Jozef van den Berg mag niet langer wonen bij zijn kist

De voormalige toneelspeler Jozef van den Berg moet vóór 1 november verdwijnen uit de fietsenstalling van het gemeentehuis in Neerijnen. Daar woont hij sinds twee jaar in en om een kist.

NEERIJNEN, 2 OKT. “Ik heb alles achter me gelaten omdat mij iets ontzagwekkends is overkomen”, zegt Jozef van den Berg. “Ik ben tot het besef gekomen dat wij te gast zijn op een feest waarvan wij ons doorgaans niet afvragen door wie en waarom het wordt gegeven. Staande op dat feest met mijn armen vol geschenken heb ik de heer des huizes ontdekt, in een hoekje, heel nederig. En toen heb ik al die spullen uit mijn armen laten vallen. Ik wil de gastheer dienen.”

Jozef van den Berg (44) zit achter zijn kist op het parkeerterrein van het stemmige gemeentehuis in Neerijnen. De voormalige toneel- en poppenspeler ontdekte vier jaar geleden in Antwerpen de grieks-orthodoxe kerk en besloot geen theatervoorstellingen meer te maken. “Omwille van Christus ben ik met het theater gestopt. Er viel voor mij niets meer te spelen. Mijn theaterstukken waren de verbeelding van de verloren zoon geweest. Die was ik zelf geworden.” Twee jaar vocht hij een innerlijke strijd uit. Toen wist hij wat Christus en de Moeder Gods van hem verlangden. Hij verliet zijn vrouw en vier kinderen in het nabijgelegen Herwijnen en na een korte zwerftocht met zijn toneelkist op wieltjes door het Betuwse land kreeg hij van hogerhand de opdracht zich te vestigen in het fietsenhok, tussen de auto's van ambtenaren, achter de door wilgen omheinde hervormde kerk, op het terrein van het voormalige kasteel van de familie Van Pallandt, onder de hazelaar.

“Hij is godsdienstwaanzinnig”, zeggen twee vrouwen in de buurt die het grind voor hun huis aanharken. “Hij is niemand tot last”, zegt de kastelein. “Hij doet geen vlieg kwaad”, zegt een medewerker van camping Klingelenberg in het onder Neerijnen ressorterende dorp Tuil. Zelf zegt hij: “Ik kan alleen maar vragen te geloven dat ik een roeping volg, een opdracht volbreng. Zo ben ik geworden tot wat ik nu ben: een dwaas, een kluizenaar, een kistbewoner.”

De als een pater uitgedoste Van den Berg leeft zonder geld. Inwoners van Neerijnen houden hem in leven. De geschenken stromen toe: levensmiddelen in potten en blikken, een stoel, een zakje sambal, cake uit België, een pak vruchtensap, brood. Van 's 'morgens vroeg tot 's avonds laat krijgt hij bezoek van nieuwsgierigen en zoekenden, van mensen die over het geloof willen praten, en van kinderen. Afgelopen zondag nodigde iemand hem uit om op de parkeerplaats om in een sportauto, die was voorzien van een televisie, te kijken naar een oude opname van zijn theatershows die de VPRO op het scherm bracht. Meestal blijft hij op zondag bij zijn kist. Deze is ingericht als kapel en staat vol iconen, kaarsen en boeken. Vanuit de kist kijkt Van den Berg als vanuit een auto op het parkeerterrein. Elke vierde zondag van de maand draagt een priester uit de grieks-orthodoxe kerk er de mis op.

Hoe heeft het zover met de gewaardeerde poppenspeler kunnen komen? Van den Berg, geboren in Cuijk en katholiek opgevoed, zegt dat hij als kind al graag naar de kerk ging. “Op het feest van de heilige Nicolaas kreeg ik priesterkleertjes waarin ik priesterje speelde. Ik wilde later priester worden maar ben door omstandigheden van dat pad afgeweken. Door het theater ben ik tot Hem teruggekeerd”. Op de vraag of hij het theater mist, antwoordt hij: “Nee. En dat komt doordat de weg die ik ga mij volkomen vervult. Ik kan dat niet bewijzen, ik kan alleen maar vragen te geloven wat ik zeg.”

Naast alle sympathie uit de tien dorpen omvattende gemeente Neerijnen in de westelijke Betuwe, heeft Van den Bergs huishouden ook kwaad bloed gezet. Bewoners verwijzen niet begrijpend naar het onderkomen van de anarcho-christen als hun een bouw- of woonvergunning wordt geweigerd. Tien permanente bewoners van camping Klingelenberg in Tuil moeten per 1 februari hun biezen pakken en ook zij wijzen op de rechtsongelijkheid. Burgemeester A. Janssen kan niet toestaan dat Van den Berg zonder vergunning in het fietsenhok woont terwijl hij andere mensen de deur moet wijzen. “Er is een tijd van komen en van gaan”, zegt een receptioniste op het gemeentehuis. “Het is mooi geweest”, zegt de voorlichter.

Schoolkinderen zijn handtekeningen aan het verzamelen en hopen de gemeente tot andere gedachten te brengen. Van den Berg: “Ik ben hier voorlopig nog niet weg. Nu is het moment gekomen van de ontmoeting met de wereld die niet gelooft dat ik de weg van God volg. Ik weet niet hoe deze ontmoeting zal aflopen. Ik vertrouw op God. Uiteindelijk is het Gods fietsenhok.”

"Ik kan alleen maar vragen te geloven dat ik een roeping volg'

    • Arjen Schreuder