Jeltje van Nieuwenhoven, zojuist vijftig jaar ...

Jeltje van Nieuwenhoven, zojuist vijftig jaar geworden, werd in 1970 lid van de PvdA. Zij werkte als bibliothecaresse bij de Wiarda Beckmanstichting en was medewerkster van Max van den Berg, de toenmalige voorzitter van de PvdA. Ze was tevens bestuurslid van de Rooie Vrouwen. In 1981 werd ze lid van de Tweede Kamer, het jaar daarna verliet ze het parlement korte tijd maar keerde er in 1983 in terug.

Om een beter inzicht te krijgen in het functioneren van het maatschappelijk leven liet mevrouw van Nieuwenhoven zich tijdens de afgelopen weken te werk stellen door een uitzendbureau. Zij bekwaamde zich in dienstverlening, in het bijzonder het schoonmaakwerk.

Donderdag 12 augustus

"Oriëntatie kernproces' vermeldt het stage-programma voor vandaag. Zo'n vermelding zegt niet veel, maar na drie dagen stage is het voor mij het "echte werk' op een uitzendbureau: bemiddelen in tijdelijk werk. Bij Randstad Uitzendbureau wordt dat werk gedaan door "intercedenten', zeg maar "bemiddelaars'.

Het woord "intercedent(e)' (meestal zijn het vrouwen die dat werk doen) is afkomstig van Frits Goldschmeding, de grondlegger van Randstad. "Inter' is tussen en "cederen' is afstand doen. Goed bedacht dus. Zoals de gehele Randstad-groep doordrongen is van dingen die niet zomaar tot stand komen, maar bedacht zijn volgens een bepaald concept. In de politiek zouden we dat ideologie noemen, maar dat woord is nog niet gevallen. Zelf moet ik er voortdurend aan denken.

Na de eerste gesprekken met de Randstad-directie vertaal ik het concept voor mijzelf als: dienstverlening en dienstbaarheid. Dienstverlening is een eer en dienstbaarheid is ook macht. Hopelijk schrikken ze niet te veel, want dit dagboek is openbaar. Het andere deel van het concept is "high volume and low profit'. Randstad Holding, de moeder van Randstad Uitzendbureau, Lavold Schoonmaak en Randon Beveiliging, had in 1992 een omzet van meer dan 3 miljard gulden. Niet alleen actief in Nederland, maar ook elders in Europa en de VS en met in totaal 450.000 indirecte en zo'n 3.600 directe medewerkers. En dit alles voortgekomen uit dat concept van die economiestudent uit Amstelveen die als eerste begon met het bemiddelen van uitzendkrachten.

Het kernproces bezoek ik vandaag in Katwijk. Lenny, Liesbeth en Anne-Marijke vertellen me hoe ze de hele dag bezig zijn en intussen proberen ze mij ook daadwerkelijk aan het werk te krijgen. Dat lukt maar ten dele. Het is een moeilijk vak, zeker voor een buitenstaander. Ik doe m'n best alles te onthouden en kan onder begeleiding zelfs enige telefoontjes plegen. Terugrijdend naar Amsterdam realiseer ik me dat, hoe verschillend ieder mens is, de werknemers van Randstad in Katwijk niet verschillen van die in Amsterdam waar ik gisteren was. De bedrijfscultuur lijkt op het eerste gezicht informeel, iedereen heeft een voornaam. Er heerst een grote decentrale verantwoordelijkheid, maar wel degelijk met een zeer centrale aansturing vanuit het hoofdkantoor.

Vrijdag

Vandaag naar de vestiging van Tempo-Team in Rotterdam. Wat nu, op bezoek bij de concurrent? Nee, ook Tempo-Team is een onderdeel van Randstad Holding. Het kernproces is hetzelfde, de huisstijl verschilt veel. Regio-manager Albert Los legt me uit dat het soms moeilijk is dat je bij de concurrentie tussen uitzendbureaus ook altijd te maken hebt met een zusje.

Bij de lunch zijn opdrachtgevers van Tempo-Team aanwezig. We praten over het uitzendwerk maar, bijna onvermijdelijk, ook over politiek. De vraag aan mij, waarom Tweede-Kamerleden op deze manier bezig zijn, komt, zoals eigenlijk al de hele week, ook hier weer aan de orde. Dat het meestal op uitnodiging van het bedrijfsleven wordt georganiseerd en dat meerdere Kamerleden dit "werk' gedurende het reces doen, wordt zeer gewaardeerd. Eerlijk gezegd is het erg vermoeiend, maar verrassend en informatief genoeg om ermee door te gaan. Wat me hier in de vestiging Lijnbaan van Tempo-Team erg opvalt is de vrolijkheid en de hartelijke uitstraling waarmee de mederwerkers aan het werk zijn. Dat de hoofdkleur van de huisstijl rood is (bij Randstad blauw), zal daar toch niets mee te maken hebben?

