Short mist Kavalek

Toen Lubosh Kavalek, jarenlang de coach van Nigel Short, twee weken geleden de ploeg verliet, suggereerde ik dat hij in ongenade was gevallen omdat hij voor Short de harde aanpak had bepleit, die zo faliekant was misgelopen. Het was net omgekeerd, Kavalek had juist tot voorzichtigheid gemaand, en dat had ik kunnen weten, want het zijn altijd de amateurs die tot grof geweld oproepen.

Een van die amateurs is Dominic Lawson, de man die in de televisie-uitzendingen van BBC 2 steeds als woordvoerder van Short optreedt. Toen Kavalek vertrokken was, had Lawson zich op de televisie heel minachtend over hem uitgelaten. Niets verloren aan Kavalek, vond hij. Die nam Short mee voor een wandeling door het park en gaf hem een schouderklopje. Short had wel wat anders nodig. Lawson sprak waarschijnlijk niet als onbetrokken waarnemer. In Londen was iedereen ervan overtuigd dat hij de man was die Kavalek had weggewerkt. Afgelopen zondag leidde dat tot een memorabel stukje televisie.

Het panel van BBC 2, ondervraagd door nieuwspresentator Peter Snow, bestond uit meester Hartston, grootmeester Norwood, en Lawson, waarbij de Australische grootmeester Ian Rogers uit een studio in Hilversum aan de discussie deelnam. Norwood hield zich een beetje op de vlakte, maar Hartston en Rogers pakten uitvoerig uit over de ramp die het vertrek van Kavalek voor Short betekende. Steeds duidelijker werd het dat ze hun panel-genoot Dominic Lawson als de verantwoordelijke voor deze ramp beschouwden. Lawson vertelde nog eens dat het vertrek van Kavalek absoluut geen verlies betekende. Lawson is een zoon van de vroegere Engelse minister van financiën. Hij is zelf in Engeland een gevierd journalist, hoofdredacteur van The Spectator. Zijn vrouw is bevriend met prinses Diana. Altijd vertoont hij het zelfverzekerde gedrag van de Engelse betere stand. Maar onder de aanvallen van Rogers en Hartston, die zonder hem te noemen steeds spraken over slechte adviseurs, en over niet-schakers die zich bemoeiden met dingen waar ze geen verstand van hadden, verdween die zelfverzekerdheid. Op een gegeven moment begon Lawson zelfs een beetje te stotteren.

Toen werd de achtste partij nog eens besproken. Indrukwekkende voorbereiding van Short, zei Hartston. ""12. Dg4, geweldige zet. Een zet van Kavalek, is het niet, Dominic?'' Dominic Lawson zei niets. Iedereen was steeds heel beleefd gebleven, maar het kon geen kijker meer ontgaan dat er daar in het panel een hard gevecht werd geleverd. Aan het eind verdween ook de beleefdheid, al was het maar heel kort. Short had de negende partij verloren en stond met 7-2 achter. Wat moest hij doen, vroeg Peter Snow. Had iemand een goed advies voor Nigel? ""Zijn raadgevers ontslaan en Lubosh Kavalek terughalen'', zei Hartston. Het was duidelijk dat Hartston slecht één raadgever op het oog had, de man die naast hem zat. En toen kon Lawson, heel even maar, het masker van de beleefd afstandelijke discussiant niet meer ophouden. Hij siste, hij spoot. ""Ik zal je zeggen hoe Nigel altijd naar het televisie-optreden van Bill Hartston kijkt. Met absolute verachting!'' Algemeen beschaafd gelach, kort daarna eindigde het programma in schijnbare harmonie, maar even hadden de messen bloot gelegen. Het is niet altijd zo mooi, maar ik vind dat BBC-programma over het algemeen heel aardig.

Wie de analyses van Kasparov en Short wil lezen, moet The Times kopen, steeds twee dagen na de partij. U kunt natuurlijk ook wachten tot ze in uw eigen krant worden overgeschreven, maar dan mist u toch veel. Wat die veelbesproken achtste partij betreft wil ik me beperken tot de laatste beslissende fase.

Zie diagram 1

Short-Kasparov, achtste partij na de 34ste zet van zwart. Short had al een keer de zetten herhaald, hij was in ernstige tijdnood. Hij speelde 35. Lf6xh8+.

