Iedereen roept in Nigeria en niemand luistert

De presidentsverkiezingen in Nigeria werden onlangs gewonnen door multi-biljonair Moshood Abiola. Maar de uitslag werd niet erkend en sindsdien wordt het land bestuurd door de interimregering van Ernest Shonekan. Dat wil zeggen, van regeren komt niet veel. Vooralsnog verkeert Nigeria in een staat van ordelijke anarchie, maar volgens sommigen is het land hard op weg naar een nieuwe burgeroorlog. De komende maanden lijken beslissend.

Dorpshoofd Iyiora Okebode van Ayepe kan zijn emoties nauwelijks beheersen. ""Ze hebben ons belazerd'', buldert hij. ""Abiola is een man van het Yoruba-volk, daarom mocht hij geen president worden. De noorderlingen willen de macht niet uit handen geven.'' Zijn schele, doffe ogen lichten op, zijn speeksel vliegt door de donkere ruimte van zijn huisje. Hij is kwaad, zijn woorden verlaten zijn mond als vuurwerk. ""Weet u, mijn vader stichtte lang, héél lang geleden dit dorp. Nog nooit eerder waren zij zó enthousiast voor de verkiezingen. En wat doet Babangida? Hij annuleert de uitslag! Maar ik zeg u: iedere prins, iedere Oba, ieder dorpshoofd van de Yoruba die bij de gratie van God de kans wordt geboden te regeren, zal heersen. Zo zal het ook met Abiola gaan. Als hij geen president wordt, zal mijn dorp nooit meer stemmen.''

Zijn lange slaapmuts valt van zijn gerimpelde hoofd, hij veegt zweet van zijn gezicht. Wanneer hij niet meer uit zijn woorden komt, neemt zijn zoon de monoloog over. ""Abiola luistert naar de roep van de armen, hij neemt het op voor boeren, zoals wij in Ayepe. Wij eisen op wat ons toekomt: Abiola moet worden geïnstalleerd als president van Nigeria.'' Hij kijkt vragend naar zijn bejaarde vader en verklaart dan onder instemming van het hele gezin: ""Als het moet, komt er oorlog. In een oorlog kan je maar één keer sterven.''

In het gehele zuidwesten van Nigeria, woongebied der Yoruba's, klinkt dezelfde roep: de uitslag van de op 12 juni gehouden presidentsverkiezingen, gewonnen door de multi-biljonair Moshood Abiola, moet alsnog worden erkend. De hoofdcommissaris van politie in het stadje Opomo voegt zich bij een groepje mannen in de bar en zet een flesje bier aan zijn mond. ""De stakingsactie eind vorige maand om Abiola aan de macht te brengen, was hier een groot succes'', zegt hij glunderend. ""Natuurlijk zijn wij politieagenten tegen de interimregering van Ernest Shonekan. Hij is een creatie van Babangida. Wij vroegen de bevolking niet te demonstreren tijdens de algemene staking, want we wilden geen arrestaties verrichten. Net als het merendeel van de soldaten staat de politie achter Abiola.''

Verwondering

In de strijd die sinds juni wordt gevoerd voor democratie in Nigeria en voor de erkenning van de algemeen als eerlijk ervaren verkiezingsuitslag, heeft Abiola symbolische betekenis gekregen. Abiola wordt aanbeden, een rationeel gesprek over zijn corrupte verleden en zijn dubieuze kwaliteiten valt in Yoruba-land vrijwel niet te voeren. Abiola staat symbool voor hoop, voor democratie, voor een einde aan verpaupering, voor een sterke natie, voor de herwonnen trots van een getergd volk.

Door de annulering van de verkiezingsuitslag zijn de tribale en regionale verschillen in het land aangescherpt. De emoties onder de 19 miljoen Yoruba's lopen gevaarlijk hoog op. Elders in het land heerst verwarring. Onder de 16 miljoen Ibo's in het oosten en de 19 miljoen Hausa's en de 10 miljoen Fulani's in het noorden behaalde Abiola bij de geannuleerde verkiezingen eveneens een ruime meerderheid op zijn rivaal, de noordeling Bashir Tofa. Deze volkeren delen de woede over de annulering van de verkiezingsuitslag, maar zij aanbidden Abiola niet zoals de Yoruba's doen.