Zaterdag

F. komt koffiedrinken en heeft heerlijke appeltaart meegebracht. Hoewel we elkaar meer dan 15 jaar geleden via de PvdA hebben leren kennen en beiden nog altijd zeer actief zijn binnen die club praten we lang niet altijd over politiek. De situatie waarin de PvdA verkeert, geeft daar nu wel veel aanleiding toe en we zetten voor onszelf maar weer eens wat zaken op een rijtje. De rest van de dag gaat op aan boodschappen doen en familie.

Zondag

Gelukkig komt Marja helpen om de rest van de appeltaart op te eten. Ze is aan het verhuizen en dat geeft veel gesprekstof. Vanavond ga ik naar de première van The Phantom of the Opera en M. geeft advies over wat ik "aan moet'. Dat blijkt zoals meestal weer te kloppen.

Aan het eind van de dag vertrek ik naar Den Haag om vriend H.B. af te halen. Hij is een man die een smoking draagt alsof het een pak is, valt me nu ook weer op. We eten bij De Vliegh, lekker buiten met uitzicht op het Circustheater en het Kurhaus. Het is een raar moment, maar we komen opeens op de oorlog in Joegoslavië. De machteloosheid die je voelt, maar ook de wat merkwaardige discussie over het opvangen van patiënten in ons land. Merkwaardig omdat het getal 5 natuurlijk te gek lijkt, en we toch weten dat Nederland binnen Europa in de opvang van mensen uit het oorlogsgebied werkelijk een goede rol speelt. Het kan natuurlijk altijd mooier en beter constateren we en dus moet de druk er op blijven.

En dan The Phantom. Wat een kwaliteit, zowel het zingen als de show. Ik geniet er zeer van. Ja hoor, ook ik had het al in New York gezien. De voorstelling hier is beter en mooier. Het Circustheater is prachtig verbouwd en burgemeester Havermans en enkele van zijn wethouders lopen dan ook trots rond over deze aanwinst van Den Haag. Ik feliciteer Joop van den Ende met deze mijlpaal en wacht vol spanning op de volgende, want die komt er vast.

Maandag

De ochtendkrant doet zoals zo vaak weer even schrikken. De CDA-verkiezingsprogram-commissie stelt voor het minimum-loon af te schaffen. En wij halen natuurlijk onmiddelijk hond Pavlov uit zijn hok. We zijn boos en vinden het onzin! Dat is het ook. Gelukkig legt collega Van Zijl uit dat het probleem veel meer zit in de loonkosten, en dat we in PvdA-kring al langer bezig zijn te kijken hoe we in de bruto-sfeer de lasten kunnen verlagen. Daar hoeven het netto minimum-loon en de daarmee verbonden uitkeringen niet bij in discussie te komen. Alles kan natuurlijk, maar waarom zou je deze goede regeling op de helling zetten als er zoveel andere instrumenten zijn om de werkgelgenheid te bevorderen?

Daarmee aan het werk dus. En ik reis af naar Lavold, de schoonmaak-tak van Randstad Holding. Algemeen directeur Jan Herlaar en zijn mede-directieleden geven uitleg over het bedrijf. Arbo- en milieu-wetgeving bespreken we, maar ook het negatieve imago van schoonmaken. Bijna altijd "negatieve feedback', wat het werken in deze sector vooral voor de schoonmakers erg moeilijk maakt. We klagen allemaal als onze werkomgeving niet goed schoongemaakt is, maar meestal weten we niets af van de afspraken die met het schoonmaakbedrijf gemaakt zijn. Dat zichtbaar schoon een zeer individuele beoordeling is, maakt het nog ingewikkelder. Dat je geen chloor wilt gebruiken en dat het daardoor met vervangende middelen wel dezelfde kwaliteit schoon kan opleveren, maar er misschien minder schoon uitziet. Dat zeker in de randstad mensen vaak kortstondig in deze bedrijfstak werken en dat de organisatie van het werk, met veel ziekteverzuim, zwaar is.

Ik zeg het maar eerlijk, het duizelt me. Dat er zoveel bij komt kijken wist ik in ieder geval niet. Er zijn meer dan 2.000 schoonmaakbedrijven in Nederland. Ongeveer 600 daarvan zijn georganiseerd in de Ondernemersorganisatie Schoonmaak Bedrijfsdiensten (OSB). Samen hebben die 600 ongeveer 2/3 van de markt. Extra moeilijk dus om aan het lage profiel van dit werk iets te doen. Meer dan honderdduizend mensen trekken iedere dag vaak part-time er op uit om schoon te maken. In de randstad is ongeveer 60 procent van de werknemers van buitenlandse afkomst. Dat geeft taalproblemen, want ook bij schoonmaken is communicatie heel belangrijk.

Woorden als normbewaking, kwaliteitsontwikkeling, scherpe prijs-calculatie van concurrenten en altijd lage winstmarges en veel certificaten maken me nieuwsgierig naar de praktijk van het werk.

