Griekse campagne werd venijnig

ATHENE, 8 OKT. De Griekse premier, Konstandinos Mitsotakis, heeft zijn tournee door Oost-Macedonië afgezegd en wil zich, in plaats daarvan, geheel voorbereiden op de grote rede in het centrum van Athene waarmee hij vanavond de campagne voor de parlementsverkiezingen van 10 oktober zal afsluiten. Zijn partij Nieuwe Democratie (ND) loopt in alle opiniepeilingen van erkende bureaus aanzienlijk achter op de oppositionele PASOK, variërend van vijf tot negen procent. Zij lijkt de laatste dagen iets in te lopen - dat wil zeggen meer stemmen van de "besluitelozen' te winnen dan de PASOK - maar dat gaat zo langzaam dat het "Major-effect' waar zij op hoopt onwaarschijnlijk moet worden geacht.

Dat de tournee langs de Macedonische steden Drama, Serres en Kilkis niet doorgaat, is op zichzelf al een veeg teken. De Macedonische naamkwestie neemt in deze campagne weliswaar een veel minder prominente plaats in dan door velen werd verwacht, maar Mitsotakis' wegblijven zal ongetwijfeld worden geïnterpreteerd als een teken van angst voor de "zuiver Macedonische' gevoelens van de bevolking. Deze moeten geschokt zijn door de concessies die de premier in VN-verband wil doen. Eerder deze week heeft hij in een televisievraaggesprek toegegeven dat hij eventueel bereid is, onder auspiciën van Cyrus Vance te praten over samengestelde namen als Slavisch Macedonië of Nova Macedonië, als het eindpakket van de onderhandelingen voor Griekenland maar bevredigend is.

Het was de jonge, veelbelovende politicus Adonis Samarás die, toen hij in april vorig jaar als minister van buitenlandse zaken de eerste tekenen van deze concessiebereidheid bespeurde, de premier ongeruste brieven ging schrijven, die uiteindelijk leidden tot zijn ontslag. Hij leidt nu een eigen partij, de Politieke Lente (PL), die "zuiver in de leer' is inzake Macedonië en de ND wellicht nog meer stemmen afhandig gaat maken dan de PASOK.

Juist in bovengenoemde steden had Samarás eerder deze week bevredigende voorstellingen gegeven, waarbij die van Mitsotakis wellicht zouden tegenvallen. Vooral in Kilkis dromden veel aanhangers om Samarás heen. Mitsotakis' stap is van historische betekenis omdat een totaal onbekende afgevaardigde uit dit district, George Sybilidis, uit de ND naar de PL overliep en daarmee de regering, die haar meerderheid van 151 tegen 149 kwijt raakte, in een crisis stortte.

Mitsotakis heeft meteen geprobeerd, Samarás, Sybilidis en andere overlopers in een "verraderlijk' daglicht te stellen als betaalde uitvoerders van een "doodsteek in de rug'. Maar dat sloeg niet erg aan bij de publieke opinie. Net als Mitsotakis - en anders dan Papandreou - "doorploegde' Samarás het hele land, maar hij deed dit ook met elke plaats afzonderlijk die hij bezocht. Hij voerde het voor Griekenland ongewone, Britse systeem van "deur tot deur' in, en drukte in honderden winkels en markten duizenden handen om te laten zien hoe aardig hij wordt gevonden (waarbij hij nog moet leren de mensen aan te kijken die hij de hand schudt).

Al gauw kwam het tot een escalatie, ernstig voor Griekenland waar verkiezingscampagnes sinds de Tweede Wereldoorlog zonder openlijk geweld verliepen. In verschillende plaatsen werd de "verrader' Samarás bedreigd en met tomaten en eieren bekogeld door aanhangers van de ND. De eerste dag kwam Mitsotakis met een vergoelijkende verklaring: “Hij keurde de acties niet goed” maar het ging wel om lieden “met een begrijpelijke ergenis”. Later werd hij kritischer, en hij begon ook te verkondigen dat “dergelijke handelingen vooral onszelf schaden”.

Dat laatste bleek vooral bij Samarás' bezoek aan het historische Messolonghi. Daar trof men onder de projectielen die zijn hoofd raakten een schroef aan, en deze ging meteen een bijna symbolische rol spelen. De duizelingen, waarvoor Samarás zich twee dagen later in een Atheens ziekenhuis moest laten nakijken, werden door zijn aanhang aan de schroef toegeschreven. Maar inmiddels was de schroef propagandistisch haar gewicht al vele malen in goud waard geworden. Bij opiniepeilingen ging de sympathieke, door barbaren belaagde partij aardig klimmen, hoewel het door de leider beoogde percentage van zeventien ook deze laatste week een onwerkelijke droom lijkt. “Opgeschroefd”, zou men kunnen zeggen.

De PL produceerde inmiddels een door een hoge ND-functionaris ondertekende brief waaruit moest blijken dat de plaatselijke achterban van de partij is opgeroepen, Samarás en zijn aanhangers bij hun verschijnen “moreel en fysiek te breken”. De ND spreekt van een vervalsing en is een rechtszaak begonnen die ongetwijfeld niet voor 10 oktober zal zijn beslist.

    • Frans van Hasselt