Duizenden Ibo's ontvluchtten na bloedige rellen in juli de metropool Lagos uit vrees voor tribaal geïnspireerd geweld. De noorderlingen, die sinds de onafhankelijkheid de macht uitoefenen in Nigeria, verkeren in een dilemma. Met de verkiezing van de zuiderling Abiola dreigen zij hun greep op de macht te verliezen. De noordelijke elite raakt in paniek. ""We stemden op Abiola, omdat het noorden geen sterke kandidaat had gesteld bij de verkiezingen'', zegt een noorderling. ""In de confrontatie tussen Abiola en Shonekan kunnen we geen partij kiezen. Wanneer er een oplossing mogelijk blijkt, waarbij alsnog de politieke macht in het noorden blijft, dan kiezen we daarvoor.''

Schreeuwende krantenkoppen geven een beeld van een natie in nood: "Nigeria op de rand van de afgrond', "Op weg naar een nieuwe burgeroorlog', of "De natie dreigt te worden opgesplitst.' De tribale en regionale tegenstellingen zijn, zo menen oudere Nigerianen, sinds de Biafra-oorlog niet meer zo op de spits gedreven.

Opgewonden politici gooien iedere dag meer olie op het vuur. Een dreigement voor afscheiding door gouverneurs van oostelijke deelstaten, waar olie wordt geproduceerd, deed onlangs de nachtmerrie van de burgeroorlog van 1966 tot 1970 voor even herleven. Babagana Kingibe, Abiola's running mate, riep vorige week de Nigerianen op zich opofferingen te getroosten: ""We hebben in dit land nooit echt hoeven vechten voor onze vrijheid, maar nu is de tijd daarvoor aangebroken.'' Anderen smeken het leger om ""in naam van de democratie'' in te grijpen. Activisten van de Campagne voor Democratie willen het land onregeerbaar maken door stakingsacties. Iedereen roept in Nigeria en niemand luistert.

Tragedie

Nigeria verkeert in een staat van ordelijke anarchie, zonder regering met werkelijke macht. De staatsmedia smeken de Nigerianen in reclamespotjes Shonekan's interim-regime te accepteren. Het Huis van Afgevaardigden, waarin Abiola's "Sociaal Democratische Partij' (SDP) de meerderheid heeft, mag van de regering niet bijeenkomen wegens financiële problemen. Shonekan verdedigt zijn interim-regering door te waarschuwen voor een ramp.

""Wanneer in de toekomst de crisis van na de verkiezingen in een juist perspectief zal worden geplaatst, wanneer wordt erkend hoe dicht we een tragedie van immense proporties waren genaderd, dan zou het besluit om een interimregering te vormen, worden gewaardeerd...'', aldus een weinig overtuigende Shonekan in zijn rede op de Onafhankelijkheidsdag begin deze maand. Terwijl zijn regering iedere dag verder aan geloofwaardigheid verliest, zet Abiola zijn offensief tegen Shonekan voort. De politieke crisis en de zo mogelijk nog grotere, al jaren sluimerende sociale spanningen dreigen, als de impasse nog veel langer voortduurt, binnenkort tot uitbarsting te komen.

Slecht leiderschap is de oorzaak van Nigeria's problemen, schreef enkele jaren geleden de Nigeriaanse auteur Chinua Achebe. De meester-manipulator uit de Nigeriaanse politiek, Ibrahim Babangida, had toen nog geen naam gemaakt en de corrupte populist Moshood Abiola hield zich nog slechts met zijn omvangrijke zakenimperium bezig.

