Vierde speelfilm Hongkong-cineaste Law dicht kloof tussen oud en nieuw; Traditionele kookkunst uit de diepvries

Autumn Moon (Qiuyue). Regie: Clara Law. Met: Masatoshi Nagase, Li Pui Wai, Choi Siu Wan, Maki Kiuchi, Sun Ching Hung. In: Amsterdam, Rialto; Rotterdam, Lantaren/Venster; Den Haag, Filmhuis; Utrecht, 't Hoogt; Nijmegen, Cinemariënburg.

In een Israelische film zag ik eens het traditionele stuk gooien van een glas op een bruiloft vervangen worden door het vertrappen van een plastic bekertje. Wie mocht denken dat wij in West-Europa slordig omgaan met culturele tradities, moet eens in Azië gaan kijken. Vervreemding, ontworteling en extreem modernisme vormden in de jaren zestig en zeventig nog het exclusieve thema van Antonioni en Wenders, maar in het Verre Oosten is de onverbiddelijke triomf van beton, plastic en zakelijkheid iets later veel harder aangekomen. De huidige internationale hausse van de kunstzinnige film uit China, Hongkong en Taiwan wordt veelal geassocieerd met de esthetische lyriek van Zhang Yimou of de nostalgie naar het aardse landleven van Hou Hsiao Hsien. In werkelijkheid is de afstand tot hun eigen religieuze en culturele tradities voor de bewoners van Taipei, Tokyo, Singapore of Hongkong vermoedelijk veel groter dan bij ons.

In haar vierde lange speelfilm Autumn Moon (Qiuyue) schildert de Hongkong-cineaste Clara Law de communicatieproblemen in de stadstaat zonder verleden of toekomst. Alle sporen van langer dan twintig jaar geleden zijn inmiddels uitgewist door wolkenkrabbers, snelwegen en winkelcentra, terwijl er nauwelijks verder vooruit gedacht wordt dan 1997, het jaar dat Hongkong deel gaat uitmaken van de Volksrepubliek China. In dat vacuüm laat Law de ontmoeting plaats hebben tussen het 15-jarige meisje Wai (Li Pui Wai) en de tien jaar oudere Japanse toerist Tokyo (Masatoshi Nagase, de Elvis-adept uit Jim Jarmusch' Mystery Train). Het beeld uit Autumn Moon dat je nooit meer vergeet is een wijd, leeg panorama van de Hongkong-skyline, waarin die al even blanco Japanse bezoeker (het woord "toerist' verwijst misschien nog te veel naar een doel) zwijgend staat te vissen. Hij vraagt het passerende meisje, dat een paar keer het kader in en uit loopt, naar een goed, traditioneel restaurant; uiteraard spreken zij de taal die vreemdelingen waar ook ter wereld gemeen hebben, een elementair soort Engels.

Voor Wai, die bij haar oude grootmoeder woont in afwachting van haar vertrek naar Canada, is de eerste keuze de plaatselijke vestiging van MacDonalds. Daar vierde ze als kind haar verjaarspartijtje, dus is het wel degelijk een restaurant met een traditie. Uiteindelijk neemt Wai Tokyo mee naar huis, waar oma's onverstoorbare kookkunst, al maakt ze gebruik van de diepvries, de kloof tussen oud en nieuw, maar ook tussen de man en het meisje overbrugt. Ze communiceren zowaar gedrieën, in een mengelmoes van Kantonees, Japans en Engels.

Veel gebeurt er niet in Autumn Moon, genoemd naar het herfstfeest dat de finale vormt van de eenvoudige handeling. Tokyo ontmoet de zuster van een ex-minnares, die hij als scalp aan zijn erotische verzameling toevoegt. Op zijn aanraden brengt Wai de eerste nacht door met een vriendje van haar eigen leeftijd. Aan het slot blijft oma achter en ontdekt Wai dat het helemaal niet de bedoeling was van haar ouders dat ze zich bij hen in Canada voegt. Tokyo vertrekt weer, als de eeuwige zwerver uit een "road movie'.

De charme van de film van Law, van wie alleen Farewell, China eerder op het Filmfestival Rotterdam te zien was, valt moeilijk in woorden te vangen. Soms is het een verstilde meditatie naar aanleiding van de eenzaamheid van de moderne mens, dan weer schemert er iets van hoop en liefde door in de ongerijmde, nauwelijks lichamelijk gedefinieerde ontmoeting van de beide hoofdpersonen. Je voelt het verdoofde verdriet van westerlingen tegen wil en dank, die nauwelijks meer beter weten, maar toch in een flits weer contact kunnen leggen met de slechts in schijn verdwenen wereld van hun voorouders. De gestileerde vorm van Laws film, met veel blauw en veel rechte lijnen, zorgt voor een fraaie, doordachte paradox. Je realiseert je soms met een schok hoe zeer onze toekomst al getekend is door die wereld van Sony-camera's, Nintendo-spelletjes en karaoké-vermaak. Als Wai met haar vriendinnen naar het scherm tuurt om mee te zingen, loopt oma voor het beeld om het toestel met een plumeau af te stoffen. Die herinnering aan de menselijke maat moet ook een geruststelling betekenen.

Autumn Moon combineert verontrusting en ontreddering met het lucide besef van continuïteit. Daarom is het een troostrijke film, die meer hoop biedt dan de films waarin Antonioni en Wenders de atomisering en vervreemding van onze samenleving celebreerden. Inhoudelijk staat Law dichter bij de heimwee van bij voorbeeld Krzysztof Kieslowski of Atom Egoyan naar de door het heden geschoffeerde oude waarden van hun voorouders. Het grote verschil is de totale afwezigheid van opgelegd moralisme. De kijker kan zich door Autumn Moon eerder bevrijd voelen dan opgezadeld met schuldgevoelens. Dit is onze tijd, die ruikt naar herfst, maar laten we er maar het beste van maken.