Jongens dood aangetroffen in Limburgse grot

CADIER EN KEER, 27 AUG. In het gangenstelsel van de Keerderberg tussen Maastricht en Cadier en Keer zijn gisteren de stoffelijke resten gevonden van twee jongens die de hongerdood zijn gestorven nadat ze waarschijnlijk drie weken geleden in de gangen waren verdwaald.

De jongens, 15 en 17 jaar oud, waren door justitie onder toezicht gesteld en verbleven in de halfopen afdeling van de jeugdinrichting 't Keerpunt, dat op de helling van de Keerderberg ligt.

Een politieman die als een van de weinigen de weg kent in het gangenstelsel, vond gistermiddag tijdens een routinecontrole het eerste lijk. Na een uitgebreide zoekactie, waarbij vanwege het instortingsgevaar een mijndeskundige werd ingeschakeld, werd rond middernacht het tweede lijk gevonden. Volgens de politie wijst de staat waarin de lichamen verkeerden er duidelijk op dat de twee door honger en dorst om het leven zijn gekomen.

De gangen in de berg zijn in de loop der eeuwen onstaan door het uitzagen van mergelblokken die als bouwstenen werden gebruikt. Toen mergel als bouwmateriaal in onbruik raakte, zijn de ingangen van de Keerderberg dichtgemetseld om te voorkomen dat mensen erin verdwalen. Het stelsel staat bekend als zeer gevaarlijk omdat het zonder enige structuur is aangelegd en erbinnen een volstrekte duisternis heerst. De politie vermoedt dat de jongens zijn binnengekomen door de smalle gaten die in de afscheidingsmuren zijn vrijgelaten voor de talrijke vleermuizen, die in de gangen huizen. Mensen van een klein postuur kunnen daar met enige moeite doorheen.

Staatssecretaris Kosto van justitie heeft gistermiddag, meteen nadat hij van de vondst van het eerste lijk op de hoogte was gebracht, de Tweede Kamer ingelicht over wat hij een 'afschuwelijke gebeurtenis' noemde. Inmiddels is op verzoek van de hoofdofficier van justitie in Maastricht de rijksrecherche ingeschakeld. Volgens een woordvoerder van de procureur-generaal in 's-Hertogenbosch moet het onderzoek duidelijk maken wat er precies gebeurd is sinds het ogenblik waarop de vermissing van de jongens werd geconstateerd. Volgens hem kan tot die tijd niet gezegd worden dat de politie nalatig is geweest bij het opsporen van de vermiste jongens of dat de directie van 't Keerpunt onvoldoende toezicht op haar pupillen heeft gehouden.

De directie heeft gisteren laten weten dat er geen enkele aanwijzing was dat de twee jongens, afkomstig uit Deventer en Maastricht, zich in het gangenstelsel konden bevinden. Hun vermissing was op 6 augustus bij de politie gemeld. Omdat de twee al een eerder uit de inrichting waren verdwenen, vermoedde de leiding dat de twee na verloop van enkele weken vanzelf zouden opduiken.