Clinton dreigt met hervatting van kernproeven

WASHINGTON/MOSKOU/BLACKPOOL/PARIJS, 6 OKT. De Amerikaanse president Bill Clinton heeft het ministerie van energiezaken gisteren opdracht gegeven voorbereidingen te treffen voor een eventuele hervatting van de Amerikaanse kernproeven. Clinton reageerde hiermee op de Chinese ondergrondse kernproef, gistermorgen in het testcentrum Lop Nor.

President Clinton heeft opdracht gegeven “de benodigde stappen te zetten om de Verenigde Staten in staat te stellen volgend jaar kernproeven te nemen” indien dit noodzakelijk is, zo deelde het Witte Huis mee. De Verenigde Staten “betreuren” de stap van China ten zeerste. “Wij roepen China op af te zien van verdere kernproeven en zich aan te sluiten bij de andere (vier) nucleaire mogendheden die een wereldwijd moratorium naleven”, aldus een verklaring van het Witte Huis. “Het definitieve besluit van de president of er proeven worden gehouden, zal zijn gebaseerd op de fundamentele Amerikaanse nationale veiligheidsbelangen”, zo valt te lezen in de verklaring.

Kernwapendeskundigen en Congresleden interpreteren de stap van Clinton als een diplomatieke uithaal aan het adres van China en verwachten niet dat de VS binnenkort werkelijk het testen van kernwapens zullen hervatten. “Dit is positieve benadering; het feit dat China een schelmenstreek heeft geleverd betekent niet dat wij dat ook moeten doen”, aldus het Republikeinse Congreslid Mike Kopetski, die vorig jaar een van de architecten was van het door president Bush ingestelde moratorium, dat in juli door Clinton werd verlengd.

Minister van buitenlandse zaken Warren Christopher zei gisteren dat de Chinese proefnemning de aandacht niet mag afleiden van “het doel op lange termijn en dat is het verkrijgen van een alomvattend verbod op het nemen van kernproeven”.

Rusland en Groot-Brittannië, eveneens kernmachten, hebben net als de VS afwijzend gereageerd op de Chinese kernproef. Een woordvoerder van het Russische ministerie van buitenlandse zaken zei gisteren dat “de Chinese acties een negatieve uitwerking hebben op het houden van besprekingen over een verbod op kernproeven en op het houden van een confererentie over het uitbreiden van het Non-proliferatie Verdrag.”.

De Britse regering heeft vanuit Blackpool, waar de Conservatieve Partij haar congres houdt, bij monde van minister van buitenlandse zaken Douglas Hurd laten weten de kernproef in China te betreuren en de reactie van Clinton “zeer redelijk” te vinden. Hurd zei dat Londen streeft naar “een lijn die in harmonie is met de Amerikaanse”. De Britse kernproeven werden in het verleden genomen in de Amerikaanse Nevada-woestijn. (AP, AFP, Reuter)

Onze correspondent in Parijs voegt hier het volgende aan toe. De Chinese kernproef heeft de Franse regering voor meer dan één probleem geplaatst. Parijs heeft pas aan het begin van de middag een eerste reactie gegeven. Die luidde dat het ministerie van buitenlandse zaken contact gaat opnemen met de regeringen van de VS, Groot-Brittannië en Rusland, de andere kernmogendheden.

Er was veel overleg achter de schermen en een gemeenschappelijk communiqué van de president en de eerste minister voor nodig om deze reactie wereldkundig te maken. Het ministerie van buitenlandse zaken zag zich ook daarna genoodzaakt zich te onthouden van ieder commentaar.

De reden voor deze uiterste behoedzaamheid is gelegen in het heikele punt van de formulering van het buitenlandse beleid. Het is een van eerste beproevingen van de 'cohabitatie' tussen de socialistische president Mitterrand en de centrum-rechtse regering-Balladur.

De president formuleert de buitenlandse - en zeker de nucleaire politiek bij voorkeur zelf, maar tijdens een door de kiezers afgedwongen samenwerking met politieke tegenvoeters accepteert de regering geen totale volgzaamheid. Vandaar dat de premier kennelijk een gezamenlijk communiqué als compromis met het Elysée overeen gekomen is. De gang van zaken bevestigt wat al langer in Parijs wordt gezegd: het risico van een gebrek aan slagvaardigheid, opnieuw gedemonstreerd tijdens de crisisdagen in Moskou, kan het buitenlands beleid de komende periode nog opbreken.