dat mens” hem van zijn troon gestoten had.

Major ontwikkelde geen grote visie voor de jaren negentig, anders dan dat hij de basisprincipes van de Conservatieve Partij herbevestigde: het primaat van de individuele ontplooiing en verantwoordelijkheid, met respect voor de ander en een harde aanpak voor degenen die zich zelf buiten de wet stellen. Maar hij versterkte zijn gehoor in wat hij noemde de basisinstincten van het Britse volk op zoek naar een onbelemmerde handel in de wereld, gekant tegen belemmeringen in de GATT-onderhandelingen (“Ik zeg tegen sommigen van onze Europese collega's: haal jullie tractors van ons gras af”) en meer dan ooit gekeerd tegen het idee van een federaal Europa.

Hoe de premier de terugkeer naar de normen van weleer wil bewerkstelligen en op welke termijn is niet duidelijk. Maar zeker is dat de magie van zijn woorden voor het moment werkte. Een extatische reactie van de zaal werd zijn deel. Het is dit betoon van loyaliteit van de grass roots dat John Major straks tot schild moet dienen als MP's overwegen hem de wacht aan te zeggen. Vierendertig handtekeningen, een snufje dissidentie en het uitblijven van een duidelijke economische opleving zijn nog steeds voldoende om het zover te laten komen.