HET EINDE VAN EEN KROONKOLONIE

The End of Hong Kong. The Secret Diplomacy of Imperial Retreat door Robert Cottrell 244 blz., gell., John Murray 1993, f 65,65 ISBN 0 7195 4992 2

De Britse kroonkolonie Hongkong bestaat uit drie delen die in de afgelopen anderhalve eeuw tot een eenheid zijn gegroeid. Eerst was er alleen een eiland (dat Hongkong heette), toen kwam er een schiereiland (Kowloon) bij en later werd er het stuk land aan toegevoegd dat het schiereiland met het vasteland van China verbindt, de zogeheten New Territories.

Het is deze historische-geografische ontwikkeling die in feite bepalend is voor de toekomst van Hongkong: de uitbreiding met de New Territories uit 1898 is er de rechtstreekse oorzaak van dat China nu binnen vier jaar zijn gezag over geheel Hongkong terugkrijgt.

Het eiland Hongkong werd in 1841 een onderdeel van het Britse wereldrijk als resultaat van de Opiumoorlog. Het jaar daarvoor hadden de Britten een oorlogsvloot naar Guangzhou (Canton) in het zuiden van China gestuurd om hun lucratieve opiumhandel, waaraan de Chinese autoriteiten een einde dreigden te maken, veilig te stellen. Deze actie leidde tot een verdrag waarbij China zich verplichtte de opiumhandel te gedogen, de schade te vergoeden, een aantal havens voor buitenlandse (lees: Engelse) handel open te stellen en Hongkong, een dunbevolkt visserseiland in de monding van de Parelrivier, ""voor eeuwig'' aan Groot-Brittannië af te staan.

De nieuwe kolonie groeide buitengewoon voorspoedig (in vijftien jaar vertienvoudigde de bevolking) en in 1858 zagen de Engelsen kans het er tegenover gelegen schiereiland Kowloon zonder slag of stoot in bezit te nemen. Zij bezetten het met een legertje dat zij voor een tweede Opiumoorlog op de been hadden gebracht en in 1861 dwongen ze de Chinezen ook Kowloon ""voor eeuwig'' aan hen over te dragen.

Om de grens tussen Kowloon en het Chinese keizerrijk te markeren, richtten de Chinezen een hekwerk van bamboepalen op over de volle breedte van het schiereiland. Op deze plaats loopt nu een brede, drukke straat, Boundary Street, die, zo blijkt uit The End of Hong Kong, Robert Cottrells even gedegen als gedetailleerde reconstructie van de recentste geschiedenis, een cruciale rol heeft vervuld in de beslissing van Groot-Brittannië om per 1 juli 1997 afstand van zijn kolonie te doen.

TIJDELIJKE BASIS

Boundary Street bleef tot 1898 de noordelijke grens van Hongkong/Kowloon. In dat jaar kregen de Britten - ditmaal zonder geweld - toestemming hun gebied met een flink stuk land uit te breiden, de New Territories. Het was de bedoeling dat het een overdracht zou worden die net zo "eeuwig' zou zijn als die van Hongkong en Kowloon. Maar de Chinezen overtuigden de Engelsen ervan dat zij in dit geval met een langdurige pachtovereenkomst genoegen moesten nemen, net als de andere Europese landen (Frankrijk, Duitsland en Rusland), die op soortgelijke tijdelijke basis stukken van China hadden geannexeerd. Geen "cession in perpetuity' dus, maar een "lease' voor 99 jaar. Deze pachtovereenkomst loopt op 30 juni 1997 om middernacht af.

Engeland, schrijft Cottrell (die van 1982 tot 1988 als dagbladcorrespondent in Hongkong werkte), accepteerde de overeenkomst om buitenlands-politieke redenen, maar was absoluut niet van plan de New Territories ooit nog aan China terug te geven. Het beschouwde het gebied van het begin af aan als een integraal onderdeel van Hongkong - en dat is het in de praktijk ook geworden. Boundary Street, op de afscheiding tussen het "cession'-gebied en het "lease'-gebied, vormde daarvan een uitstekend voorbeeld.