De bevolking verwelkomde hem als redder van de natie, toen generaal Babangida in 1985 door middel van een militaire staatsgreep aan de macht kwam. "Maradonna', naar de Argentijnse voetballer, gaven de Nigerianen hem als troetelnaam. Behendig dribbelde Babangida over het politieke en economische mijnenveld van Nigeria. Babangida verfijnde het patronage-systeem in de politiek, hij kocht de aanhankelijkheid van politici en militairen. Miljoenen uit de staatskas vloeiden naar privé-rekeningen. ""Iedere militair en politicus had voor Babangida een prijskaartje op zijn hoofd'', zegt een Nigeriaanse waarnemer. ""Daarom kent Nigeria zo weinig politieke gevangenen. Er bestaat daarvoor geen noodzaak, opponenten worden omgekocht.''

In 1987 zegde Babangida een geleidelijke terugkeer naar de democratie toe. Onder de burger-politici zaaide hij wanorde door aanvankelijk alle deelnemers aan vorige regimes van het politieke veld te sturen. Toen als onderdeel van het "democratiseringsproces' een veelvoud aan politieke partijen zich had aangemeld, diskwalificeerde hij al deze partijen en creeerde zelf twee partijen.

Voor de SDP, links van het centrum, en de Nationale Republikeinse Conventie (NRC), rechts van het midden, liet hij de partijprogramma's schrijven. SDP en NRC werden twee grote en dure staatsbedrijven onder controle van de president. Verkiezingen, die in Nigeria traditioneel gepaard gaan met omkoping van kiezers, werden ongeldig verklaard, wanneer de uitslag Babangida niet kon behagen. De machtsoverdracht aan een burger-president, beloofd voor 1990, werd steeds meer op de lange baan geschoven.

Nonsens

""Ik heb altijd gezegd dat Babangida nooit plannen had om de macht over te dragen'', zegt in Ibadan de voormalige gouverneur van de deelstaat Oyo, Bola Ige. ""Daarom heb ik nooit aan die nonsens van het democratiseringsproces meegedaan. Altijd wist hij weer een reden te bedenken om de machtsoverdracht uit te stellen. Babangida was een uiterst slim politicus.''

Na verkiezingsrondes in de afgelopen jaren voor plaatselijke bestuursraden, deelstaatparlementen en -gouverneurs, het federale Huis van Afgevaardigden en de Senaat restten in juni nog de verkiezing van een president.

Na geannuleerde voorverkiezingen, en conventies van de twee partijen waar met miljoenen naira's aan smeergeld was gestrooid, waren twee vrienden van Babangida overgebleven als kandidaten. De multibiljonairs Tofa en Abiola waren bovendien zakenrelaties van de president of leverden goederen aan het leger. Vlak voor de verkiezingsdag stapte de aan Babangida gelieerde pressiegroep de "Associatie voor een Beter Nigeria' (ABN) naar de rechter in een poging de verkiezing af te gelasten. Enkele dagen na de verkiezingen, toen de meeste uitslagen waren geteld, annuleerde de regering de verkiezingen met een verwijzing naar deze door tegenstanders begonnen rechtszaken. Babangida had een verfijnde staatsgreep uitgevoerd.

De sublieme dribbelaar was echter té ver gegaan met zijn manipulatie. Hoge officieren in de strijdkrachten zagen met afgrijzen hoe naam en eer van het leger werden aangetast door Babangida's spel. In een laatste poging aan de macht te blijven probeerde de president de noorderlingen van de NRC aan zijn zijde te krijgen. Zijn afgezanten deelden in het Huis van Afgevaardigden grote sommen gelds uit aan parlementsleden van de NRC die een motie zouden indienen ""om Babangida te verzoeken aan te blijven als president''. De parlementsleden van NRC en SDP gingen met elkaar op de vuist, waarna de voorzitter van het parlement, een lid van de SDP, ingreep en indiening van de motie onmogelijk maakte.

