Oost-Europa schrikt van het grote geld op de Buchmesse

FRANKFURT, 8 OKT. In het Schwerpunktspavillon hebben Nederland en Vlaanderen, die tijdens de 45ste Frankfurter Buchmesse speciaal in de belangstelling staan, een tentoonstelling ingericht die iets over de cultuur van beide landen moet zeggen. Er is een soort dijk gebouwd, belegd met namaakgras, waarboven veel spotjes gericht op een wazig blauw geverfde muur de indruk moeten geven van grootse verten en weidse luchten.

Op de dijk liggen hier en daar kookboeken, fotoboeken (de Elfstedentocht, de Amsterdamse grachten), fietssturen en kunstboeken. Het geheel doet nogal kaal, maar ook erg rood-wit-blauw en Nederlands aan, al weet een Vlaamse uitgever te vertellen dat die fietssturen Belgisch bedoeld zijn. Vijf portretten van vertaalde Nederlandse en Vlaamse auteurs hangen aan de muur, op video's worden literair-historische foto's vertoond _ dit is meneer Guido Gezelle, dit beeld komt uit de film Pallieter _, foto's van Anne Frank en haar huisgenoten en foto's van Surinaamse indianen.

Het is een nogal saai geheel, dit paviljoen. Wie niet al vreselijke zin heeft om zich voor de Nederlandse en Vlaamse cultuur te interesseren, zal er hier niet snel toe verleid worden. Toch wemelt het er weer van de camera's die eerbiedig de in het gras liggende boeken opnemen.

Niet veel verderop is de hal waar de Oosteuropese uitgeverijen zijn ondergebracht, samen met onder andere de Zwitserse en Oostenrijkse, de Scandinavische, de Russische, Armeense en Chinese. Het is duidelijk dat deze hal niet de plek is waar het gebeurt, wat "het' dan ook mag zijn. Het Schwerpunkt lijkt hier niet zo te leven, ondanks de enorme hoeveelheid Nederlandse en Vlaamse literatuur die vroeger in vooral Polen en Tsjechoslowakije vertaald werd. Daar wordt absoluut niet mee gepronkt, sowieso zijn hier de vertalingen zeldzaam, anders dan vanuit de eigen taal in het Frans, Engels of Duits. Men wil niet kopen, men wil verkopen. Er is geld nodig.

De Polen hebben met alle Poolse uitgeverijen samen een grote stand gehuurd waar te zien is dat de kwaliteit van het papier sterk is verbeterd, maar dat de druk die nieuwe ontwikkeling niet steeds heeft kunnen bijbenen: vervagende letters op glanzend wit papier. “Ik vind het hier zo commercieel,” zegt een van de organisatoren van de Warsaw International Book Fair benauwd. “In Warschau is het veel informeler, veel kleiner, veel goedkoper.”

Zij is niet de enige die er zo over denkt. In de piepkleine Albanese stand zucht men ook onder de kosten. Zonder subsidies van buitenlandse instellingen en van de Buchmesse zelf hadden ze helemaal niet kunnen komen. Op hun planken staan enkele nog geheel communistisch vormgegeven boeken van Ismail Kadare. “Misschien krijgt hij dit jaar de Nobelprijs wel,” zegt een van de twee aanwezige uitgevers hoopvol. Als hij dan hoort dat de Amerikaanse Toni Morrison met de eer is gaan strijken kijkt hij even teleurgesteld, maar dan vertelt hij niet zonder leedvermaak dat Kadare in een Albanese krant heeft gezegd: “Dit jaar pak ik de Nobelprijs.”

Het is niet gemakkelijk voor een Albaanse uitgever om toegang te krijgen tot grote uitgevers als Knopf of Suhrkamp, maar met Kadare in de hand weten ze nog wel enige belangstelling te wekken. Veel zinlozer is deze beurs voor de Armeniers die met z'n vijven op een rijtje naar het gangpad zitten te kijken en moedig toch iets over "contacten' mompelen, of voor Letland of Wit-Rusland. Op de Kroatische stand weet men te vertellen dat de belangstelling dit jaar zeer groot is, “vooral voor onze politieke boeken”. Er liggen titels als De wortels van de Servische agressie.

In het Ost-West Treffpunkt wordt intussen gesproken over “Troje, Sarajevo en de behulpzaamheid van de goden” en er wordt een oproep gedaan aan alle uitgevers om bij te dragen aan de wederopbouw van de bibliotheek van Sarajevo onder de titel "Boeken voor Bosnie'.

Nederland is hier ver weg. “Boeken kopen?” lacht de Albaanse uitgever. “Waarvan? We zijn al blij als we geld hebben om vanavond te gaan eten.” Toch laat hij nog even trots een beduimelde Albanese vertaling van Sartres Huis Clos zien. Oplage: 30.000 exemplaren. “Er wordt veel gelezen in Albanie,” zegt hij. “Bij u in Nederland ook?”

    • Marjoleine de Vos