Biljart stinkt niet naar bier en bolknak

Zeg nooit meer dat biljart naar bier en bolknak stinkt. Denk nooit meer dat biljart zich afspeelt in rokerige café-zalen waar in het weekend bruiloft wordt gevierd. Vergeet dat er gespeeld wordt om een mand vol etenswaar. Ook de biljartsport, en dan hebben we het niet over derivaten als snooker, maar over het echte biljarten, dus over driebanden, ook de biljartsport haakt naar professionalisme en moderne, dus tv-genieke, tijd.

Dat willen ze weten ook bij de BWA, de Billiards Worldcup Association. Dat willen ze tonen ook bij de Stichting Biljartpromotie Oosterhout. Dus arrangeren ze een heuse sluitingsceremonie bij de eerste wedstrijd in de Worldcup-serie. De lichten doven in de theaterzaal van cultureel centrum De Bussel. Uit de luidsprekers dreunen de eerste maten van "Also sprach Zarathustra', dat pompeuze meesterwerk van Richard Strauss dat al door menige reclamemaker is misbruikt. Lichten springen in het duister over de vloer waar ze reusachtige biljartballen vormen. Een spot bestraalt de Worldcup, een monstrueuze beker, als een verguld insect dat een pispot draagt. Een tweede spot schiet naar het blauwe laken, waarop een Zweedse mini-vlag staat, door een trio ballen geflankeerd. Dan tromgeroffel. Dan rockmuziek. De spelers die op de eerste vier plaatsen zijn geëindigd, swingen binnen op de maat, terwijl het publiek hun energieke stappen met ritmisch geklap begeleidt.

Honderduizend gulden zit in er in de prijzenpot, twintigduizend voor de winnaar. Biljarten is geen volkssport meer. Al moet misschien alleen het publiek nog worden gerestyled. Want op de tribune rusten toch nog voornamelijk vijftigers, zestigers en zeventigers. Weinig vrouwen. Eén allochtoon.

De genodigden op de VIP-tribune zijn aanzienlijk jonger. Hun adem ruikt naar champagne in plaats van bier. Zij maken de dienst uit in de biljartsport van de nieuwe eeuw.