Sponsor volleybalteam krijgt korting bij succes

WOERDEN, 8 OKT. De volleybalbond stelt potentiele hoofdsponsors een "terugbetalingsregeling' in het vooruitzicht. De geldschieter krijgt een deel van zijn bijdrage terug als het nationale team succes heeft in de lucratieve World League. In het gunstigste geval kan dat oplopen tot zestig procent.

Het is een opmerkelijk plan van Joop Alberda, bondscoach van de mannen, die tegelijkertijd als een soort commercieel manager fungeert. Dat is een ongebruikelijke dubbelfunctie in de sport. Bondsvoorzitter Herman van Zwieten spreekt van “een bijzondere opdracht” voor Alberda. Hij hoopt dat de laatste maanden opgebouwde naambekendheid van de Fries zal meehelpen een sponsor te vinden. “Met een gezicht de sport verkopen”, noemt Alberda het zelf. Hij zegt het liefst te trainen en te coachen, maar ziet de noodzaak in van zijn tijdelijke taakuitbreiding De NeVoBo heeft met spoed een grote sponsor nodig. Uiterlijk op 15 oktober, volgende week vrijdag, moet de bond het inschrijfgeld voor de World League van volgend jaar van bijna een half miljoen gulden (250.000 dollar) naar de internationale volleybalfederatie FIVB overmaken. Dat bedrag is er niet. Volgens Alberda is het van cruciaal belang dat Nederland aan het evenement meedoet. Alleen op die manier kan de ploeg zich met andere toplanden meten. De bondscoach denkt dat het nog wel mogelijk is om een jaar met een alternatief programma te overbruggen. “Het probleem is alleen dat als je eenmaal uit de World League bent, je er nooit meer inkomt.”

Alberda verbindt zijn bondscoachschap aan deelneming aan de World League. Als Nederland in het vervolg niet meer aan het evenement kan meedoen, stapt hij op. De Fries is adjunct-directeur van het sportcentrum van de universiteit van Groningen. Hij heeft van zijn werkgever toestemming gekregen om zich tot en met de Olympische Spelen van '96 fulltime aan het volleybal te wijden. Overigens zal hij niet meteen vertrekken als Nederland straks niet aan de financiele verplichtingen ten opzichte van de FIVB kan voldoen. Alberda keert dan pas op 1 september of 1 oktober van het volgend jaar terug naar de universiteit. “Maar daar wil ik nog niet aan denken.”

Volgens Alberda is het vrijwel uitgesloten dat de schatrijke FIVB Nederland financieel te hulp zal schieten. “Met de FIVB valt echt niets te regelen.” Nederland heeft aan alle vier edities van de World League meegedaan. Drie keer werd de finale bereikt. Daarom zal de internationale federatie mogelijk wel bereid zijn de NeVoBo uitstel van betaling te geven. Voorzitter Van Zwieten houdt daar voorlopig geen rekening mee.

Joop Alberda blijft echter optimistisch. De eerste reacties op zijn nieuwe financieringsmodel voor sponsors zijn positief. “We hebben met ons team veel exposure weg te geven. Maar ik weet niet of dat in deze tijd van recessie nog zo veel waard is. We moeten het dus op een andere manier aantrekkelijk maken voor een sponsor. In dit model proberen we de reele kosten van het bedrijf zo laag mogelijk te houden.” Het sponsorbedrag kan worden onderverdeeld in een deel werkkapitaal en een risicodeel, aldus Alberda.

Hij noemt het te lopen risico voor de sponsor echter niet groot. Nederland heeft volgens hem met het huidige team _ tweede op het laatste Europese kampioenschap _ een hele goede kans de finale van de World League te halen. En dan is er veel geld te verdienen. Winnaar Brazilie speelde dit jaar 1.127.000 dollar bij elkaar. De nummers twee en drie, Rusland (438.600 dollar) en Italie (336.845 dollar) haalden ook nog ruimschoots meer binnen dan een half miljoen gulden.

Nederland bereikte de eindstrijd niet mede door de langdurige afwezigheid van topspelers Blange en Zwerver. Het team verdiende desondanks 114.145 dollar. Dat geld werd onder de spelers verdeeld. Een teamlid dat alle wedstrijden van de partij was, kreeg een bedrag van ongeveer 18.000 gulden bruto. De spelers hoeven niet te vrezen dat met het nieuwe sponsormodel hun aandeel kleiner zal worden. Het totale prijzenbedrag van de World League zal voor de komende editie met ruim twee miljoen dollar worden opgetrokken tot zes miljoen dollar. Via een verdeelsleutel zullen spelers, sponsor en bond hun deel krijgen.

Alberda gaat uit van een sponsor die minstens een miljoen gulden per jaar in het volleybal stopt. Hij zegt dat de geldschieter bij een topprestatie van Oranje vijftig tot zestig procent van het geinvesteerde bedrag kan terug verwachten. “Dan heb je het team dus een heel jaar voor maar 500.000 gulden. Dat is peanuts.” Want Alberda rekent er op dat ten tijde van de World League het volleybalteam gemiddeld drie uur per week op de (Nederlandse) tv te zien zal zijn.

Volgend jaar wordt ook het WK (Griekenland) gespeeld. Alberda vindt dat de NeVoBo er alles aan moet doen om dat kampioenschap bij de NOS op televisie te krijgen. De Nederlandse rechten van het afgelopen EK waren in handen van Filmnet. Dat was een doorn in het oog van Alberda en de spelers. “Er had door onze prestaties in Finland een wij-gevoel kunnen ontstaan, maar te weinig mensen konden ons zien.”

Volgens de bondscoach heeft de volleybalbond met de mannenploeg “een Rolls Royce in de garage staan”, maar niemand wil er in rijden. “En de pest is dat de afschrijving van zo'n ding enorm hoog is”, aldus Alberda. Na het vertrek van Nationale Nederlanden eind '92 is de NeVoBo er niet in geslaagd een nieuwe hoofdsponsor te vinden. Het Utrechtse marketingbureau Beaumont Bennett ging tevergeefs op zoek. Die verbintenis is inmiddels beeindigd. Mogelijk dat de inventieve Alberda meer succes heeft.

    • Hans Klippus