Een groep hoge militairen onder leiding van generaal Sanni Abacha dwong Babangida uiteindelijk eind augustus af te treden. Babangida probeerde vervolgens achter de schermen controle uit te blijven oefenen door de onervaren Shonekan tot interim-staatshoofd te benoemen. Ook deze opzet mislukte want grote delen van het leger, waar aanvankelijk Babangida's machtsstatus lag, wilden dat de strijdkrachten zich geheel terugtrokken uit de politiek.

Eenheid

De Nigeriaanse strijdkrachten vormen vermoedelijk de meest homogene en gedisciplineerde organisatie van het land. Minder dan in de rest van de samenleving houden tribale en religieuze tegenstellingen de militairen verdeeld. Het Bonny Camp in Lagos, zenuwcentrum van menige militaire staatsgreep in de Nigeriaanse geschiedenis, oogt als een groot dorp, met onderkomens voor familieleden van de soldaten, sociale voorzieningen en talrijke recreatiemogelijkheden en economische activiteiten.

Luitenant-kolonel Godwin Ugbo is er legerwoordvoerder. ""Het leger moet zich terugtrekken uit de politiek want ons aanzien wordt anders geschaad'', zegt hij na een betoog over het professionele karakter van de strijdkrachten. ""Door in de politiek te gaan worden sommigen van ons rijker, en dat tast de eenheid binnen het leger aan.''

De groep professionele militairen in de strijdkrachten onder aanvoering van Sanni Abacha, minister van defensie in de interim-regering, heeft de machtsstrijd gewonnen van Babangida. Abacha, aanvankelijk bondgenoot van Babangida en eveneens beticht van corruptie, is begonnen het leger te zuiveren van prominente pro-Babangida-militairen. Abiola prees Abacha voor deze ""pro-democratishe maatregelen'' en riep het leger op te helpen bij het oplossen van de politieke crisis. Exit Babangida.

Zijn mogelijke opvolger, Moshood Abiola, werd in armoedige omstandigheden geboren. Hij werkte zich op tot directeur voor Afrika en het Midden Oosten van de Amerikaanse multinational ITT. Bij dit bedrijf maakte hij, volgens publicaties in onder meer Amerikaanse kranten, op corrupte wijze zijn fortuin. Hij werd vervolgens eigenaar van een krantenconcern, een bakkerij en een vliegtuigmaatschappij. Hij handelde in militair materieel en volgens boze tongen zou hij tevens in de internationale drugshandel veel geld hebben verdiend. Abiola staat internationaal bekend als een corrupt zakenman.

In Nigeria kijkt men daar anders tegenaan. Corrupt vergaarde rijkdom dwingt eerder respect af dan dat het tot afgrijzen leidt.

Op alle niveaus van de sameleving is het begrip dash ingeburgerd. De portier eist zijn geschenk om je het gebouw binnen te laten. De ambtenaar voor een formulier, de leraar om je kind een goed rapport te geven, de verpleegster om je doodzieke grootmoeder in het ziekenhuis op te nemen, de douane om je goederen door te laten en de minister om je een bouwcontract te verlenen. Vrijwel ieder Nigeriaans staatshoofd en minister eindigt zijn politieke loopbaan als miljonair. Lastige journalisten stellen daar misschien vragen over, maar rechters, van wie velen zelf ook door corruptie zijn aangevreten, stellen nooit onderzoeken in.

Corruptie gaat ""herverdeling van rijkdom'' heten, wanneer de uitgebreide familie in het dorp ervan mag meeprofiteren. Abiola verfijnde deze ""herverdeling van rijkdom'' door ruimhartig miljoenen te schenken aan scholen, ziekenhuizen, moskeeën, kerken, de politie en aan universiteiten.

