Inge de Bruijn slechts vierde op vlinderslag

SHEFFIELD, 7 AUG. Waar Inge de Bruijn faalde, slaagde Cathérine Plewinski uit Frankrijk. Zij versloeg gisteren in Sheffield op het Europees kampioenschap zwemmen Franziska van Almsick, de Duitse ster van het toernooi, die al vier gouden medailles had veroverd. Inge de Bruijn aasde op de Europese titel 100 meter vlinderslag, voor Van Almsick een bijnummer, maar werd teleurstellend vierde achter Plewenski, Van Almsick en de Duitse Betina Ustrowski.

De Bruijn kon er geen traan om laten. Bondscoach René Dekker vond dat merkwaardig, zelf begreep ze er ook niets van. “Is dit het nou? Ik ga straks gewoon nog een keer. Wat een shittoernooi.”

Plewinski leidde van begin tot eind. Halverwege lag De Bruijn nog in tweede positie, voor Van Almsick, maar ze zakte in de laatste twintig meter terug. Karin Brienesse, die achter De Bruijn en Plewinski als derde de finale had bereikt, werd achtste. “Ik ben blij voor Cathérine, want Van Almsick heeft al zo veel goud. De volgende keer gaat Cathérine er trouwens wel aan”, zei De Bruijn.

Volgens Dekker lag de vierde plaats aan het gebrek aan power in de slagen van De Bruijn. Ze maake haar slagen niet af en haar heupen zakten in het water weg. “Maar dat zijn technische verklaringen. Ik verwachtte meer emotie.”

Niet bekend

In technisch opzicht wordt De Bruijn op Plewinsi na gezien als Europa's beste vlinderslagspecialiste. Zij zwom onlangs nog het Europese record op de 50 meter. Van Almsick, die volgens belofte haar nieuwe, zwaar gesponsorde, zwempak probeerde, zwemt op de training nooit vlinderslag.

“Inge nadert op de vlinder de perfectie”, zei haar trainer Erik van Westen. “Op iedereen heeft ze een voorsprong in techniek. Je kunt haar midden in de nacht wakker maken en ze zwemt die 100 vlinder.” Voor Van Almsick was er geen sprake van een tegenvaller. “Ik had op niets gerekend. Dan is de tweede plaats mooi.”

Ook bij een beter resultaat zou De Bruijn, die deze zomer haar HAVO-opleiding voltooide, niet in het spoor van Marcel Wouda naar de Verenigde Staten zijn vertrokken. De sportuniversiteiten van Miami, Gainesville en Michigan lonken, maar De Bruijn vindt het maar niks halverwege het seizoen de omschakeling te maken. “Ik wil wel gaan kijken. Vaak word ik gebeld door coaches. Maar ik wil eerst de mensen zien en bekijken of het land mij bevalt.”

Marcel Wouda speelde gisteren een bijrol. Na zijn derde paats op de 400 meter wissel had hij een dagje rust genomen. Met de 400 meter vrij hervatte de Wouda zijn harde praktijk. Omdat hij de series te voorzichtig aanpakte, kwam de in Amerika geharde Brabander niet in aanmerking voor de eindstrijd. Toch benaderde hij hij Nederlands record van Richard Granneman tot op enige tienden. In het weekeinde zal Wouda nog uitkomen op de 1500 meter vrij en en de 200 meter wissel.

Madelon Baans kreeg in een B-finale een herkansing. Op de 100 meter schoolslag eindigde de vijftien-jarige debutante als zesde in 1.12,36. Ze scherpte haar persoonlijk record uit de serie met drie-honderdste aan.

Kirsten Vlieghuis heeft zich geplaatst voor de finale van vandaag op de 800 meter vrij. Zij zwom in de serie de zevende tijd. Vlieghuis, eerder zevende op de 400 meter, noteerde 8.47,51. Dat is vijf seconden boven haar beste tijd, waarmee ze twee jaar geleden in Antwerpen Europees jeugdkampiene werd. Kira Bulten, die bij het busongeluk van de Nederlandse ploeg op weg naar Sheffield licht gewond raakte en daardoor enige trainingsdagen miste, plaatste zich op de 100 meter school niet bij de beste zestien. Bulten werd 23e in 1.13,28.

De Europese titelstrijd heeft niet gebracht wat de Nederlandse waterpoloploeg ervan had verwacht. De zesde plaats was het doel, de achtste plek zal waarschijnlijk het lot zijn. Tenzij op de voorlaatste toernooidag van Rusland wordt gewonnen. Nederland verloor gisteren in Sheffield van Kroatië met 15-6.

Omdat het resultaat van de flater tegen Griekenland uit de voorronde nog blijft tellen, staat Nederland met lege handen in de strijd die ten hoogste de vijfde positie kon opleveren. Nederland heeft in Engeland geen waterpolo op hoog niveau gespeeld. Daar zijn kennelijk oefentoernooien voor. Enige weken voor de titelstrijd won de selectie van Ivo Trumbic verrassend van Olympisch kampioen Italië om vervolgens tegen Kroatië gelijk te spelen (10-10).

Trumbic sprak gisteravond veel. “Om ze wakker te houden. Ze kunnen best wel wat. Maar ze zijn dat zo weer vergeten.” Meestal riep Trumbic op luide toon aanwijzingen in het grote bad van Ponds Forge. Het Nederlands van de Kroaat is echter zo bizar dat zijn vroegere landgenoten hem beter schenen te begrijpen dan zijn eigen volgelingen. Elke zet lokte een tegenzet uit en alleen in de eerste periode was sprake van werkelijke strijd (3-4).

Kroatië wist toen al wat het aan de tegenstander had. Een paar mooie momenten van Rosner, een paar geslaagde acties van Stan van Belkum, een fraaie redding van Arie van de Bunt. Echt krachtige schoten kwamen van Vasovic en Antonio Milat. Kenmerkend was de wijze waarop deze Kroaat een minuut voor tijd de laatste treffer op het bord bracht. Uitgebreid overwoog hij aan welke kant hij Van de Bunt zou passeren. Hij koos voor links en scoorde.