Bankier: geen dispuut over zekerheden Daf

AMSTERDAM, 7 OKT. “Er is nooit enige discussie geweest over de verdeling van de zekerheden bij DAF. Mij is meegedeeld dat de obligatiehouders van DAF recht hadden op een deel van die zekerheden, namelijk dat deel dat betrekking had op de holding DAF NV.”

Dit verklaarde vanochtend bestuurslid mr. R. Groenink van ABN Amro voor de Amsterdamse rechtbank. Groenink, die zich presenteerde als "bankmedewerker', getuigde er op verzoek van de vereniging van obligatiehouders DAF. Zij betwist de banken een deel van de opbrengst van de zekerheden van het failliete vrachtwagenconcern.

Groenink was de man die namens het bankenconsortium van DAF heeft getracht een herfinancieringsplan voor het oude truckconcern op poten te zetten. Toen dit mislukte (“doordat een aantal wensen onverenigbaar bleek”), vroeg DAF uitstel van betaling aan. Daarna lukte het Groenink wel de financiering van het nieuwe DAF Trucks rond te krijgen.

Groenink kreeg pas direct met DAF te maken op 1 december 1992 toen de situatie bij de vrachtwagenfabrikant al zeer penibel was. “Alle partijen”, aldus Groenink, “waren het ten tijde van de reddingspoging van eind '92, begin '93 eens over de verdeling van de zekerheden bij het bedrijf. Er is nooit enig dispuut over geweest.”

De bankbestuurder bevestigde dat in het mislukte reddingsplan ook een rol was weggelegd voor de obligatiehouders. Die zouden een groot deel van hun vordering hebben moeten omzetten in een beperkt aantal aandelen DAF. Na de hoorzitting bestreed Groenink met klem dat de banken onzorgvuldig met de belangen van obligatiehouders zouden zijn omgesprongen.

Na Groenink ontkende ook ex-ABN-Amro-bestuurder H. Foppe gedetailleerde kennis te hebben gehad van de bepaling in de trust-akte en in het prospectus van de obligatielening waarin de rechten van de obligatiehouders zijn geregeld. Volgens Foppe, die ook vier jaar commissaris was van de maatschappij die als trustee van de obligatielening DAF optrad, was in februari 1992, toen de banken ineens hun zekerheden bij DAF opeisten, geen sprake van paniek. Oud-DAF-topman ir. A. van der Padt had dat vorige week in zijn getuigenverhoor gezegd. Foppe: “De verliessituatie was van dien aard dat wij besloten tot dekking.”