Locale zorgen over extra lawaai door vergroting Schiphol

HOOFDDORP, 1 OKT. Kan een forse uitbreiding van de luchthaven Schiphol samen gaan met een verbetering van het leefmilieu? Dit is de officiële "dubbele doelstelling' van het overheidsbeleid. Maar niet iedereen gelooft erin. “We zien aankomen dat het de verkeerde kant opgaat”, zegt H.B. Wiedemeijer, bestuurslid van het Platform leefmilieu regio Schiphol, waarin circa 45 lokale comités hun krachten hebben gebundeld.

Directe aanleiding voor zijn bezorgdheid is het voorlopige kabinetsbesluit van afgelopen zomer om de regels voor het toegestane lawaai rond Schiphol te versoepelen, dit om de aanleg van een vijfde start- en landingsbaan (parallel aan de bestaande Zwanenburgbaan) mogelijk te maken. De vijfde baan is nodig omdat de luchthaven wil uitgroeien tot grote Europese "mainport' die omstreeks het jaar 2015 drie keer zo veel passagiers als nu en zeven keer zoveel vracht als nu kan verwerken.

Centraal staat nu de zogenoemde planologische kernbeslissing die het kabinet omstreeks de jaarwisseling over Schiphol zal nemen. Die bevat een gedetailleerde opsomming van alle maatregelen die men wil treffen om de

dubbele doelstelling te realiseren. Daarna volgen inspraak en eventuele bijstellingen. Eind volgend jaar zou het kabinet dan een definitieve beslissing kunnen nemen, waarna de Tweede Kamer aan de beurt is.

Veel te laat, oordeelt het Platform. Het is allerminst gerust op “een evenwichtige afloop”, zei Wiedemeijer gisteravond op een bijeenkomst in Hoofddorp die was bedoeld om “de politiek wakker te schudden”. In de voorbereiding van de planologische kernbeslissing blijven volgens hem milieuvriendelijke alternatieven systematisch buiten beschouwing.

De concurrentieslag waarin Schiphol is gewikkeld gaat gepaard met een informatieslag over noodzakelijkheden en wenselijkheden, zo maakte medewerker ir.J.T.J. Fransen van de Stichting natuur en milieu gisteren duidelijk. Hij hekelde de weigering van de stuurgroep die de planologische kernbeslissing voorbereidt om het zogenoemde leefmilieu-alternatief te onderzoeken. Dit plan voorziet onder meer in stringente vliegprocedures voor piloten en strenge controle op de naleving daarvan, het weren van lawaaiige vliegtuigen, het weren van vakantiecharters in de nachtelijke uren en het krachtig stimuleren van het treinverkeer op het Europese continent.

Kamerlid A. Jorritsma-Lebbink (VVD) deelde Fransens zorgen over de gang van zaken. “Er lijkt sprake van een communicatiestoornis. Het ontbreekt bij het Rijk wellicht aan voldoende openheid en eerlijkheid als het over Schiphol gaat.” Maar zij zei dat de omwonenden zich geen zorgen hoefden te maken over vermeende politieke desinteresse. “Wij zijn nog steeds niet aan de beurt, maar dat betekent niet dat wij er geen aandacht voor hebben.”

Haar collega R. van Gijzel (PvdA) zei dat niet al te karig moet worden gedaan als het er om gaat “goede, evenwichtige oplossingen” te vinden. “Het zou heel onverstandig zijn daar 100 of 200 miljoen gulden op te beknibbelen.” Worden zulke oplossingen niet door de voorbereidende stuurgroep aangedragen, dan moeten ze daarna alsnog worden onderzocht, zei hij. “Al kost het 1,5 miljard gulden. Als we daarmee een aanzienlijke verbetering van het leefmilieu bereiken, dan doen we dat toch.”

CDA-Kamerlid M.B.M.J. van Vlijmen was minder scheutig. “Als je Schiphol wilt houden, is er maar één mogelijkheid, en dat is groeien. Het gaat er om dat te sturen, niet om het stop te zetten, want als we dat doen, ziet u hier alles verdwijnen.” Hem viel een boegeroep van de 200 toehoorders ten deel.