Dinsdag

Alweer Rotterdam, dit keer de Lavold-vestiging. Directeur Wim Schut ontvangt me. De bonus-malus-regeling in de nieuwe WAO-wetgeving geeft in deze sector veel problemen. Ik probeer het nog eens uit te leggen, want het gesprek gaat altijd alleen over de malus en nooit over de bonus. Toch besef ik dat juist in deze sector (maar anderen zullen er meer weten, denk ik) met zeer lage winst-marges het gauw kan oplopen. Er zal in de komende tijd, ook in de politiek, nog veel over deze regeling gesproken worden, denk ik. Vaak mag en moet de praktijk ook achteraf tot heroverweging in de wetgeving leiden. Binnen Lavold is het bestrijden van ziekteverzuim zeer krachtig ter hand genomen. Men prijst zelfs bijna de wetgever die dat in gang heeft gezet. Alleen al in de vestiging Rotterdam is vanaf september vorig jaar een daling van 4 procent waar te nemen.

Zo wordt er geprobeerd over te gaan op dag-schoonmaak. Meer winst zal het niet opleveren, maar wel geeft het andere voordelen, zoals contact en communicatie tussen schoonmakers en diegene voor wie schoongemaakt wordt en daardoor imago-verbetering. Meer binding van schoonmakers met het werk waardoor ze soms langer blijven en dus minder organisatie voor de managers.

Er is tijd voor een bezoek aan het stadhuis. De moeilijke omstandigheden in een oud gebouw worden aanschouwelijk uit de doeken gedaan door het hoofd van de huishoudelijke dienst De Veld. Het valt me op hoe enthousiast en serieus hij over het schoonmaken en het belang ervan spreekt. Dan is het tijd voor de voorzitter van de OSB. Anneke van Leeuwen, die ik al vaker maar dan in heel andere hoedanigheid ontmoet heb, is in staat in een uur zoveel informatie over te dragen dat het me opnieuw duizelt. Ze is ook voorzitter van de Europese organisatie van schoonmaakbedrijven. De EG-richtlijnen geven in deze sector nog veel onduidelijkheid vooral in de concurrentie tussen de verschillende landen. Ze is optimistisch, we komen daar wel uit zegt ze. Twaalf jaar geleden is de OSB gestart, de sector kent van oudsher veel familiebedrijven met een eigen cultuur en is zeer welvaartsafhankelijk. Economische teruggang merkt men vrij snel, omdat men ondanks de oplopende kwaliteitseisen van schoonmaken toch vaak op dit "extra' probeert te bezuinigen.

Met rayon-manager Hetty Jordaan van Lavold een bezoek aan het PTT-knooppunt. Prachtig gebouw maar veel schoonmaakvriendelijkheid is in de bouw niet overwogen. Dat wordt bijna nergens echt gedaan, maar ik ben nu al zo afgericht dat het me opvalt.

Mijn sociale leven speelt zich deze weken vooral per telefoon af. Vandaag heeft mijn antwoordapparaat weer zeven boodschappen en elf mensen hebben het opgegeven, zie ik. Daar ben ik dus een mooie tijd zoet mee. Antwoordapparaten zijn onvermijdelijk, maar kosten veel tijd. En wat je had willen horen staat er nooit op. Geke staat er vandaag voor de vierde keer op. Wij communiceren nu al dagen op deze manier.

Woensdag 18 augustus

Amsterdam Lavold vandaag. De vestiging is op loopafstand in mijn straat en ik wordt opgewacht door Helmy Slings van de KRO die vanochtend meeloopt voor het programma Dingen die gebeuren. Ik krijg een spoed-basiscursus schoonmaken van Diny Heijstek. Directeur Westphal eindigt de cursus met de woorden: vertrouwen is goed, maar controle is beter.

Dan naar het Henriette Roland Holst bejaardentehuis. Schoonmaken is hier één ding, maar communicatie met de bejaarde bewoners vergt nog weer speciale zorg. Hoewel ik hier nu ben om schoon te maken. Ja, ik heb heel even zelf een poetsdoek gehanteerd. Afsluitend spreek ik met de ondernemingsraad van Lavold. Vorige week sprak ik met de ondernemingsraden van Randstad Uitzendbureau en Tempo-Team en in beide gevallen merk ik op met hoeveel enthousiasme over dienstverlening wordt gesproken.

Mij is de afgelopen weken vooral opgevallen dat er sprake is van zeer moderne bedrijfsvoering met veel flexibiliteit ten opzichte van de bedrijven waarvoor gewerkt wordt. Maar de eigen organisatie blijkt vrij conservatief als het om flexibilisering van de werktijden gaat. En dan het door Quist ontworpen gebouw van Randstad Holding. Prachtig en - het zal niet verbazen - zeer schoonmaakvriendelijk.

Morgen en overmorgen nog Randon beveiliging, de beveiligingstak van het bedrijf. Ook dienstverlening, maar weer van geheel andere aard. Ik blijf nieuwsgierig!