Hoogovens: staatssteun bij falen Europese staalsanering

ROTTERDAM, 6 OKT. Indien de sanering van de Europese staalindustrie totaal mislukt, sluit Hoogovens een verzoek om overheidssteun in Den Haag niet uit. Dit heeft bestuursvoozitter ir. M. van Veen van het Nederlandse staalbedrijf gezegd in de marge van een staalcongres in Parijs.

Vooralsnog heeft Hoogovens zijn hoop echter gevestigd op het slagen van de Europese saneringsplannen, ook al is door de houding van Italië een vertraging van enkele maanden ontstaan. Op 18 november moeten de EG-industrieministers een definitief akkoord zien te bereiken over het beëindigen van subsidies en het sluiten van overcapaciteit. In de EG is naar schatting 30 miljoen ton capaciteit - circa 30 procent van de totale capaciteit - overtollig.

“Wij zijn positief gestemd over de afloop in Brussel”, licht een Hoogovens-woordvoerder toe. “Als het onverhoopt een echèc wordt, dan ontstaat een geheel nieuwe situatie. Als overheden in andere landen hun staalindustrie blijven steunen, dan zullen wij de Nederlandse overheid vragen om in dezelfde omvang verliezen bij te passen. Ons uitgangspunt is evenwel dat we zelf onze problemen oplossen. Daartoe hebben we een aantal bezuinigingsmaatregelen aangekondigd die ervoor moeten zorgen dat Hoogovens in 1995 of 1996 tot de wereldtop behoort wat betreft de produktiviteit.”

Onlangs kondigde Hoogovens aan dat bovenop al eerder aangekondigde reorganisaties nog eens 1800 banen verloren gaan, waarvan 1400 door het uitbesteden van onderhouds- en reparatiewerk. In totaal zullen tot en met 1996 bij het staalbedrijf van Hoogovens 4100 banen verdwijnen. Na dat jaar werken in de staalsector nog circa 8700 mensen.

Bij de beoogde sanering van de met ernstige verliezen kampende Europese staalsector is het een vuistregel dat voor elke miljard gulden overheidssteun die wordt verleend één miljoen ton aan capaciteit wordt ingeleverd. Onlangs is met Spanje een akkoord bereikt waarbij praktisch aan deze formule wordt voldaan. Grote dwarsligger is thans nog Italië dat zijn staalindustrie met ruim 200 miljoen gulden per maand ondersteunt.

Het Italiaanse staatsstaalconcern Ilva is van plan de komende drie jaar 11.600 van de 40.000 arbeidsplaatsen te schrappen. Het concern reageert daarmee op sterke druk binnen de EG om de overcapaciteit in de Italiaanse staalindustrie te beperken en een eind te maken aan de staatssubsidies. Als Ilva geen maatregelen neemt dreigen sancties.

De forse vermindering van het aantal werknemers is onderdeel van plannen om het staatsbedrijf Ilva op te splitsen in twee bedrijven, respectievelijk een voor platte staalprodukten en een voor speciaal staal, en die vervolgens te privatiseren. De definitieve beslissing over het project wordt eind deze maand genomen. De meeste banen zullen verdwijnen bij de vestiging in de zuidelijke stad Taranto, het grootste staalcomplex in Europa, en de fabriek in Novi Ligure bij Genua. Ongeveer 5.000 werknemers die al naar huis zijn gestuurd, worden niet meer in dienst genomen. Ilva lijdt forse verliezen en heeft een schuld van 8.400 miljard lire (9,65 miljard gulden).

Ook het Japanse Nippon Steel, de grootste staalfabrikant ter wereld, is aan het saneren. Nippon Steel wil het aantal arbeidsplaatsen de komende drie jaar met 3000 verminderen, zo meldt een Japanse krant. Nippon verwacht in de eerste zes maanden van het lopende boekjaar een verlies van 260 miljoen gulden. Het eerder verwachte herstel in de tweede helft van '93 zal volgens het Japanse bedrijf uitblijven.

Dit jaar zal het wereldverbruik van staalprodukten minder dan een procent onder het niveau van 1992 blijven, voorspelde de Duitse secretaris-generaal Lenhard Holschuh van het Internationaal ijzer- en staalinstituut op het jaarcongres in Parijs. Holschuh verwacht dat het verbruik volgend jaar weer wat zal aantrekken en dat de markt voor staalprodukten in de industrielanden tot het jaar 2000 vrij stabiel zal zijn.