De Vries wil SER-zetel voor AVC

DEN HAAG, 6 OKT. Minister De Vries (sociale zaken) blijft bij zijn standpunt dat de Algemene Vakcentrale (AVC) volgend jaar moet worden toegelaten tot de Sociaal-Economische Raad (SER). Hij gaat daarmee in tegen een advies van de Raad, die geen aanleiding ziet de kleinste vakcentrale van het land op te nemen.

Dit blijkt uit de reactie van de bewindsman op de nota "Taak, samenstelling en werkwijze van de Raad herbeschouwd' van het dagelijks bestuur van de SER. Het voornaamste bezwaar van de SER tegen toelating van de AVC is dat de organisatie niet representatief genoeg is. Het overgrote deel van de ruim 120.000 leden tellende vakcentrale bestaat uit ambtenaren. In het bedrijfsleven heeft de AVC enkele duizenden leden.

De Vries vindt echter dat representativiteit niet het enige criterium mag zijn waarop een organisatie al dan niet tot de Raad wordt toegelaten. Ook het aantal leden moet meewegen in die beoordeling, aldus de bewindsman. Als ondergrens noemt hij 100.000 leden.

De andere vakcentrales FNV, CNV en MHP hebben zich steeds verzet tegen de komst van de AVC. Formeel voeren zij daarbij steeds het representativiteits-argument aan. Maar ook speelt mee dat één van de drie, waarschijnlijk de FNV, een zetel zal moeten inleveren voor de nieuwkomer. De FNV bezet nu 11 SER-zetels, het CNV 3 zetels en de MHP 1 zetel.

De Vries en de SER zijn het wel eens over toelating van een werkgeversdelegatie uit de gepremieerde en gesubsidieerde sector (waaronder zorgsector). Overheidswerkgevers zullen vooralsnog uit de SER worden geweerd.