Twee maanden voordat Margaret Thatcher in 1982 naar Beijing zou gaan om met Deng Xiaoping van gedachten te wisselen over de toekomst van Hongkong, werd er in Downing Street onder haar leiding een discussie gevoerd over het standpunt dat Groot-Brittannië in de onderhandelingen zou innemen. Zelf was Thatcher er een voorstander van alleen de New Territories in het kader van de pachtovereenkomst aan China te retourneren, maar de beide andere delen van de kolonie, die immers voorgoed door China aan Engeland waren afgestaan, indien mogelijk te behouden.

De toenmalige gouverneur van Hongkong, Sir Edward Youde, liet met behulp van foto's en statistieken zien dat dit een onhoudbaar standpunt was: de New Territories vormden met de rest van Hongkong een ondeelbaar geheel en Boundary Street was ""net zo'n natuurlijke grens als, zeg, Euston Road in Londen''. Daarmee was het pleit beslecht, al moesten de onderhandelingen tussen beide landen toen nog beginnen. De onderhandelingen namen twee jaar - en de hoofdmoot van dit boek - in beslag, want Groot-Brittannië was vastbesloten de soevereiniteit en het bestuur over Hongkong niet zo maar uit handen te geven: ""Beter om te vechten en te verliezen dan om helemaal niet te vechten.'' China van zijn kant betwistte de rechtsgeldigheid van de drie verdragen waarmee Engeland Hongkong in zijn bezit had gekregen, omdat het hier om ""ongelijke overeenkomsten'' uit de koloniale tijd zou gaan.

ACHTERHOEDEGEVECHTEN

The End of Hongkong brengt het verloop van die onderhandelingen, hun voorgeschiedenis en de voortslepende achterhoedegevechten die de Engelsen tot op de dag van vandaag tegen de Chinezen blijven voeren, met grote precisie in beeld, al voert de auteur verontschuldigend maar met misplaatste bescheidenheid, aan dat zijn boek als gevolg van de geheimzinnigheid die de besprekingen omringde, slechts ""op zijn best een vluchtige schets van de recentste ontwikkelingen'' kan zijn.

Onweerlegbaar toont Cottrell hoe de "imperial retreat" al omzichtig aan het eind van de jaren zeventig werd ingezet, toen de toenmalige gouverneur van Hongkong, Sir Murray Maclehose, naar Peking ging met de opdracht om vooral het aflopen van de "lease' van de New Territories in 1997 niet te berde te brengen. Hij moest er bij de Chinezen achter zien te komen hoe zij dachten over een verlenging van de pachtovereenkomsten (die allemaal op 27 juni 1997 expireerden) waarmee de regering van Hongkong hier stukken grond had uitgegeven.

Om geen slapende honden wakker te maken, diende hij deze zaak veel meer als een commercieel dan als een politiek probleem aan de orde te stellen, ""er de nadruk op leggend dat Groot-Brittannië (...) er alleen op uit was het investeren op lange termijn te bevorderen in het belang van Hongkong zelf''. Maar Deng trapte er niet in. Van meet af aan maakte hij duidelijk dat de Volksrepubliek de soevereiniteit over Hongkong bezat en dat alle onderhandelingen over de bestuurlijke, politieke en economische structuren van de toekomstige kapitalistische enclave binnen ""ons socialistische systeem'' op die onaantastbare premisse moesten zijn gebaseerd.

Wie wil weten hoe die onderhandelingen vervolgens verliepen en wat er vanaf de ondertekening van de resulterende "Joint Declaration', eind 1984, tot en met de komst van de laatste gouverneur, Chris Patten, allemaal nog voorviel, leze vooral The End of Hongkong. Men bedenke echter wel dat de definitieve versie van dit boek pas na middernacht van 30 juni 1997 kan verschijnen, als het einde van het huidige Hongkong echt is aangebroken.