Het eerste Mahler Feest had vooral internationaal belang; Mengelberg: Mahlerprofeet

Het tweede Mahler Feest, dat in mei 1995 in het Amsterdamse Concertgebouw zal plaatsvinden, is opnieuw een bevestiging van de bijzonder hechte band tussen Mahler en het Nederlandse muziekleven in deze eeuw.

Mahler introduceerde zelf in de jaren 1903-1909 op uitnodiging van Willem Mengelberg zes van zijn symfonieën (in volgorde de nrs III, I, IV, II, V en VII) en verder de Kindertotenlieder en Das Klagende Lied in het Amsterdamse Concertgebouw. Na die eerste uitvoeringen onder leiding van Mahler zelf blééf Mengelberg dit destijds zo eigentijdse repertoire ten gehore brengen, in Amsterdam maar ook op tournees van het Concertgebouworkest, zoals in Rome en Frankfurt.

Tot Mahlers dood op 50-jarige leeftijd in 1911, klonk zijn muziek in ons land tijdens 39 concerten. In de jaren 1903 tot 1920, toen het eerste Mahler Feest in Amsterdam van 6 tot en met 21 mei plaatsvond, leidde Mengelberg 218 concerten van het Concertgebouworkest met complete uitvoeringen van Mahlercomposities. Daarnaast bracht hij bij andere gelegenheden nog delen daaruit tot klinken. Mengelberg ging daarmee door tot hij tijdens de Tweede Wereldoorlog de “joodse” muziek van Mahler niet meer mocht spelen. In 1945 kreeg Mengelberg, na 50 jaar het Concertgebouworkest te hebben geleid, een dirigeerverbod wegens zijn welwillende houding tegenover de Duitsers. Hij overleed in 1951 in Zwitserland.

Mengelberg pleitte onvermoeibaar voor Mahler, die in de rest van de wereld niet of nauwelijks werd uitgevoerd. De twee bronzen portretten van Mahler en Mengelberg die zijn verankerd in de muur van de Grote Zaal van het Concertgebouw en de herinneringsplaquette daaronder duiden zo op veel meer dan alleen het eerste Mahler Feest.

Dat Mahler Feest in 1920 was voor ons eigen land vooral interessant door de uitvoeringen in de volgorde van ontstaan. Maar voor een groot deel van de rest van de muzikale wereld was het - in een tijd dat zulke grootse werken nog lang niet op grammofoonplaten konden worden vastgelegd - een eerste gelegenheid om intensief kennis te maken met het goeddeels volledige oeuvre van Mahler, dat elders nog decennia lang sterk omstreden zou blijven en op zijn best slechts incidenteel werd uitgevoerd.

Bovendien kwam het Mahler Feest op een bijzonder tijdstip: kort na het einde van de Eerste Wereldoorlog, die de internationale contacten tussen kunstenaars sterk bemoeilijkte. Tal van componisten uit verschillende landen bezochten het Mahler-feest in Amsterdam. Zo is er nog een foto van Mahler-feestgangers tijdens een boottocht naar Volendam, met in het midden Arnold Schönberg.

Alfredo Casella, Florent Schmitt, Arnold Schönberg, Carl Nielsen, Johan Halvorsen, Paul Gilson, Olga Samaroff, Oscar Bie en Samuel Langford spreken na afloop in een gezamenlijke verklaring niet alleen hun dank uit voor de grote gastvrijheid en de vele hun bewezen vriendelijkheden, maar zeiden ook “dat deze gastvrijheid voortkwam uit een diep besef van internationale broederschap en een juist begrip voor de betekenis van de muziek als universele kunst.”