Diplomaten en nuchtere Nigerianen uiten grote twijfels over Abiola's leiderschapskwaliteiten. Hij is onberekenbaar. Het populistische imago dat hij zich heeft aangemeten maakt het onwaarschijnlijk dat hij ingrijpende, en pijnlijke, economische hervormingen zal doorvoeren, zoals een verhoging van de absurd lage benzineprijs (een dubbeltje per liter). Zijn politieke inschattingsvermogen werd onmiddellijk op de proef gesteld na de annulering van de verkiezingsuitslag. ""Hij bleef in zijn huis in Lagos zitten wachten'', critiseert een hoofdredacteur van een Nigeriaanse krant. ""Waarom ging hij niet op toernee door het land om bruggen te slaan met het noorden, waar velen op hem hadden gestemd? Omdat hij dit naliet wil men het in het noorden nu niet meer voor Abiola opnemen.''

Uit angst voor eigen leven ging Abiola zes weken in West-Europa en Amerika in ballingschap. ""Wat is dat voor president die wegrent en zijn land in een crisis achterlaat'', vervolgt de hoofdredacteur. Sinds zijn terugkeer eind vorige maand voorspelt Abiola iedere dag Shonekan's aftreden. Abiola heeft het recht aan zijn kant, maar voor het winnen van een machtsstrijd blijkt dat onvoldoende. Shonekan mag een zwak politicus zijn, het leger staat vooralsnog aan zijn zijde.

""Het is alsof twee worstelaars urenlang om elkaar heendraaien, zonder elkaar aan te vallen'', tekent een goed ingelichte diplomaat het gevecht tusen Shonekan en Abiola. ""Het wordt steeds duidelijker dat beiden helemaal niet kunnen worstelen, beiden tonen zich slechte politieke leiders. De uitslag is onzeker. Nieuwe verkiezingen uitgeschreven door Shonekan zullen massaal worden geboycot door de Yoruba's. Erkenning van oude verkiezingen levert ook geen oplossing meer, want Abiola verloor veel steun buiten Yoruba-land. Er heerst een complete en gevaarlijke impasse.''

Door onbekwaam leiderschap kon Nigeria niet uitgroeien tot een sterke natie, zoals landen met een gelijke omvang als India en Brazilië deden. Nigeria is niet, zoals menig ander Afrikaans land, een bananenrepubliek. De grote reserves aan olie en gas en de goede grond en het klimaat boden alle mogelijkheden. Van de ruim 90 miljoen Nigerianen is een groot deel goed opgeleid. Nigeria verspeelde zijn kansen. Waren twintig jaar geleden landen als Indonesië en Thailand minder ontwikkeld dan Nigeria, nu behoort Nigeria tot de armste landen ter wereld, terwijl deze twee Aziatische landen de bittere armoede goeddeels zijn ontgroeid. Nigeria's nationale inkomen liep in de afgelopen twaalf jaar met tachtig procent terug.

Het sociale en morele verval neemt schrikbarende vormen aan. De metropool Lagos behoort tot de meest waanzinnige steden van de wereld. Deze rond dampende lagunes gebouwde voormalige hoofdstad van 7 miljoen zielen vormt een schrikbeeld voor iedere bezoeker. Levensgevaarlijke en wild toeterende automobilisten rijden langs metershoge afvalhopen langs de snelwegen. Op klaarlichte dag voeren criminelen bij stoplichten overvallen uit en dwingen automobilisten hun auto's af te staan. Rovers terroriseren volledige woonwijken, waardoor mensen 's avonds de straat niet meer op kunnen. De politie komt slechts voor een dash te hulp. Woedende menigtes nemen het recht in eigen handen en stellen vermeende dieven openbaar terecht. Dodelijke slachtoffers van auto-ongelukken liggen langs de weg soms dagen te rotten voordat iemand de lichamen opruimt. Elektriciteit, water en telefoon werken niet of zijn alleen met een dash te verkrijgen.

Oliemaatschappijen

Wat een zegen had kunnen zijn, veranderde in een vloek. De olie die de Nigerianen onder hun voeten vonden, werd aangewend voor een verspillend consumptiefestijn, niet voor ontwikkeling. In 1980 leverde een vat olie 40 dollar op. De koopwoede van de Nigerianen kende geen limiet. Tandpasta, tandenstokers, brood, kippen, auto's, elektronika, alles werd uit het buitenland ingevoerd. In 1980 importeerde Nigeria in totaal ter waarde van 9,2 miljard naira. Hiervan was 4,8 miljard bestemd voor de invoer van auto's, 804 miljoen voor elektronica en 365 miljoen voor speelgoed. De regering leunde achterover en wendde de gelden niet aan voor economisch ontwikkelingsbeleid.

