Uitgegroeid tot bordenwasser; Adrian Mole kan levensecht personage worden

Sue Townsend, Adrian Mole: the wilderness years. Uitg. Methuen, 182 blz. Prijs ƒ 30,40.

Tom Sharpe, zelf een humoristisch auteur van naam, vond The Secret Diary of Adrian Mole aged 13 indertijd zo grappig dat hij volgens zijn recensie niet alleen huilde van het lachen, maar ook brulde en kraaide en de kamer rondliep om tot zichzelf te komen. Hij was niet de enige die er plezier in had. Er zijn vijf miljoen exemplaren van verkocht, verzekert de uitgever. Het is geen wonder dat Sue Townsend doorgegaan is met Adrian, die nu in de vijfde aflevering van de dagboeken de leeftijd van 23 bereikt heeft.

Het eerste boek was een verrassing. Wat Sharpe zo onbedaarlijk maakte is moeilijk te begrijpen als ik het nu nog eens inkijk, maar ik herinner mij heel wat gelachen te hebben om de toneelversie. De kleine Adrian heeft nooit de allure van een kind gehad. Hij is een volwassene met een schoolpetje op, die af en toe de taal van zijn klasgenoten gebruikt ("Me and mum went shopping today'), maar liever de stijl van de ouderen om hem heen parodieert ("My father is a serious worry to me. Even the continuing news of Princess Diana's conception does not cheer him up').

Die vroege Adrian raffelde zijn belevenissen en zijn opinies af in een stemming van onaantastbare eigenwijsheid. Tien jaar later is hij minder zelfverzekerd. I am truly a loathsome person, vindt hij, maar wat de lezer erger lijkt is dat hij haast niets van zijn leven maakt. Hij wil eigenlijk nog steeds zijn schoolvriendinnetje Pandora veroveren, hoewel zij getrouwd is met een ander; en als hij zijn baantje bij de milieubescherming in Oxford kwijtgeraakt is moet hij bestaan van bordenwassen in een Londens restaurant.

Aan het eind gaat het iets beter met hem. Hij heeft dan een nieuwe vriendin gevonden en een boek geschreven, waar de lezer weinig betekenis aan hoeft te hechten want dat zijn aardigheden voor de happy afloop; maar hij heeft vertrouwen in zijn toekomst gewekt met een gevoelig en hartelijk verslag van de begrafenis van zijn grootmoeder. Als hij zo doorgaat kan hij een levensecht romanpersonage worden, wat hij als vroegwijze scholier nooit was. Op het ogenblik, in zijn wilderness years, is hij uit zijn oude rol gegroeid en nog niet helemaal in zijn nieuwe.

Er treden enkele bijfiguren op in deze moeilijke tijd die hem zouden kunnen vergezellen naar zijn nieuwe leven. Hij heeft een koele mooie psychotherapeute geraadpleegd en geprobeerd te verleiden; het zou een genoegen zijn die vrouw terug te zien in andere verhoudingen. Ook de eigenaar van het restaurant waar Adrian borden wast, dronkaard en vriend in nood, zou ik nader willen leren kennen.

Verscheidene personen staan klaar, en het onvaste karakter van Adrian noodt tot vormgeving. Nu nog het schrijven, en dan het afwachten of het net zo goed verkoopt als deze half-grappige dagboekpagina's, die alweer een sieraad van de bestsellerlijst zijn.