Vervoersbond blijft streven naar vierdaagse werkweek

ROTTERDAM, 5 OKT. De Vervoersbond FNV blijft streven naar invoering van een vierdaagse werkweek. De meeste andere vakbonden leggen in hun arbeidsvoorwaardenbeleid voor volgend jaar de nadruk op bevordering van vrijwillige en individuele deeltijdarbeid. De Vervoersbond FNV acht collectieve arbeidstijdverkorting (ATV) met behoud van loon een geschikt instrument tegen de werkloosheid.

Dit blijkt uit de nota "Voor wat hoort wat', waarin de bond zijn uitgangspunten voor de CAO-onderhandelingen voor 1994 verwoordt. De leden moeten de voorstellen nog bespreken.

“Zonder verdere verkorting van de arbeidstijd komen er veel te weinig banen bij”, aldus de nota. “Van alle vormen van korter werken is een vierdaagse werkweek nog de beste en gezondste.” In een toelichting zegt voorzitter W. Waleson dat zijn bond “het perspectief op een vierdaagse werkweek per se boven tafel wil houden”. “We realiseren ons natuurlijk ook wel dat we een vierdaagse werkweek niet binnen een jaar bereiken, zeker niet onder de huidige economische omstandigheden. Maar voor 50-plussers of 55-plussers achten we een vierdaagse werkweek in verschillende sectoren volgend jaar wel kansrijk.”

Overigens betekent dit niet dat de bond bevordering van deeltijdarbeid en andere manieren om het bestaande werk te verdelen of nieuw werk te creëren afwijst. De Vervoersbond FNV is voor volgend jaar betrokken bij onder andere de CAO's voor het beroepsgoederenvervoer over de weg, voor de Nederlandse Spoorwegen, voor het streekvervoer en voor de olie-opslagbedrijven Paktank en Matex.

Werkgelegenheidsafspraken en andere regelingen in de nieuwe CAO's mogen van de Vervoersbond FNV niet ten koste gaan van de koopkracht. De bond eist in alle sectoren een loonsverhoging van 2,5 procent. Dit komt overeen met de door het Centraal Planbureau geraamde prijssstijgingen in 1994. Het kabinet overweegt in de lonen in te grijpen als werkgevers en werknemers van de nullijn afwijken.