Ze bouwden luchthavens waar geen vliegtuigen landen, een staalsmelterij die geen staal produceert en wegen en bruggen die zich als spaghetti door Lagos slingeren maar de verkeersopstoppingen niet konden oplossen. De landbouwsector kon de competitie met het geïmporteerde voedsel niet aan, stortte ineen en met miljoenen kwamen de boeren naar de overvolle steden.

In de tweede helft van de jaren tachtig volgde na de daling van de olieprijzen de kater. Maar opnieuw grepen de opvolgende regeringen niet in. De oliekranen stonden immers nog open en hoewel een vat olie nu nog slechts 14 dollar opbrengt, blijven de dollars toestromen naar een kleine groep politici, militairen en zakenlui.

De ongebreidelde corruptie in regering en leger nam onder Babangida toe. Miljarden dollars uit de staatskas "verdwijnen'. De regering van Babangida weigerde de staatsfinanciën te controleren. De uitdaging aan een nieuwe regering is niet zozeer hóe het nieuwe economische beleid eruit gaat zien maar óf er voor het eerst sinds de olieboom een beleid zal worden gevoerd.

Voor de doorsnee Nigeriaan was het feest allang voorbij. Begin jaren negentig bereikte de sociale crisis een kookpunt met enkele gewelddadige sociale onrusten in Lagos en andere steden. ""Er heerst al jaren een sluimerende noodtoestand'', zegt een woordvoerder van het Rode Kruis. ""De gehele middenklasse, die gewend was geraakt aan een beetje luxe, is weggevaagd, de infrastructuur ingestort. Scholen, universiteiten en ziekenhuizen functioneren niet of nauwelijks meer. De enorme schuldenlast maakt economische groei onmogelijk.''

Schoolgeld

De discussie op de markt van Opomo raakt pas echt verhit wanneer de omstanders komen te praten over hun dagelijkse zorgen. ""Mijn zoon moet het schooljaar overdoen'', klaagt een man van middelbare leeftijd. ""De school bleef vorig jaar goeddeels gesloten. Waar moet ik het schoolgeld vandaan halen?'' Zijn zoon kent een nog schrijnender voorbeeld: ""In het ziekenhuis laten verpleegster je sterven als je niet voor de medicijnen kan betalen. En als je sterft, moet je ze eerst betalen, want anders halen ze je lichaam niet eens weg.'' Daar moeten de omstanders om lachen.

Een boer die inkopen komt doen zwaait met een kapmes. ""Kunnen jullie je nog herinneren dat dit mes vijf naira kostte, vandaag betaalde ik 200 naira.'' Een vrouw houdt een bosrat in de lucht. ""We kopen geen vlees meer bij de slager, maar gaan als onze voorvaderen jagen in de bush.''

De komende maanden zijn beslissend. Zal Nigeria verder afglijden naar politieke en sociale chaos? Steeds meer stemmen gaan op om een nationale conferentie te organiseren. In zo'n forum van politieke, traditionele, militaire en geestelijke leiders zouden niet alleen de huidige politieke machtsstrijd en de economische crisis moeten worden besproken maar tevens de netelige, tribale, regionale en religieuze kwesties.

De vrees in het Noorden dat na vele jaren de politieke macht naar het zuiden verschuift, moet daar worden gesust. De onvrede in het oosten over de als oneerlijk ervaren verdeling van de oliegelden over de federatie, dient eveneens te worden weggenomen. Intussen bereidt het Rode Kruis zich voor op een ramp. Want gaat het fout in Nigeria, zo luidt de verwachting, dan gebeurt dit op grote schaal en met vele slachtoffers.

    • Koert Lindijer