In mijn verslag van vorige week gaf ik de variant 35. De7 (dat had hij ook op de 33ste zet kunnen doen) Tag8 36. Pf7+ Kg6 37. Pxh8+ Txh8 38. Lxh8 en ik schreef voorzichtig dat dit gewonnen zou kunnen zijn. Kasparov gaat ook op deze variant in, maar hij laat zien dat het niet gewonnen is voor wit. Verbazingwekkend, noemt hij dat zelf. Hij gaat verder met 38...Dg5+ (bij hem is het zetnummer 36) 39. Dxg5+ Kxg5 40. g3 hxg3 41. hxg3 Kg4 42. Le5 Ld5 43. Kd2 Kf3 44. Kc3 Le4 en wit kan ondanks zijn twee pluspionnen niet verder komen, omdat hij er niet in slaagt op de damevleugel een vrijpion te creëren.

Vanuit de diagramstand ging de partij verder met 35. Lf6xh8+ Dh5-g6 36. Pg5-f7+ Kh6-h7 37. De6-e7 Dg6xg2 Dit beschouwde iedereen als een ijzersterke zet. Opeens heeft zwart spel tegen de witte koning. Omdat de zet ook snel tot succes leidde - remise door eeuwig schaak - had niemand de behoefte om een andere zet te zoeken. Volgens Kasparov is 37...Dxg2 echter een ernstige fout, die de remise uit handen geeft. Hij geeft 37...Kg8!! (dubbel uitroepteken van Kasparov) 38. Dxb7 (of 38. Pe5 Dh7) Tf8 39. Pe5 Tf1+ 40. Kd2 Dd6+ ""en zwart pakt Lh8 en zal niet verliezen''

Zie diagram 2

38. Lh8-e5 Volgens Kasparov was dit het enige moment in de partij dat wit een winstmogelijkheid had: 38. Ld4!! Je kan het een logische zet noemen. In de partij had zwart eeuwig schaak en na 38. Ld4 niet. Wit staat slechts weinig materiaal achter en hij heeft nog steeds een geweldige koningsaanval. Maar in razende tijdnood was deze zet bijzonder moeilijk te vinden. Wit zet zijn loper op een ongedekt veld en laat toe dat zwart pion h2 met schaak slaat. Maar als zwart dat zou doen, zou hij snel verliezen: 38. Ld4 Dh1+ 39. Kd2 Dxh2+ 40. Kc3 Tc8+ (iets beters is er niet) 41. Kb4 Tc7 42. Df6 en wit wint.

Kasparov geeft als beste verdedigingsmogelijkheid 38. Ld4 Dh1+ 39. Kd2 Dg2+ 40. Kc3 Dc6+ 41. Kb4 Te8 ""waarna ik nog kan schoppen, maar op de lange termijn verloren moet staan.'' Het zou misschien nog wel lang kunnen duren, maar na 42. Dxh4+ Kg6 (andere zetten zijn niet beter) 43. Pe5+ Txe5 44. Lxe5 is het eindspel voor wit duidelijk gewonnen. Zwart kan niet op c2 slaan, want dan verliest hij zijn loper. In de partij kon wit na 38. Lh8-e5+ Dg2-f1+ niet meer aan het eeuwig schaak ontsnappen.

Het meest verrassende aan dit bijzondere fragment is de conclusie die er uit getrokken kan worden over het partijverloop. Een messcherpe opening en daarna offerde wit het ene stuk na het andere. Je zou denken dat er drie manieren waren waarop zo'n partij kon aflopen: wit geeft mat, hij geeft eeuwig schaak, of zwart wint door materieel overwicht. Maar volgens de analyse van Kasparov had het allemaal moeten uitlopen (als zwart het correcte 37...Kg8 had gespeeld) op een ongeveer gelijke stelling waarin Short twee pionnen voor de kwaliteit zou hebben.

Je wordt van bewondering vervuld, niet alleen voor de spelers die zo lang onder zulke woeste omstandigheden het evenwicht wisten te handhaven, maar vooral voor het schaakspel zelf. Je kan het schoppen en slaan en er wild tegenaan beuken, maar er blijkt een soort innerlijke stabiliteit te zijn in de stelling. Een storm woedt, geen van de spelers weet waar hij aan toe is, maar de schaakgodin blijft rechtvaardig en garandeert remise voor wie haar niet mishandelt.