Levenslang veroordeeld tot reddeloosheid

Where Angels Fear to Tread. Regie: Charles Sturridge. Met: Helena Bonham Carter, Judy Davis, Rupert Graves, Giovanni Guidelli, Barbara Jefford, Helen Mirren. In: Amsterdam, The Movies.

Van E.M.Forster (1879-1970) zijn in de laatste tien jaar bijna alle romans verfilmd, waarvan drie door James Ivory. Nog voor het succes vorig jaar van Howards End, waagde Charles Sturridge, de regisseur van de televisieserie naar Evelyn Waughs Brideshead Revisited, zich in 1991 aan Forsters debuut uit 1905, Where Angels Fear to Tread. De plot van die roman vertoont sterke overeenkomst met die van A Room with a View, kort samen te vatten als de rampzalige consequenties van de bemoeizucht van zich moreel superieur wanende Britten met de romantische vrijheidsdrang van een van hun vrouwelijke familieleden in Italië. Forster vertelde zelfs eens dat beide romans hun oorsprong vonden in een en hetzelfde afgeluisterde gesprek - in de lounge van een hotel in Siena - tussen twee Engelse dames over de mésalliance van een derde.

Sturridge nam geen risico's in de keuze van zijn acteurs. Helena Bonham Carter, Rupert Graves en Judy Davis ontlenen allen een aanzienlijk deel van hun roem aan eerdere Forster-verfilmingen. Aankleding, locatiekeuze (het Toscaanse San Gimignano staat, net als bij Forster, model voor het fictieve stadje Monteriano), en camerawerk zijn allemaal dik in orde, terwijl het scenario dicht blijft bij de literaire oorsprong. Relatief krijgt de Italiaanse zijde van het verhaal, waarin een jonge weduwe (Helen Mirren) zeer tegen de zin van haar schoonfamilie tijdens een verblijf in Italië halsoverkop hertrouwt met de zoon van een plaatselijke tandarts, meer aandacht dan bij Forster. Het ging hem immers voornamelijk om de onmacht - letterlijk en figuurlijk - van het thuisfront. Een imposante Victoriaanse schoonmoeder (Barbara Jefford) stuurt haar italofiele zoon (Graves) en verzuurde dochter (Davis) op een missie naar de mediterrane rimboe om na de onfortuinlijke dood in het kraambed van Mirren ten minste haar zoon een fatsoenlijke Britse opvoeding te bezorgen.

Toch zijn er genoeg momenten, waarop het besef bij de om een boodschap gezonden familieleden doorbreekt dat ze niet opgewassen zijn tegen de zuidelijke levenskunst, sterker nog: dat ze levenslang veroordeeld zijn tot een eigen emotioneel tekort.

Het grootste probleem van Sturridges film is misschien wel de onberispelijkheid - ook een Britse eigenschap, vooral bij dit soort verzorgde kostuumdrama's - waarmee hij zich van zijn taak kwijt. Werd Ivory al vaak voor de voeten geworpen dat hij weinig filmische fantasie toevoegde aan de vertelkunst van Forster, dat bezwaar geldt minstens zo sterk deze zoveelste aflevering uit de reeks keurig verfilmde Engelse romans. Het blijft aardig om te zien, die angelsaksische reddeloosheid, wanneer de trein eenmaal uit de tunnel door de Alpen komt, dit keer vooral in de vertolking van de verbeten Davis en de lucide Graves. Ook de scène, waarin drie Engelsen een Italiaanse operauitvoering bijwonen en verbijsterd toezien hoe een provinciale diva in hulde zwelgt, kan effectiviteit moeilijk ontzegd worden.

Geen kwaad woord dus, over Where Angels Fear to Tread. Of misschien toch eentje: ook al heeft een scenarist het volste recht een werkzaam bestaand plot opnieuw te gebruiken, ook al durven alleen snobs nog eens te roepen dat "het boek beter was" en kan niemand zich blijvend verzetten tegen de feestelijke uitoefening van het filmambacht, de hele onderneming riekt, ook al door de late uitbreng van de film in Nederland, een klein beetje naar overbodigheid.